1454-05-22 |
R.A. Arnhem Arch Kelnarij Putten Inv no 40a fol 32v regest 21a
Jaartallenindex
Otte van Asperen en Vuren Johansz, knaap, erkent jaarlijks 5 ½ mark zilver schuldig te zijn aan Abt Henrick en prior Conrat en het convent van het klooster St Pieter en Paulus te Paderborn, wegens hun tienden te Haerften en Hellu, die hij zal betalen in de hof te Redichem in Veluwe of aan de priorinne van het klooster aldaar. Hij belooft de overeenkomsten tussen zyn voorvaderen met het klooster gemaakt over de tienden en de kerkgift van Haeften en Helu, te zullen nakomen en hiervan instrumenten van de officiaal Utert [Utrecht ?] te zullen overleveren (vgl 1417-01-07, 1473-06-21)