1505-01-01 (1504) |
R.A.H. Coll Aanw 112 Caput Zeeland fol 79v
Jaartallenindex
Philips beleent onse lieve en geminde nichte, vrouwe Ysabeel van Culenborch, vrouwe van Ville, na dode van haar vader jonker Jasper heer tot Culenborch, met: 1) Gasperden, Everdingen, Gobertingen, Tulle en Honswyck met allen den weerden mit visscherien, mit landen, veren, tienden, renten, in hooge gerechten en lage, mit alle den manscip, ten rechten erfleen, 2) twee hoeven land in den gerechte van Akoyen, en 25½ morgen land in Rippickerwaard, tot een recht erfleen, 3) Lang Bolgerien, metter heerlijkheid, hooge ende lage, mit thyns, tiende en alle toebehoren, in den kerspel van Zijdervelt, streckende mitten uytersten eynde ter Lec waert an die vier hoeven, ende an die tien hoeven gehieten Outena ende voort achterwaart streckende an den kerspel van Schoonrewoert al langes an een dorp gehieten Boeyencoop, belend boven: een strate geheten Zyderveltse wech, beneden: een dorp geheten Cort Bolgerye, ten erfleen, 4) een heerlicheyt die men hiet die Stooc mit gerechten hoge en lage en renten daertoe behorende, gelegen in onsen lande van Rynland in Holland, 5) dat huys tot Amerongen, mitten boomgaerd, den raephoff, bosch, brouck, beemt ende velt. Haar man de heer van Ville doet de leeneed voor haar