1409-05-12 |

R.A.H. Coll Aanw 71 fol 74/Memoriale B.C. fol 53v
Jaartallenindex

gaf die tresorier van mijns heren wegen dach Willem den Burchgrave en Jan van den Wiel, heemraders in den lande van Altena, en si swoeren ten heyligen weder in te comen bi minen heer en bi sinen tresorier en Rade binnen 4 dagen na mijns liefs heren vermanen. Dit syn borge die die heemraden van Suijt Hollandt geset hebben opten 12e Mey, also hem dairop dach gegeven wordt tot beloken Paschen e.k. toe weder in te comen in den Haghe in allen scijn als sij doe ter tijt waren, op sulcke seeckerhede, geloeffenisse ende voirwairden als die cedulen, die daerof besegelt sijn inhouden en begripen, t welk sy gesworen hebben bi horen gestaefden eeden ende die borgen voor hen gesekert en geloeft hebben: Claes Venedau, borge: heer Herberen van Riede en zijn zoon Jan, Jan Venedau, borge: Ghijsbrecht van Ghiessen, Melys Spiering, borge: zijn zoon Melijs, Boudyn die Voecht, borge: Philips die bastert van der Leck; Jan van Rijswyck verborcht op hemselven bi synen eede; Robbrecht die Clerck, borge: Thonijs Thonysz van Werckendam