5 resultaten

1413-02-02 |

Cartul Carth Raamsdonk anno 1518 fol 27/Carthuizers St Geerdenberg
Jaartallenindex

Dieric Didericx Goedersz.z, richter in den gerichte van Eethen, en geburen aldaar, getuigen dat Hessel van Bijcsz [!] opdroeg Tielman de Wint 1 ½ morgen lands gelegen op die lange Broecken voor in Zaijencampen, belend oost: Jan van de Stert, west: over die sloot: Robbrecht Willemsz, streckende van der wateringe totten dwerssloet toe. Noch 1 morgen lands after in Zaijencampe, oost, over die sloot: Jan die momber, west: Jan Ingram, streckende van den brock (!) ten erfsloot toe. Hessel Janszoon voirs en Gysbrecht Mercke beloven vrijwaring, zoals gewoonte is in Jans lande van Drongelen, ridder, here van Eethen en Meduwen. Vervolgens geeft Tielman die Wynt dit voors. land weer aan Hessel in erfelijke rente voor 1 goede gouden Eng nobel. Bezegeld door Dieric Dierixz. "Dit land hebben wij gheeijghent voor die pacht" (vgl 1412-12-20, 1438-05-28)

Robbrecht Willemsz, Arnt Noij Jacobsz, Pieter Reynertsz van der Brake, Dieric Buyserszoen en Jan myns heren zoon, geburen

1416-03-16 | Babilonienbroec

Cartul Carth Raamsdonk anno 1518 fol 9v/Carthuizers St Geerdenberg
Jaartallenindex

schepenen in Hoesden tughen dat Wouter Artssoen Arnt Noyde Willem Buyserszoen, Willem die Buyser, zyn broeder, ende Peter van den Hille Janszoen, alse momber van Rijswynen syns wijfs, Willems Buysersdochter, opdroegen Pouwels van Woryngen heer Hubrechtsz een hofstat metter timmeringe die der op steegt, liggende in de ban van Babilonienbroek, an d'een syde: Willems erfgenamen van Ghent, an d'ander syde: Willem die Buyser Willem Buysersz. Ende 18 hont lants, die gelegen zijn in denselven banne gelegen dese voirs hofstat over die strate, tussen an die een zyde: Willems erfgenamen van Ghent, an d'ander zyde: Heynman die momber Petersz, streckende van der straten ten naesten dwerssloete toe, dat Willem die Buyser ende Didericx soen [!] plach te wesen. Mede so heeft Art Noyde Willems Buyserssoen ende Peter van den Hille voirs. geloeft Pouwels voirs deze hofstad etc en 18 hont vrij te waren. Geinsereerd is nu een schepenbrief van 1416-03-16. Hyr na is comen Pouwels voors. ende heeft de voirs. hofstat, timmeringe en 18 hont lants weder opdragen aan Peter v.d. Hille voors. tot een recht erfpacht als over 2 mudden goets weyts sjaars erfelijke. Mede zo heeft Arnt Noyde Willem Buysersz voirs. geloeft dat hij dese hofstat etc altoes goet ende wel doegende sal maken voer 2 mudden goets vrys weyts sjaers erfpachts alse voirs. steet. Gegeven 1416 op St Gheertrudendach. Opschrift: den anderen brief van denselven lande sprekende van 2 mudden weyts in derselven brief begrepen

Jacob van den Velde en Gysbert van Ghemert, schepenen

Brederode, van | 1280-01-21

v.d. Bergh II no 386
Achternamenindex

uitspraak in het geschil tussen de heer van Amstel en de bisschop van Utrecht; zij verklaren dat de brieven die de heer van Aemstelle heeft van het huis van Vredelant zijn 'goet en gave'

heer van Voren, Symon van Haerlem, heer van Thelinghe, heer van Brederode, Gerardts van der Wateringhe, Florens van Brederode, Jans van Ryenisse, de burggraaf van Leyden en Didericx van Zanthorst, ridders

Amstel, van | 1280-01-21

v.d. Bergh II no 386
Achternamenindex

verklaard wordt dat "seren brive van Aemestelle, die hij hevet van den huyse van Vredelant syn goet ende gaeve ende dat ine hem syne penningen gheve van syn voorn huyse alsoe syn brief houdt, ende alsse die penningen betaelt syn, soe sal die heere van Amestëlle een jaer blijven op dat huys, ende dat sal wesen naeste jaer. ende die bisschop sal zeker maecken den heere van Amestelle, dat hem negheenne schade, nocht syne vrienden binnen dien jaere ne sal gheschien"

heer van Voren, Symon van Haerlem, heer van Thelinghe, heer van Brederode, Gerardt van der Wateringhe, Florens van Brederode, Jan van Ryenisse, de burggraaf van Leyden en Didericx van Zanthorst, ridders

Haerlem, van | 1280-01-21

v.d. Bergh II no 386
Achternamenindex

uitspraak in het geschil tussen de heer van Amstel en de bisschop van Utrecht; zij verklaren dat de brieven die de heer van Aemstelle heeft van het huis van Vredelant zijn 'goet en gave'

heer van Voren [van Voorne], Symon van Haerlem, heer van Thelinghe, heer van Brederode, Gerardts van der Wateringhe, Florens van Brederode, Jans van Ryenisse, de burggraaf van Leyden en Didericx van Zanthorst, ridders