1430-03-04 (1429) |
R.A.H. Coll Aanw 57 fol 361/Reg in Beyeren IX fol 171
Jaartallenindex
gravin Jacoba oorkondt dat dat onse lieve beminde broeder van Bourgondië vóór deze tijd onsen geminden bastaertoom Willem den bastaert van Hollant gegeven heeft die heerlicheden hoge ende lage van Schagen mit allen renten, thienden ende toebehoirten, ende oock mitte visscheryen van Schagercogge ende Nijendorpercogge te leen, twelck wij hem mede nae gegonnet ende geconfirmeert hebben sijn leven lanck. Ende Willem voirs op dese tijt bij onse wille ende goetduncken vergadert is in witachtigen hilick mit onsen geminden Jonckfrouw Johanna van Hodenpijl, soe hebben wij daeromme ende om sonderlinge gunste die wij dragen tot onsen geminden oom voors hem dit goed gegeven tot een onversterfelijk leen. Bij kinderloos overlijden weer aan de grafelijkheid terug te komen, behoudelic jvr Johanna altijt te behouden als zij haar man overleeft haar lijftocht van 200£ aan de voorscr goederen