1 resultaten
1418-11-30 |
Kroniek Hist Gen Utrecht jg 1850 p 381-387/Arch Buren; Nyhoff III no 385, 397-399, 351
Jaartallenindex
dit is alsulke ansprake ende vorderingen als wij Reinald hertoge van Gelre doen ende leggen an Gysbert Pyeck, onsen raet, also als wij beyde partyen des gebleven zyn an onsen lieven magen, raden ende vrinden, gelijkerwijs als …. compromiss dair opgemaict claerlicken uytwijst: 1) de hertog had Gysbert het ampt van Beest in pand gegeven, dair hij alle jaren aff geboert heeft hantgelt van ons, bynnen sulken tijden dat hij ons genoech schuldig was. De hertog vordert deswege 2000 alde schuldi (!); 2) hij heeft breuken op shertogen wildbanen en op de straten ten onrechte berecht; 3) hij heeft zonder verlof van de hertog een zekere Macharys gevangen; 4) hij heeft niet afgerekend het geld dat van erfkoop gecoomen is 2 à 3 jaar: 600 R gld; 5) hij heeft geknoeid met de aankoop van wijnen; 6) toen hij rentmeester was had hij tot shertogen behoef Clais van Dierem en Wolter zyn zoon aan doen tasten om breuken wille. Nu Gysbert van Mekeren rentmeester is, weigeren zij naar inhoud van hun geloften, te verschijnen. Eis: 10000 oude schilden; 7) hij heeft geen rekenschap gedaan van de wijnen die te Arnhem en Rosendael opgeslagen waren, ook niet van ossen, varkens, spek en ander proviand. De hertog acht zich voor 400 oude schilden benadeeld; 8) over 4 margen land te Beest die hij in gebruik heeft zonder dat de hertog weet hoe Gysbert daaraan gekomen is. Schade voor de hertog 200 oude schildt; 9) Gysbert heeft een deel der gemeynten tot Beesde an zijn huijs angegraven heeft ende doin graven buten onsen ender gemeynten aldair verlof ende willen; 10) Gysbert heeft zich dat gemaell tot Beesde onderwonden, buiten consent ende wille derghenen die dat toebehoort; 11) hij heeft een tiggeloven toegestaan op land dat tiendplichtig is en daardoor de tienden vermindert. schade: 1000 oude schilden; 12) hij heeft 3 personen gevangen die een oploop hadden tegen zijn oom, en hij heeft hun een oervede afgedwongen ende dairtoe gehalden dat sij synen oem beteringe gedaen hebben. Daarna heeft hij hun breuken kwijtgescholden. De hertog begroot zijn schade op 2000 oude schilden; 13) so spreken wij denselven Gysbert toe, so woe hie buten onsen wist ende wille in enen erfpacht voir 6 malden rogge des jairs, Stevens Deus utgedaen heeft den hoff ten Passe, gelegen tot Oesterbeeck, dat onse volle schuldige goit is. Daar de hertog hiermede de dienst en het recht dat dit goed hem verschuldigd is, verloren heeft, eist de hertog dat Gysbert dit goed in de oude staat van erfpacht terugbrengt, en hem een schade vergoedt van 400 schilden; 14) hij heeft de regulieren van Utrecht 19 nobel sjaars gelegen in onsen lande afhandig gemaakt. De hertog eist hiervoor 1000 oude schilden; 15) toen hij rentmeester was, had hij te Tiel dure haver gekocht terwijl er nog voldoende voorrraad was. Schade 100 sch; 16) hij heeft veergeld, costgeld en teringe berekend als hie tot Beesde ende thuys gereden is, terwijl hij zijn eigen zaken behartigde. Hij heeft ook zijn paarden gevoedert met haver van de hertog. Het antwoord van Gysbert op deze vordering is niet gevonden. Zijn positie heeft er blijkbaar niet onder geleden want op 3 Juni 1419 bezegelde hij het verbond van de hertog met Jan van Beyeren, terwijl de hertog op 29 Sept 1420 nogmaals 600 R gld leende op het ambt van Beest en Renooi, terwijl hij op dezelfde dag met goederen en tienden beleend was. De Hertog had het ambt van Beest en Renooi in 1414 aan Gsybert verpand voor 100 R gld
heren Johan Schelart van Obbendorp, onse hofmeister en drosaet to Montfoirt, Goedert van Roir, Otten van Asperen van Bueren, onsen amptman tot Saltboemel in Bomelre- ende Tielrewerde, ridder Alart soen to Buren, Gysbert van Bronchorst heer tot Batenborch ende tot Anholt, Henrick here tot Wisch, onsen drossairt onss lands van Zutphen, Wilhelm heer tot Wachtendonck ende ter Kuijpen, Gysbert van Mekeren, onsen oversten rentmeister onser lande van Gelre, Derick van Vlodorp, onsen huysmarschalck, Arnt te Boecope, Gerit Cl .... hage