11 resultaten

1488-04-30~ |

R.A.H. Coll Aanw 178 fol 315/Inv anno 1441 fol 159
Jaartallenindex

eenen brief daermede heer Gerrit van Abbenbrouck, ridder, der graeflicheijt van Hollant ende heerlicheijt van Put opdraegt seeckere goeden in der heerlicheijt van Put gelegen [zonder datum]

1447-11-10 |

R.A.H. Coll Aanw 178 fol 307
Jaartallenindex

eenen brief daerin die joncheer van Wassenaer overlevert alle die parcelen van leenen die hij van der graeflicheijt hout ende sculdigh is te houden. Datum 10 Nov. anno XLVII

1400 |

R.A.H. Coll Aanw 181 fol 71/Groot Repertorium mr P. Beoostenzwene
Jaartallenindex

item eenen brief dair heer Gherijt van Heemskercke mede gelooft hertoghe Aelbrecht 16 mergen lants te lossene ende te beleggene bij hem oft bij andere tot der Graeflicheijt behouf. Datum 1400

1488-04-30 |

R.A.H. Coll Aanw 182 fol 47v/Inv anno 1498 fol 22v
Jaartallenindex

eenen brief daermede heer Gerrit van Abbenbrouck der graeflicheijt opdraegt seeckere visscherien ende andere partyen leggende in den lande van Poertugaal in der heerlicheyt van Putte, om weder te ontfangen ten erfleen

1391 |

R.A.H. Coll Aanw 182 fol 46/Inv Brieven Tresorie anno 1498 fol 21v
Jaartallenindex

eenen brief daermede heer Jan van Vyanen, ridder, gelooft der Graeflicheijt van Hollandt op te dragen te leene binnen seeckeren tijt aldaer verclaert soe veel lants als hem ten eygen gegeven is

1494-12-02 | Overveen, Tetrode

Bissch Arch Haarlem 11 kl A no 23
Haarlem Algemeen

leenmannen der graeflicheijt van Hollant oorkonden dat Gerijt Jansz ten vrijen eigen verkocht heeft aan zynen neve Jan Jacobsz een sate lants mitter huijsinge ende geboemte daerop staende, ende dairtoe Pylslant, zoe groot ende cleyn als de vors. Jan Jacobsz dair mede int erfhuyrbouck geset is, gelegen ende gestaen in den ban van Tetrode. In dorso: Dits de coepbrief van Jan Jacopsz saet op Overveen

Jan van Schoten (zegel: 1 en 4 een klimmende leeuw, 2 en 3 een kruis) en Evert Jansz van der Meer (twee dwarsbalken beladen met 5 spitsruiten, 3,2), leenmannen

1477-05-10 |

R.A.H. Coll Aanw 178 fol 370v/Inv anno 1441 fol 189v
Jaartallenindex

eenen brief daermede heer Jacob bastaert van Borsselen, ridder, als principael casteleyn ende drossaet van den slote ende lande van Arkel, ende sijn broeder Daniel die bastaert ende Willem van Swieten, griffier van Holland, als borgen hunluiden in verbinden op lijf ende goet, tselve slot wel te bewaren ende te leveren tot behoef van der graeflicheijt van Holland ende oick opt selve verbant, goede reeckeninghe ende bewijs te doen van t drossaetschip voirs.

1438-10-10 |

R.A.H. Coll Aanw 182 fol 97/Inv Brieven Tresorie 1498 fol 48; R.A.H. Coll Aanw 181 fol 150/Groot Repertorium P. Beoostenzwene
Jaartallenindex

eenen brief daermede Otte van Arckel bekent dat hij hem nimmermeer behelpen en sal mit sulcke brieven als hij hadde van heer Jan van Arkel heer tot Perpont, spreeckende op seeckere goeden, landen ende renten des lants van Arckel ende van Gorinchem; in het Repertorium: Otte die Bastaert van Arkel mede gelooft hem nimmermeer te behulpene mit sulken brieven als hij van den heer van Arkele synen vader heeft tegen mijnen genadigen heer of der Graeflicheijt van Holland

1512-02-17 (1511) | Nieuwerkerk

Bissch Oud Arch Haarlem 12 kl A no 28
Jaartallenindex

leenmannen der graeflicheijt van Hollant oorkonden dat Gheryt Jansz en Pieter Jansz, gebroeders, erkennen verkocht te hebben tot enen vryen eigen Symon Claesz (blijkens een dorsale aantekening: Symon Claesz soutcoper, hij verkocht dit land wederom), ⅓ deel van een stuck lants groot 2 maden, gelegen tot sGravesloet in den ban van der Nuwerkerck, daer naeste lenden of zijn zuid: Florijs Huijgendochter Claes Floryszoons weduwe, noord: Claes Jansz kinderen, streckende van de Spaerne tot an Scalcwyckerwech. Bezegeld 17 Febr 1511 na den loep shoefs van Hollant

Jan van Rijeck (zegel: een keper) en Florys Bolle, leenmannen

1423-..-18 |

R.A.H. Coll Aanw 50 fol 63v/Reg B.B. Bloys fol 79, 80 (ingestoken tussen)
Jaartallenindex

dat wij verliet ende verleent hebben, verlijen ende verleenen met desen brieve Heeren Jan heer tot Culenborch, te Wairde, ter Lecke ende tot Ackoije alle alsulcke goede als him aengecomen ende bestorven sijn bi dode heren Huberts heer tot Culenborgh, sijns broeders, ende hi van der Graeflicheijt van Hollant ende van der heerlijckheijt van Voirne te leen te houden plach, te houden him ende sine nacomelingen van ons ende onse nacomelingen graven te Holland ende heeren te Voirne als syn broeder voers die te leen te houden plach. Hier bi en over waren als onse getrouwe Raden ende mannen Heer Jan heer tot Egmonde ende tot Yselsteyn, Heer Willem van Egmonde syn broeder, Heer Vranc van Borselen heer tot Zulen ende St Martynsdyck