1431-01-11 (1430) |

R.A.H. Coll Aanw 203 fol 174/Memoriale Rosa I fol 74v
Jaartallenindex

hertog Philips oorkondt "want joncfr. Godelt weduwe Willems van Palanen lange tijt oitmoedelic vervolcht heeft onser liever ende geminder suster van Hollant ende onsen getrouwen gouvernoirs, tresorier ende Rade, clagende over onsen getrouwen den burchgrave van Montfoirde van dat hij hair zoude veronrechten an die ambochtsheerschappe, renten, thienden, en anders horen toebehoren van den Nyeuwen Vene, ende haer ende haren kinde anbestorven sijn bij dode Willems voirn". De burchgraaf was opgeroepen doch niet verschenen. Inwoners van den Nyeuwen Vene die de voirs goederen bezitten en gebruiken, getuigen dat Willem en na zijn dood jvr Godelt die goet bezaten tot de zoen tussen Jacoba en Philips. Daarna ontving jvr Godelt de renten nog één jaar, waarna de Burchgrave "him die voirs. goeden ende renten heeft willen onderwinden en gebruiken". De Raad wijst nu dit goed aan jvr Godelt toe totdat de burchgraaf haar met recht daaruit gewonnen zal hebben

hierover waren: here Philips van Borssele, Floris van Borssele, gouverneurs, die here van Egmond, here Willem van Egmond, here Jan de bastaard van Bloijs, Boudyn van Zwieten, tresorier, broeder Jan van Neck, prior, Helmich van Doirnick, Floris van Kyfhoek, Raden van Holland