54 resultaten

1602-05-13 |

Bissch Oud Arch Haarlem doos 61 dossier VIII no 2-6
Jaartallenindex

kwitantie van Cornelis van Myerop voor Philippa van Duvenvoorde, weduwe van der Does, wegens hetgeen zij schuldig was gebleven inzake de administratie van het weeskind Nidtzen. Memorie van hetgeen mevr. v.d. Does heeft ontvangen vanwege dit weeskind, geleverd in handen van haar neef Peter van Roon. Aantekening betreffende de verantwoording van de boedel van Pieter van Roon aan het weeskind van jhr Carel van Nitsen, alsmede van hetgeen de vrouwe v.d. Does daaraan nog schuldig is, van ca 1600. 1602-05-13: memorie van hetgeen Philippa van Duvenvoorde vrouwe van der Does toekomst van de ontvanger van Myerop, o.a. uit het sterfhuis van Pieter van Roon, voogd van het kind Nidsen

1559-05-19 |

R.A.H. Coll Aanw 261 fol 300v/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex

alzoe Engelbrecht van Heeckeren als man en voogd ofte getrout hebben jouffrouwe Christina Gijsbrechtsdochter van Meerle, eertijts weduwe van Jacob van Wena, den Hove van Holland bij requeste vertoond heeft dat dezelve jouffr. Christina bij de voorn. Jacob van Wena in echtelijke staat geprocreert heeft 4 kinderen, noch in levenden lijve en onmondig zijnde, die ab intestato erfgenamen zijn van hun vader. Daar na het overlijden van Jacob niemand gereflecteerd heeft op de voogdij en administratie van hun goederen, zelfs niet nadat hun moeder hertrouwd was, verzoekt suppliant om Willebroert Vuytenbroeck, secretaris van Dordrecht, met de voogdij te belasten, aan welk verzoek het Hof voldoet

1468-03-19 |

R.A.H. Coll Aanw 238 fol 449v/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex

Jan van Assendelft, rentmeester van Noorthollant, stelt dat hem door de heren van de Rekening gelast is "als dat hij zekeren turf die hij t anderen tijden bij bevele als boven an die N.Z. van den bossche van den Hage Hout heeft doen delven, vercopen zoude ende mit den gelden daeraff comende jonge eycken en jonge elst copen ende poten zoude in t zelve bosch tot onderhoudenisse van dien". Dat heer Phillips van Wassenaer dit echter niet wilde toestaan, daar hem de administratie en het regiment van het voorn. bosch was opgedragen. Het Hof verwijst deze kwestie ter beslissing aan de Genad. Heer, de Cancelier en de heren van de Groote Raad

1552-01-16 |

R.A.H. Coll Aanw 255 fol 389/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex

de heer van Assendelft geeft te kennen als testamentoer ende tutoer van den wieeskinde achtergelaten bij wijlen Aelbrecht Aelbout van Avesaet en joffr. Marie van Assendelft Barthoudsdochter, moeder van het weeskind, hoe dat mr Pieter van St Pieters, secretaris ordinaris van denselven Hove in den jare 1540 tot versouke van den supplianten by denselfden Hove gecommitteerd is geweest totten ontfang, handelinge en administratie van alle des weeskinds goeden voor de tijd van tien jaren. Mr Pieter was echter in 1549 overleden, zodat de pachten en renten sedert ongeind zijn gebleven. Zij verzoeken nu om Willem Jansz Schouten te committeren om de inkomsten van renten en pachten over deze 2 jaren te innen. Het Hof doet dit

1517-04-04 (1516) |

A.R.A. 490 no 306/Sent. Hof van Holland
Jaartallenindex

de voorkinderen van Joest Willemsz Zoet contra de weduwe en erfgenamen van wijlen Jan Claesz als voogd en administratie binnen zijn leven gehad hebbende van den nakinderen van den voirs. wijlen Joest Willemsz Zoet, ende Willem Joestenzoon, en van die naekinderen van wijlen Joest Willemsz Zoet ende Zeger Jacobsz ende Dirck Heynricsz als voochden van denzelven naekinderen, gedaechden. Impetranten eischen betaling van 700 Rijns gld hun bij uitspraak van goede mannen voor hun moederlicke erve toegezegd, en eischen executie van de goederen van den boedel gelegen in diverse jurisdictien. Het Hof doet de weduwe en erfgenamen van wijlen Jan Claesz voorn. uit het proces evenals Zeger Jacobsz en Dirck Heynricsz. Het Hof beveelt verder dat Willem Joestenzoen zal antwoorden ten principale

1545-11-10 |

R.A.H. Coll Aanw 250 fol 420v/Memorien Hof van Holland
Jaartallenindex

request van Cornelis van Lyesvelt, dat hij suppliant meer dan 16 jaar uitlandich is geweest, ende nu onlancx te lande herwaerts over weder t huys gecomen es, zo vond hij hem zekere schone goederen anbestorven zijn. Daar hij bij sommige tijden zijn verstand en zinnen impotent is, hebbende en zich zelf niet in staat voelt om zijn goederen in Holland en Utrecht te beheren, had hij het Hof van Utrecht verzocht hem onder voogdij te stellen. Dit Hof had Jacob Veen Jansz, burger tot Schoonhoven, belast met de administratie van zijn goederen. Daar hem ook in Holland zowel van zijn vader als van zijn moeder goederen aanbestorven zijn, interdiceert ook het Hof van Holland hem het beheer van zijn goederen, en belast hiermede eveneens Jacob Veen Jansz

Swieten, van | 1468-08-04

Coll Aanw 240 fol 1092
Achternamenindex

Willem van Zwieten leende aan Jan Wandele 2x 2 £ groten Vls, hem door het gerecht te 's Hage toegeschat; beiden zijn suppoosten bij het Hof zodat het Hof de zaak aan zich trok; Jan Wandel antwoordt dat toen Willem ontslagen was als procureur van de landen van Arkel, Putten en Strijen, hij bij hem aanklopte om in de gunst hersteld en weer officier te mogen worden, zo mogelijk de administratie van de stapelrechten van Naerden waarvoor hij wel 100£ wilde betalen [zie akte]

1508-02-14 |

Kroniek Hist Gen jg 1846 p 241, 247/Arch 5 Kapittels Utrecht
Jaartallenindex

de bisschop van Utrecht meldt aan deken en kapittel ten Dom, op de klacht tegen zijn Raad en Vicaris Herman van Lochorst, ter zake van de administratie van het geestelijk rechtsgebied, dat hij hem dadelijk zal horen "als billicken is" en dan daarin "geboirticke" laten geschieden. Hij verzoekt inmiddels niets tegen van Lochorst te ondernemen. Op 18 Febr. bericht de bisschop dat hem bij nader onderzoek is gebleken dat Herman van Lochorst niets bijzonders gedaan heeft. Hij verzoekt derhalve dit geding te laten rusten en een dag te bepalen om de gebreken onder zijn gehoer te brengen. Op 1508-07-11 verzoekt de bisschop aan deken en kapittel ten Dom in hun geschil met Herman van Lockhorst capitulum per sacramentum te beleggen, en hem daarvan verslag te doen

Persijn | 1722-01-17

R.A.H. Not Arch Edam 631, 632
Achternamenindex

testament van Marten Persijn, koopman te Edam, ziek te bed liggende: hij herroept het testament dd 1698-05-11, met zijn vrouw verleden voor notaris Jacob Ketel te Monnikendam. Hij institueert zijn zoon Gerrit Persijn in zijn blote legitieme portie; zijn zoon Jacobus Persijn wordt universeel erfgenaam, onder voorwaarde dat hij blijft wonen in het huis van zijn vader, met dezelfde nering. Executeurs: Claas Dekker en Roelof Boot. Trijntje Burgers, moeder van de kinderen mag zich niet bemoeien met de voogdij over de kinderen en de administratie. 1725-12-17: hij passeert een procuratie

1557-04-28 |

R.A.H. Coll Aanw 260 fol 143/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex

alsoe Claes van Dam Adriaensz ons bij requeste verthoont heeft dat hij bij denselven Hove gestelt zijnde curator over de weeskinderen van Joost van Ratingen, wijlen baljuw van Heenvliet, genaamd Joostken, totter administratie van den goeden desselven weeskints hem bij sijn moeder jvr Anna van Leeuwen achtergelaten. Dat nu in maart j.l. Joost van Ratingen overleden is, achterlatende zekere kinderen uit zijn eerste huwelijk een Joosken voorn. uit zijn tweede huwelijk als zijn erfgenamen. Aan Joosken bestorf ½ van de meubele goederen uit zijn moeders erfenis. Hij verzocht nu tot scheiding en deling te mogen overgaan, hetgeen hem toegestaan wordt. Op de margine stond: "uyt cracht van dewelke hij met juffr. Anna Ruychrocksz weduwe Diderics van Leeuwen hem hadde gevonden tot Heenvliet", daar de meubelen gedeeld in porties en deze verloot (houtwerk was in t openbaar verkocht). Hij ontvangt vergunning om deze goederen aldaar in openbare veiling te verkopen