34 resultaten

Buser | 1344

Grafelijke Rek dl II p 395, 397, 401
Achternamenindex

gelden ten koste gelegd an die husinge op Middelburch: mr Ghenekyn Ym Busers van 59 £ tins, facit 39sc d4 (p 401); Jan Borop [Boerop], van den lode te scepe te bringhen van Middelburch over den overdam in die Zeglic 3sc 4d; mr Jacob die glaesmaker, van 3 voeten nuwen glaes tot Middelburch 2sc, denselven van 4 wintyser van den stikkezd. (?) facit 8d; mr Gheynekyn, die leidecker gevaren op o.a. Middelburch om te voorsien en te stoppen en om 1000 leyen gebesicht te Nuwendoren 13sc 4d, en van yserwerc en spikeren gebesicht aldaar 3sc 2d

Zuilen van Nyevelt, van | 1484-03-14

Leenregister Abdij St Paulus Utrecht 505 fol 94, 99
Achternamenindex

leen van de abdij St Paulus te Utrecht: abt Johan Clauwert oorkondt dat jvr Joest van Zuylen van Nyevelt, vrouw van Jan van Alfen, opdroeg met haar zwager Dirck van Zweten heer tot Leijenberch als voogd, tbv van Gheryt van Emskerck Henricsz, 5 morgen land met husinge en hofstede, gelegen tot Vlueten bij de kerk; vervolgens wordt Geryt ermee beleend tot een onversterfelijk erfleen; fol 99: uit de akte op fol 99 blijkt dat haar man Jan van Alphen in den Haag gevangen zat, en dat zij van nood en kommer tot verkoop moest overgaan

mannen: Gerrit van Rijn, Alpher Ruijsch

Alphen, van | 1392-05-25

R.A.H. Coll Aanw 46 fol 55v, fol 55
Achternamenindex

Dirc van Alphen Hughenz koopt ten vrijen eigen van hertog Albrecht de leengoederen die Claas van Oudenburch en zijn zoon Dirc van Alphen van hem in leen hielden, en nu aan hem "met recht bestorven" zijn: de helft van 11 morgen met husinge in het ambacht van Monster bij de kapel, waar Dirc Claesz van Alphen op woonde, "doe hi binnen zinen lesten live was", belend noord: de Poeldijcse weg, oost: erve van het klooster Rijnsburg, zuid: de Gantel, west: Philips Nachtegael; 1392-05-25: de magen van Dirc van Alphen Claesz kopen de verbeurd verklaarde goederen terug, zij worden met name genoemd

Wilde, de | 1410-04-04

Arch Abdij Egmond Inv no 328 regest 765
Achternamenindex

Pieter Vranckenz, Symon van der Burch Jan Willemsz.z., Vosse Aelwynsz oorkonden dat zij er als getuigen bij waren toen Pilgrim Isebrant Loefsz verpandde aan de abt van Egmond: "die halve husinge mitten erve mit alsulken jaerlixen pacht als de abdij daarop heeft, staande in den dorpe van Egmond an die Voirstrate op die Westhoec van de Peperstraat, belend west: Symon Aertsz, en 24 geersen die Pelgrim liggende heeft tot Dirxhorn bij der Nouwernaa. Ter tyd toe dat hij beleyt heeft 250£ Holl, als die brieve die daeroff sijn volcomelyc inhouden ende begripen, ende dit geld zal Pelgrim met des abts consent beleggen"

Haestenberch, van | 1381-01-07

A.R.A. Leenkamer 51/Reg Oostervant XIV fol 14
Achternamenindex

schepenen van Woudrichem oorkonden dat de burgemeesters vanwege de poort van Woudrichem "op drogen ende gaven Claese van Haestenberch alle recht, dat si hadden aen die husinge ende ghesaet mit hoeren toebehoeren die ghelegen sijn in die oude Steenstrate, dat Liebrecht Liebrecht Pelsers soen plach te wesen"; belend tussen: Aleyde Liebrecht Goedevaertsz wijf was ende hoere kinderen hus ende hofstat en Liebrecht Peter Helvoertsz huus ende hofstad; welk huis en erf de stad aangekomen was van Liebrecht wegens schuld. Anno 1380: zaterdag na O.Vr dag Purificatis had Willem van Hoorn en Altena deze hofstede in leen gegeven aan Claes van Sevender [dezelfde als Claes van Haestenberch]

Zevender, van der | 1381-01-07

A.R.A. Leenkamer 51/Reg Oostervant XIV fol 14
Achternamenindex

schepenen van Woudrichem oorkonden dat de burgemeesters vanwege de poort van Woudrichem "op drogen ende gaven Claese van Haestenberch alle recht, dat si hadden aen die husinge ende ghesaet mit hoeren toebehoeren die ghelegen sijn in die oude Steenstrate, dat Liebrecht Liebrecht Pelsers soen plach te wesen", belend tussen: "Aleyde Liebrecht Goedevaertsz wijf was ende hoere kinderen hus ende hofstat en Liebrecht Peter Helvoertsz huus ende hofstad"; welk huis en erf de stad aangekomen was van Liebrecht wegens schuld. Anno 1380: zaterdag na O.Vr dag Purificatis had Willem van Hoorn en Altena deze hofstede in leen gegeven aan Claes van Sevender [dezelfde als Claes van Haestenberch]

Wilde, de | 1334-05-02

R.A.H. Coll Aanw 32 fol 91v/Reg EL 39 fol 25v
Achternamenindex

graaf Willem oorkondt dat hij "aan Willem den Cuser onsen lieven en trouwen knape om dienst wille die hij hem gedaan heeft, gegeven heeft voor zijn leven tot een vrij eigen: dat landt metter husinge diere opstaet ende al datter airt en naghelvast op es, ende ons anequam van Arnoud den Wilden, ende ons anequam van Arnoud den Wilden (!) ende gheleghen is tot Scoeten, ende wi heren Willem den bastaert, onsen neve, gegeven hebben tot sinen live, belend noord: Claas van Bakenesse, zuid: Jacob van Bakenesse, west: den Verne watering, oost: de Bredewech, behoudens Arnouds Wilden wedewe haar lijftocht aan ½ de renten van dezen lande voirs"

Baer, van | 1385-11-24~

Van Doorninck: Acten Gelre en Zutphen 1376-1392 p 46
Achternamenindex

Walraven van Baer heeft zijn vrouw tot lijftocht gemaakt: - de husinge en heerscap te Lathum tussen Westerewert en Baer met het land van Wautenoorde; - 2 morgen in den Ruwenvene in het gerecht van Duven, met 4 hoven hout in Redenremarck en land op Redermersch; - het goed te Heerde in de Veluwe, eigendom van Walraven; - het tijnsgoed te Reden en 5 malder saten gelegen op Wortrederenghe met een halve hoeve hout gelegen in Wortredermark; - 2 morgen in Wortrederbrinck en 6 screden op de Wylom; - in Redermarck drie vierdel hont met het nyenland; - het oude land dat in Lattumervelde gelegen is; - de huisinge en stede die heer Walraven gepacht heeft van heer Ryquin van Beverrrade, in het kerspel van Reden op de Lake, tussen Clais ten Beemde en Wolter Putheus

Splinter | 1479-05-04

Leenregister Abdij St Paulus Utrecht 505 fol 303v, 306
Achternamenindex

leen van de abdij St Paulus te Utrecht: Johan Geryt Splintersz Gheryt Splintersneve en zijn vrouw Lucie [er staat: Lutte], Maes van Vanevelt en Hillegont, die vrouw van Gherijt Splintersz was, hebben overgegeven aan Peter Gysbert Lamfersz en zijn vrouw Zara die husinge en hofstede mit sulken getimmert als daerup staet, gelegen in den kerspel van Zoest mit sulken lande ende vene als daer toe behoert, belend oost: Aernt Hilhorst, zuid: Jacob Johansz, zoals dat aan de opdragers aanbestorven was bij dode van Gheryt Splintersz, dat onze hof- en tijnsgoed is; de abt verleent dit goed aan Peter en Zara tot een onversterfelijke erftijns van 6 penn per jaar in onsen hove tot Emminclaer; 1480 des dinsdages na St Jairsdach: dragen Peter en Zara dit leen over tbv Gerijtken, dochter van Ricout Willemsz die hij heeft bij Fije Tyman Gerritszdochter

tijnsgenoten: Geryt van Rijn, Johan Hinricksz

Hamelenberge, van | 1478-05-23

Leenregister Abdij St Paulus Utrecht 505 fol 219, 220v
Achternamenindex

leen van de abdij St Paulus te Utrecht: abt Johan Clawardi beleent Griet Petersdochter, weduwe van Dirc van Hamelenberge, tbv hun onmondige oudste zoon Gysbert (zij vraagt belening daar oom en voogd van Gysbert, Geryt van Hamellenberg buitenlands is), met een erve gelegen tot Zoes met de camer en husinge, soe die nu betimmert staet, streckende van der brenck in die Eem, belend zuid: Henric Jacob Goedenz, noord: het convent in die Birckt, hem aangekomen bij dode van zijn vader Dirck, Steven Willemsz doet de eed voor hem; 1479-07-04: Agneze Dircksdochter van Hamelenberge wordt binnen jaar en dag na dode van haar broer Gysbert van Hamelenberge hiermee beleend, na dode van hun vader Dirck, Steven Willemsz doet de eed voor haar; "dit goet hebben ontfangen Jan Ude die een helft ende Jan van Cleve die ander helft", "ende daernae ist hele goet weder gecomen op Jan Ude"

leenmannen van het Sticht: Eerst van Meerten, Gheryt Ouwert; 1479: Steven Willemsz, Evert van Heze