3 resultaten
1508-09-21 |
R.A.H. Coll Aanw 114 Caput Zeeland, Voorne fol 12
Jaartallenindex
Karel beleent vrouwe Anna van Borsselen, vrouwe van der Vere, na dode van onse geminde wijlen vrouwe Anna van Bourgongen vrouwe van Ravesteyn met alle die huisinge ende die woninghe boven en beneden staende tot Poppenberch ende alle die erve die wijlen heer Claes van Borssele in leven heer van Brugdamme en zijn huisvrouw vrouwe Marie van Ernemuyden leggende hadden in Popenberch. Leen van Zeeland tot een onversterfelijk erfleen. Heergewade: een rode valck of een nobel daarvoor, gelijk vrouwe Anne van Bourgognen voors. en haer vorsaten ende sonderlinge die voors. heer Claes van Borsselen gehouden hebben. Ende dese huysinge sal wesen onse open huys. Jacob Hontman doet de eed als haar gemachtigde
present: Godschalk Oem van Wingaerden, Joost van Brederode, mr Bertholt van Assendelf, Dirck van Boneem, Reinier Willemsz
1519-02-11 (1518) (3) |
R.A.H. Coll Aanw 116 Caput Zeeland fol 10, 11
Jaartallenindex
item 300 gemeten ambachts in der prochien ende ambachte van Zantwijck [lees: Sandyk] die wijlen heer Heyndrick van Borsselen verkreeg van wijlen hertog Philips van Bourgondiƫ, om daermede te meerderen de stede van der Veere. Behoudens ons van een gemet onsen ouden groten die wij van ouden tijden daerop hadden. Item die veste en woninge tot Duynbeke in onsen lande van Walcheren met alder tymmeringe en andere costen die daeraen gedaen is of namaels ancomen mach, mitter hofstede, graften, bruggen, ende alder erfnisse en ambochte van 4 gemeten lants daertoe behorende. Tot een recht erfleen, en voorts in alre manierien als hij de hofstede van Sandenborch en Veere van ons houdende is. Item alle de huysinge ende die wooninghe, boven ende beneden, staande tot Poppenberch, ende alle die erve die wijlen heer Claes van Borssele heer van Brugdamme en zijn huysvrouw Marie van Ernemuyden liggende hadde in Poppenberch ende in Brugdamme, tot een onversterfelijk erfleen. Ende dese huysinge sal wesen onse open huys tot wat tyden wijs te doen hebben ende wesen in onser beschermenisse
1541-08-05 |
R.A.H. Coll Aanw 123 Caput Zeeland fol 115v-120
Jaartallenindex
jhr Maximiliaen van Bourgoignen, heer van Beveren etc wordt na dode van zijn vader heer Adoph van Bourgoignen, Ridder, Raad en Camerlinc en admiraal van de zee, beleend met: 1) die steden, landen en heerlijkheden van Vlissingen, Westcapelle en Domburch, alles zoals vermeld in de koopbrief van wijlen heer Wolphaart van Borssele; 2) die stede, vrijheid en heerlijkheid van Brouwershaven, zoals de koopbrief van idem; 3) alle die erfnissen, thienden, ambachten etc. buten den ouden Zwene, door Sandyckpolre, streckende byzuiden OLVr kerke in den polre, voort langes bij den dycke tot Ryckendamme toe, also als men bij der poorte van den uithoeven van Duynenhoofde, dwers deur die duynen in de zee. Daartoe 80 gemeten lands in de polre, daer die broeders van het Duitsen huize in woonden; 4) die veste en woninge tot Sandenburch, mitten boomgaerden etc; 5) die veste ter Veere, alomme haven, havengelt, havendyck, molen etc; 6) 300 gemeten ambachts in Zantwyck, die wijlen heer Hendrick van Borsselen verwierf, om daarmede te meerderen die stede van der Veere etc; 7) die veste ende woninge tot Duijnke in het land van Walcheren etc; 8) alle die huysinge ende die woninge staande tot Poppenbergh ende alle die erve die wijlen heer Claes van Borsselen, heer van Brugdamme en zijn vrouw Maria van Ernemuyden liggende hadden in Poppenberch en Brugdamme etc; 9) alle goeden en rechten in Duvelant, zoals vrouwe Anna van Borsselen en haar voorzaten die bezeten hebben, behoudelijcken 15000 Vrancken als wijlen der vrouwe van Ravesteyn in dote en medegave gegeven is geweest, onder condite dat dit na haar dood aan de grafelijkheid zou terugkeren; 10) het land genaamd Clein Dreyschor of heren Jansland etc; 11) de ambachtsheerlijkheid van zuitgorssen ende slyklanden genaamt Rosenboom, Ruytstoppelen, die Weelde, Graafnisse, dat men noemt Beckinslant, liggende over die Zype, nevens den stroom van den keeten in beoosterschelt etc [verkort weergegeven]
leenmannen: Cornelis Barthout, Willem van der Criep, Anthonne Lebucq