Bedoelde u soms?
beeringen | betalinge | betering | bevelinge | beweringen

17 resultaten

Suijs | 1294-09-16

v.d. Bergh II no 884; Balen: Dordrecht p 273
Achternamenindex

schepenen in Dordrecht: Heineman Shus, Jacob heer Wigghersz, Jan Malleghys; zij oorkonden dat Jan veren Diedewinenzone de uitspraak en beteringe van zijn zaak aan de graaf van Holland overlaat

1434-10-07 |

Coll Aanw 204 fol 509v/Mem Rosa II fol 185v
Jaartallenindex

hebben gelooft ende vast geset den buerchmeesters en scepenen van Zierixee, voor Waddin Willemansz den zelvent Sunt Buysse, Pieter Buyssenz, Cornelis Gillis heren Symonsz.z, hoir poirteren en Bette Jan Zevenberchzones en Zevenberch Jan Zevenberchsz.z hebben gekeert ygelyc voor hem selven, aen handen sheren van Santes ende den Raide, beteringe t ontfaen van Jan Zevenberchs zoons doot, by also dattet bevonden wordt datter beteringe toebehort (?). Item is gebleven an den Rade Bette Jansz beteringe te doen als hij iets misdaen heeft "van in vaerde ende in velde geweest te hebben den (?) Jan Colynsz smarte ontfaen, en hebben belooft weer in te komen des Dinxendages e.k. over 14 dagen". T is te weten dat Zevenburch Jansz en Bette voirs geweest hebben op den betekenden dach in den Hage, ende hem is dach geteyckent weder te komen 4 Febr. e.k. gelyc de andere partyen als hierna gescreven staet

Muylwijk, van | 1480-02-26 - 1482-05-15

Rek Drossaard Land van Arkel no 3816 fol 4v
Achternamenindex

van Thijs van Muylwijck die in euvelen moede zijne buyeren beschadicht hadde in huer thuijnen, ontfangen boven eerlicke ende corporele beteringe bij composicie profijtelic, tot mijns genad Heren behoef VI £

Maleghys | 1294-09-16

v.d. Bergh II no 884
Achternamenindex

Heineman Sus, Jacob Wigghersz en Jan Malleghys, schepenen in Dordrecht, oorkonden dat Jan ver Diedewinenz de uitspraak en beteringe van zijn zaak aan Aloud, baljuw van Zuidholland van de graaf van Holland verbleven heeft

1428-11-03 |

R.A.H. Coll Aanw 203 fol 39v/Memoriale Rosa I fol 17
Jaartallenindex

geloefde an des Raets hant Engebrecht van Loeck dat hij tot vermaninge der Rade hemluden beteringe doen sal tot behoeff mijns genad. Heren, tot horen zeggen, van die bomen die hij in Berckenrijs heeft doen houden ende thuijs voeren. Eodem die gaf mijn here geleide dieghenen die die stede van Gornichem genuechde te schicken bi den Raide toten gerechte aldair, tot 5 of 6 personen toe mits horen knechten of dair beneden, durende 14 dagen lang

1431-09-14 | Schermer

G.A. Amsterdam Cartul Regulieren van St Jan bij Amsterdam fol 160
Jaartallenindex

Pieter Janssoen van Purmer, priester, vicecureit tot Graft, en Geryt Baertout Gerytssoen, oorkonden dat Symon Dirckssoen verkocht heeft aan de Regulieren van St Jan bij Amsterdam, alle beteringe ende toeseggen van een stucke lants daer die Reg. voirn. op staen hebben 1 ½ nobel des jaers ende is gelegen in den ban van 't Suudende van Schermer, ende is geheten Doeve deymt, ende heeft bilent Sappe Jacop Smalincx aen die suutside, ende Jan Dirc Aernts aen die noortside

1485-01-03 (1484) |

Cartul Carth Raamsdonk anno 1518 fol 110v/Carthuizers St Geerdenberg
Jaartallenindex

rechter en heemraders in den ambacht van Raamsdonck oorkonden dat Willem Jansz overgaf Gheerbrant Clauwertsz 1 ½ weer lants int Rysbroeck min dat ¼ deel. Daer geeft hij die ¾ deel die helft daeraf over onbedeelt, gelegen west: Gheerbrant Claeuwen erve ende Ghysbrecht Jansz, oost: het Chartroysen klooster met haar erve, streckende van de Rysbroucker wech aen t noorteynde zuytwert opstreckende totte Donga toe. Die heeft Willem Jansz voors. Geerbrant Clauwen voirs. wederomme verleden, die beteringe van den voirs. erve om 2 schild sjaars, dit erfgelt te betalen tot OLVr lichtmis etc

Zegher Adriaensz, rechter (met zijn zegel), Godevaert Henricsz, Willem Woutersz, Willem Andriesz, Harman Adriaensz, Jan Peetersz, Leenaert Henricsz, Pieter Adriaensz, heemraders

1373-01-02 |

R.A.H. Coll Aanw 50 fol 133/Reg B Bloys Cas D fol 152v
Jaartallenindex

mannen van hertog Jan van Bloys en schepenen binen der Tolne oorkonden dat Hanne goede Wille gezworen heeft nimmermeer iets te misdoen tegen minen here, of diens baljuw en scepenen, ambachts- of dienstliede. Onse lieve heer, die hertog van Gelre heeft hem daarom syn lyf weder gegeven dat hi hem ofgewonnen hadde mit rechte ende mit sulke beteringe als hi ende sine borgen onsen lieven voirs. daerom gedaen hebben. Desgelycs is enen brief van Claise Dordebout [Vordebout ?], Aernde Claes Aerntsz.z ende Janne den Vlaminc op dieselve manne enscepenen uytgeset dat si van den live mit recht niet verwonnen en waren, mer (?) in myns heren wille gecomen (datum eodem die)

mannen: Renger Willaemsz, rentmeester van Zeeland, Willem Aloudsz, Heinric Buffel; Hein Boer, Andries Claesz en Heyneman Jansz, schepenen binnen der Tolne

1423-06-23 |

R.A.H. Coll Aanw 56 fol 77v/Reg in Beyeren IX fol 40
Jaartallenindex

hertog Johan beleent Wisse Gherytszoen met 2 maden lants gelegen in den ban van Schermer, ende belegen hebben mit erve Michiel Meynaertszoen aen die zuytzyde ende Peter Claeszoen an die noertzyde, die hem aangekomen en bestorven zijn bij dode sijns broeders Florens. Tot een recht leen. Voirt want deseselve Wisse dit voirs. leen versuijmt ende mit rechte verbeurt hadde twelik wij om bede wille ons liefs ende getruwen des heren van Egmonde weder verlient hebben als voirscr, soo heeft hij ons te rantsoen ende beteringe daervoer noch opgedragen den eygendom van 6½ mergen landts sijns eygens goedts gelegen binnen der vryheit van Abbenkerck, ende belent hebben an die oestzijde die papelycke [provende ?] ende aen die zuytzijde Dirck Matthijszoen. Hij wordt hiermede wederom vervolgens beleend. Datum t'Egmonde

1539-02-21 (1538) (1) |

R.A.H. Coll Aanw 247 (427 ?) fol 502v/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex

proces in materie van reparatie van injurie voor Coninginne Regente, tussen Claes Gheryt Matheusz, aanlegger, en Jan Ruijsch ter andere zijde, tenderende oick ten einde dat Claes als een dief gestraft te worden. Hare Majesteit had Claes echter "pur en innocent van t stuck van diefte ofte becrooninge hem geimponeert by den voorn. Jan Ruysch " verklaard, en voorts dat Claes door Jan "leelicken ende groetelicken geinjureert" was. Jan Ruijsch wordt gecondempneert: hij moet 3 voetvallen doen, 1 voor de Majest en Rade en daarbij om genade smeken, 1 voor de raadcamer van Holland, en de derde in het openbaar voor de vierschaer van Amsterdam. Hij moet ook een glazen venster in de Nieuwe Kerk van Amsterdam laten maken voor 100 Kar gld, waarin geschreven staat: "dese gelasen vienster heeft Jan Ruijsch doen maken voor reparatie ende beteringe van der injurien bij hem geprofereert jegens Claes Gheryt Matheusz, burgemeester van Amsterdam" (uitgebreide veroordeling), een boete van 300 Kar gld betalen en voor 6 jaar uit de stad verbannen