1449-02-19 |

Bissch Arch Haarlem kl A 11 no 13
Jaartallenindex

ick Buen Pietersz, scout van Aelsmer ende van Culstaert, oorkondt dat Ghysbert Luutgijnsz erkende verkocht te hebben aan zijn zoen Jacop Ghysbertz, een garde lants gelegen in zijn sate daer hij nu ter tijt op woenachtich is an die oostzyde van dien (s ?) huusweer, als voir 8 nobel. Ghysbert zal dit land echter tijdens zijn leven nog blijven gebruiken

Dirc Claes Allertsz ende Dirc Herman Pouwelsz, schepenen van Aelsmeer; met zegel van Buen Pietersz: een gebladerde stengel met een knopvormige bloem of vrucht