7 resultaten
1388-07-25 |
R.A.H. Coll Aanw 45 fol 484/Reg Albrecht IV fol 279v
Jaartallenindex
hertog Albrecht oorkondt "want Jan Landaes ons opgedragen heeft ende quijtgeschouden mit sinen openen brieve, alsulc scroedambacht ende soutmate mit allen toebehoeren ende rechte als hi hadde binnen onser stede van Dordrecht erfliken duerende tot enen vrijen erfleen, diet mit onser hant ende consent creech van Herman Vinckensoen ende jonge Herman Vincken vercreech van Tielman die Moelnaer die t aenquam van Jan die Moelnaer, sinen broeder. Ende Jan voers. coftet jegens Claijs van der Haije, die t hadde van Jacob van der Haije. Welc scroedambacht ende soutmate mit allen horen recht ende toebehoren dese voirs. luden van ons ende van onsen voervaderen tot enen vrijen erfleen te houden plagen, daer wi goede besegelde brieven of gesien hebben. Welc scroedambacht ende soutmate voers. mit horen toebehoren als voers is wi ghegheven hebben mit desen brieve voer ons ende voer onsen nacomelingen Jan van Steenbergen Willemsz onsen .......... nu ter tijt Tordrecht ende sinen nacomelingen te houden van ons vrij tot enen onversterfelijken erfleen. Gegeven Tordrecht
1397-07-08 |
R.A.H. Coll Aanw 47 fol 436v/Reg Albrecht V fol 245v
Jaartallenindex
hertog Albrecht oorkondt dat Louwerens Woutersz hem heeft opgedragen en kwijtgescholden dat scroedambacht ende soutmate dat hi hadde binnen Dordrecht tot jonfrou Volquinen behoef sijnre dochter. De hertog geeft haar dit nu voor haar leven
1398-06-13 |
R.A.H. Coll Aanw 47 fol 521/Reg Albrecht V fol 289
Jaartallenindex
hertog Albrecht oorkondt dat jonge Anthonys Roijer Anthonys Royersz hem opdroeg en quyt scout dat scroedambacht ende soutmate, binnen onser stede van Dordrecht, dat wij hem gegeven hadden, tot behoef Tielmans Hugeman Adaemsz.z. Tielman ontvangt beide nu voor zijn leven
1392-10-08 |
R.A.H. Coll Aanw 46 fol 72v/Reg Albrecht V fol 47v
Jaartallenindex
hertog Albrecht oorkondt "want wi in voirleden tiden gegeven hadden bi onsen brieve Gysbrecht Beijn om dienst wille die ons oude Jan Beijn, sijn vader, gedaen hadde, dat eerste scroedambochte ende soutmate dat ons verscinen soude binnen onser stede van Dordrecht. Welcken brief Gysbrecht voirs. ons overgegeven heeft ende quytgescouden tot Hermans sijns broeders behoef. Soo hebben wij Herman voirs. sulke gracie gedaen om bede wille van vrienden, dat wij hem gegeven hebben ende geven mit desen brief sijn leven langh dat eerste scroedambacht ende soutmate, dat ons verscinen sal binnen der stede voirs, behoudelic sulke brief in hore machte als wij Goidscalc van Brakel ende Zeger Florensz van den scroedambacht ende soutmate binnen onser voirs. stede gegeven hebben die te gaen ende gehouden te worden voir desen brief etc
1398-07-04 |
R.A.H. Coll Aanw 47 fol 525/Reg Albrecht V fol 291
Jaartallenindex
hertog Albrecht oorkondt "dat wij om diensts wille di Everlijn Wenger, onse Camerlingh, ons lange tijt gedaen heeft ende noch doen mach, denselven sulke gracie gedaen hebben ende mit desen brieve, dat Margriete syn dochter, na synre doot of sij him overleefde, hebben ende gebruken sal dat scroedambacht ende zoutmate binnen onser stede van Dordrecht, dat wij Everlijn gegeven hebben". Haar leven lang
presentibus: domicello de Arkel, domino de Egmonde et de Yselsteyn, consiliariis, Ja. Pe. de Leyden
1403-08-12 |
R.A.H. Coll Aanw 48 fol 42, 38v/Reg Albrecht II fol 30v, 27v
Jaartallenindex
hertog Albrecht oorkondt dat Dirck van Zulen heer Swedersz hem heeft opgedragen tbv Gysbrecht Vranckenz een scroedambacht mitter soutmate te Dordrecht, die Dirc voors. van ons vrij tot enen rechten erfleen te houden plach, ende him in voirtiden aengecomen ende bestorven was bi dode Dircx van der Marwede Henrix van Waessoen, syns neven, en dat hij Gysbrecht er vervolgens mede heeft beleend tot een recht erfleen. Hetzelfde nogmaals op 1403-06-23
Raden: die burchgrave van Leyden, Robbrech van Drongelen
1396-06-20 |
R.A.H. Coll Aanw 46 fol 376v/Reg Albrecht V fol 217 no 913
Jaartallenindex
hertog Albrecht oorkondt dat Heinric Ottenz van Malburch hem heeft opgedragen den eygendom van zijn huis, erve met stalling, hove, tunen, uytgangen ende toebehoren, gelegen in onser stede van Dordrecht aen die lantside, in alre manieren als hi dat nu ter tijt bewoent. Om menigen trouwen dienst doet de hertog Heynric voorn. en Otto zijn zoon zulke gratie, dat hij dit huis en erve zal mogen houden tot een onversterfelijk erfleen, evenals een corentiende ende een smaltiende die hi heeft in den ambacht van Houweningen, ongedeelt mit heren Jans erfgenamen van den Poel gemeen ende Heynric voirs. cofte jegen Jan van der Halle Janszoon van der Halle ende Gillijs sinen outsten zoon, die Heynric voors. tot nu toe eveneens ten rechten leen gehouden heeft. Verder zal Otto Heynrixzoen voirs. het scroedambacht dat hij heeft in onser stede van Dordrecht, en dat hem gegeven was voor zijn leven voortaan houden tot een onversterfelijk erfleen. Sterven Otto en zijn vader kinderloos, so souden alle die goeden comen op Gysbrecht Ottenzoon, Heynrics broeder voirs of op diens oudste zoon of dochter. Heergewade: een goede heect of een oude Vrancr scilt daarvoor
mannen en Raden: die her van Gommegys, heer Daniel v.d. Merwede heer van Steyn, Willem van Croonenburch