1432-12-28 |

R.A.H. Coll Aanw 55 fol 324v/Reg in Beyeren X fol 121
Jaartallenindex

gravin Jacoba oorkondt dat zij vernomen heeft dat Gheryt van Spernewoude aen sulcken lande als hij van ons te leen houdende is, te weten ± 90 maden landts, grooten swaeren schaede ende kost gheleden ende ghehadt heeft bij inbreecken des dycks een werven ende ander werven, en dat zij tevens vernomen heeft dat Gheryt aen eyghelycken goeden alsoo niet ghegoet en is dat hij de voors. schade zelf kan herstellen en dat nu het gevaar dreigt dat dit land bij dijkrecht verloren zal gaan, hetgeen zij wil verhoeden, daarom vergunt zij aan Gerrit voirs dat hij uit het genoemde leenland ten vrijen eigen zal mogen verkoopen: eerst 11 made veens gheleghen aen desselfs Gheryt Zaet van Spernewoude, streckende van den Hoosloot in die Limmeer. Item noch 8 maede landts gheleghen oick after desselffs Geryt huys van Spernewoude naest den dyckkamp ende is geheeten die Verdolven Camp