1534-05-01 |
R.A.H. Coll Aanw 117 Caput N.H. fol 305v-308
Jaartallenindex
leenmannen van Holland oorkonden dat Jan Oom van Wyngaerden Goidscalcksz erkende schuldig te zijn aan Tomas Cachapijn 20 gouden Philipp. gld per jaar eeuwige erfelijke rente, losbaar met 16 Ph gld of 320 gld in eens. Hiervoor zijn speciaal verbonden zijn huys, hofstede, boomgaert, bosch ende land gelegen in den ambacht van Soeterwoude mit eenre laen daeraen gelegen op Rodenburgerlaen, noordoost: het land dat heer Floris van Alckemade toebehoorde. Welke huizinge, hofstede, boomgaert, bosch ende lant groot wesen mach mitten graften 20 morgen lants, ende nu genoemd is Croonesteyn, ende Jan Oem van Wyngaerden in leen houdt van de grafelijkheid van Holland. Jan verklaart bovendien dat het leen momenteel niet hoger belast is dan met 9£ gr Vls, ter losse den penninck 16, die Jacob Adriaensz van der Wiel alias Stalpert daarop heeft. Op 1534-06-13 beleent Karel Tomas Chachapijn met deze losrente
Joost van Wyngaerden, heer van Ysselmonde, Aernt van Duyvenvoorde, leenmannen