1409-07-28 |

R.A.H. Coll Aanw 71 fol 85, 85v/Memoriale B.C. fol 62, 62v
Jaartallenindex

oirloefde myn heer Wolbrant Suus, Jacob Hubrechtsz, Clais Jansz van Steenbergen, Sander Vink Jansz ende Reyner Jansz, dat sij veijlich sullen varen, omdat sij uyt Dordrecht zyn verdreven, al mijns heren lande doer daer hun genuegen zal, durende tot mijns heren wederseggen; 1409-07-29: sekerde en geloifde an des tresoriers hand Gielys van der Halle de jonge weder in den Hage te comen ende van daen niet te scheiden tensij bij myns heren wille, van en Vridage e.k. over 14 dagen dairna volgende; op 29 Juli had Gielis van der Hal van Dordrecht dach veertienden dage nan den eersten Vrydach dair naest volgende