73 resultaten
1566-06-08 |
R.A.H. Coll Aanw 138 Caput Arkel, Putten fol 18, 19
Jaartallenindex
leenmannen van Holland oorkonden dat Hessel Zegersz, ingezetene poorter van Gorinchem, hun heeft opgedragen tbv Gerrit Jansz van Ziericksee, ook poorter van Gorinchem, 17 morgen land in Lange Nuwlant, in 4 campen, noord: Henrick Pietersz Vriese voorn, zuid: voor an den Leerbroucschen opslach: Anthoenis Jansz van Remmerswale, ende mitsen tusschen beyde de weteringe an deselve sijde: Anna Robbrecht Janszdochter, streckende voor van den Leerbrouckschen opslach aff after tot de halve afterweteringhe toe; 1566-09-19: Hessel Zegersz heeft dit land opgedragen tbv Gerrit Jansz van Zierickzee, die er mee beleend wordt tot een onversterfelijk erfleen. Leen van Arkel
Gerrit de Hooge Cristoffelsz en Henrick Pietersz Vriese, leenmannen van Holland; 1566-09-19: Cornelis Oem Hermansz, Pieter Herweyer, Thomas Pietersz
1512-03-03 (1511) |
R.A.H. Coll Aanw 113 Caput Putten etc fol 39v
Jaartallenindex
Max. en Karel belenen Cornelie Cornelis Pieterszdochter, cellezuster binnen den Briel, na dode van haar moeder Lysbeth Gillis Janszdochter, met alsulcke huizinge ende erve van achter tot voeren mit hoeren toebehoren, gelegen op die zuidzijde van der Craijstrate binnen der stede van den Briel, noord: die Vischstrate. Leen van Arkel, tot een onversterfelijk erfleen. te verheergewaden met een Vrancr scilt. Jan van Bueren doet de eed voor haar als haar gecoren voogd. Hierna heeft heer Jacob Hadde, priester, Canonick van den Briel, biechtvader en gemachtigde van Cornelie, met Jan van Bueren als voogd, dit leen overgedragen aan mr Claes Pietersz. Vervolgens wordt mr Claes Pietersz met dit leen beleend
present: Franchois Hoochstrate, Jordaen van Raemsdonck, Jan die Hauwer, Jan van Steenbeke
1532-01-02 |
R.A.H. Coll Aanw 119 Caput Zeeland, Voorne fol 42, 45v
Jaartallenindex
burgemeesters en Raad der stede van den Briele oorkonden dat voor hen compareerden Jan Cornelis Florisz en Jacop Jansz, schepenen van voorleden jare, certificeren, deposeren en affirmeerden, hoe dat zij op 15 februari van den jare lestleden er bij geweest waren dat Joost van Cleyburch ratificeerde en approbeerde de making die hij zijn vrouw jvr Cornelie Adriaen Jansdochter elkander gemaakt hadden; 1532-01-12: Karel oorkondt dat hij op verzoek van jvr Cornelia Adriaen Janszdochter, weduwe Joost Cornelisz van Cleyburch, geconfirmeerd heeft alsulke reciproce makinge, die zij elkander gemaakt hebben, volgens de door hen verkregen brieven van octrooi (vgl 1532-01-19, 1531-02-15)
1497-04-20 | Schoten
G.A. Haarlem Cartul Carmelieten H.S. Ryk no 34 fol 45v
Haarlem Algemeen
leenmannen van Holland oorkonden dat de H. Geestmeesters van het H. Geesthuis te Haarlem als erfnamen van Alydt Beijer Janszdochter, Steffen Henricsz wyf was, in eigendom overdragen aan het Carmelietenklooster binnen Haarlem: een stucke lants geheten "de Heylighe Geestmarsch" gelegen in den ban van Schoten, belend west: die Schotergeest buiten Haarlem, oost: die Spaerne, zuid: Allairt Gerytsz en Jan Willemsz weduwe tesamen, noord: Jan van Schoten. Ende dit voor alsulck bespreck en testament als de voors. Alyd in hueren leven t voors. clooster en convente gemaeckt en besproken hadde, na uijtwysen den instrumenten daervan wesende
Ysebrant van Sparwoude en Evert Jansz van der Meer, leenmannen
Adrichem, van | 1483-10-23
Arch Nassau Domeinraad dl I 5e stuk p 2
Achternamenindex
lenen van de Leck en Polanen: no 3) 18 à 20 geersen land te Akersloot, oost: grenzend aan de Vaart, 1431-11-20: Doeve Willemsz kinderen, Willem, Reyner, Suwe, Janne Doevendochter, Janne Jacob Janszdochter na dode van Suwe; 1483-10-23: Willem van Adrinchem Gerritsz na dode van zijn moeder Janne Jacob Jansz dochter; 1506-01-04: Gerrit van Schoten na dode van zijn oom Willem van Arcum
Soudenbalch | 1466
Versl Meded Ver Bronnen Oud Vad Recht 10e dl no 3 p 321, 322 (1950)
Achternamenindex
heer Evert Zoudenbalch, proost van St Servaas te Maastricht, kanunnik van St Marie en later vice domdeken te Utrecht, geboren begin augustus 1424, kocht 1466 Darthuizen en werd 1466-03-04 beleend door de leenheer Melys uten Enge, knape; hulde doet voor hem zijn zoon Hubert, die hij had bij Oedeken Jan Janszdochter; 1514-08-21: andere zoon mr Hendrik, die hij had bij Alyt Willam Jansdochter, gekozen tot deken van St Marie
1431-07-19 |
A.R.A. Leenkamer no 39 Copie fol 162, 163 (katern tussenin, fol 13v, fol 14v)/Reg Charolais fol 11, 11v (katern)
Jaartallenindex
Johan heer van Asperen oorkondt dat Aleyd Jan Lau Jansz wijf hem heeft opgedragen ½ van een vierdell lants, die zij van hem in leen hield, gelegen in de heerlijheid Asperen int Broeck in een hueve gheyten Herman Liefmans hueve op den oversten egghe, belend op die overste zyde: Reymbouts, an d'ander zyde: Ot Godertsz en dat hij vervolgens Geyle Jan Lou Janszdochter hiermede heeft beleend tot een recht erfleen, niet te versterven. Te verheergewaden met 1£ goets gelts. Beheltelyk Aleyt haar lyftocht aan het voors. goet. Voor Gheyle heeft hulde gedaan haar man Hubert Gherbrantsz. Zij wordt (fol 14v) tevens beleend met de andere helft van het voors. vierdel land in Herman Liefmansz hoeve behoudens ook de lijftocht van Aleydt Jan Louwen voors hieraan
mannen: Ott Godertsz, Ott van den Gaerde
1578-06-28~
folio 215
Transportregister Haarlem
de gasthuismeesters van St Elisabethsgasthuis voor ½, en Guerte Janszdochter, weduwe Gerrit Heynricsz, stoeldrayer, voor de andere ½. Zij geassisteerd met Jacob Louffsz Bus, procureur voor de vierschaar, transporteren aan Steven Pietersz, schipper, een huis en erf gelegen op Bakenesse op de houck van de Clerckstege, aen d'een zyde: die Clerckstege onder den huyse gaende, aen d'ander zyde: die weduwe van Dirick Gerritsz, sackedrager, streckende achter aan de cameren van Frederick Dominicusz. Belast met 12£ sjaars, losbaar met 200£. Koopsom 90 Kar gld [zonder datum, volgt na 1578-06-28]
1504-03-21 (1503) |
G.A. Haarlem Inv I no 1633 Cartul H. Geest Haarlem fol 56v; G.A. Haarlem Inv I no 1596 Lade S/Arch H. Geest Haarlem
Jaartallenindex
leenmannen van Holland oorkonden dat Baef Steffensdochter, poorteresse van Leiden met haar voogd Evert Jansz van der Meer, schenkt aan de H. Geest te Haarlem twee stucken lants in de ban van Limmen. Het eene genoemd die Hoghe Maed (ander fiche: de hoghe Naerden) en naeste lende off zijn oost: Pieter Claesz van Alcmaer, west: die Hoghe Wech, zuid en noord: die kerck van Limmen. Ende t ander stuck lant ghenoemt Luwincx [?] camp (ander fiche: Lullincxcamp), zijn naeste lenden off oost: Dirrick Claesz, west: Jan Dirricksz Visscher, noord: Balich Claes Janszdochter, zuid: Ysbrant Haijckezoon. Welcke 2 stucke lants nu ter tijt ghebruijct Andries Andriesz om 8½ R gld sjaers, behoudelick dat de voers. Baeff Stevensdochter an deselve twee stucken lants bruijckwaer ende tucht hebben zal hoor leven lanck ghedurende
Ysbrant Oem van Wyngaerden, Joost Dever van Mijnden (zegel: halve klimmende leeuw) ende Floris Bolle (\ schuinbalk, links boven vergezeld van een kruisje ?), leenmannen
Damassche, van~ | 1507-03-17
Ons Voorgeslacht 07/08-1988 p 314
Achternamenindex
leen van Vianen: no 699) ½ hoeve (8 morgen) in Outena: Dirc Gillisz belast dit leen met 16 Ph gld tbv Herbaren Jansz, ter lossing de penn; 1510-04-12: Dirc Gillisz idem met 10 Ph; 1514-09-01: Herbaren Jansz verklaart Dirc Gillisz vervallen; 1521-09-14: Allard Herbarenz na dode van zijn vader Herbaren Jansz; 1548-05-18: Andries Andriesz bij overdracht door Allard Herbarensz van Massche [lees: Damassche ?], bevestigd door Dirc Gillisz; 1562-07-03: Simon Adriaensz voor Elisabeth Henric Janszdochter