3 resultaten
1485-11
folio 45v XLV, XLVI 1484-1486
Transportregister Haarlem
Rutger Jacobsz als man en voogd van Nel Pietersdochter verkoopt Dammas Matheeusz t voirhuijs mitten erve ende mit de middelgevel streckende omtrent een vack achterwerts tot een beschot dat nu ter tijt geleemt is met cleij etc. leggende op Bakenessergraft, an d'een zide: Rutger Jacobsz voirs, an d'ander zide: Dammaes Matheusz. After streckende an Rutger voirs. metten eygendom van der platinge ende vuijlnisvat staende op de voirs. platinge etc; 100 R gld
1497-06
folio 73v LXV 1495-1498
Transportregister Haarlem
de voirs. Geryt Jan Huyssersz en Pieter Pietersz q.q. verkopen Pieter Harmansz ⅔ van t voorhuis mitten erven ende mitten middel gevel, streckende omtrent een vack afterwerts tot een bescot dat nu ter tijt geleemt is met cley. Welc bescot de voirs Pieter en Claes Jansz van Scalcwijck tesamen houden sullen. Behoudelic dat de voirs. Pieter t vuilnisvat staende voir op tie platinge binnen t leven van Cornelie Rutger Jacobsz weduwe van de voirs. platinge niet doen en sal. Staende tselve huijs op Bakenessergraft, tussen an d'een side: Claes Jansz van Scalcwijc, an d'ander: Pieter Harmansz voirs, afterwerts streckende an de voirs. Claes Jansz; 528 R gld
1405-02-07 (1404) |
R.A.H. Coll Aanw 69 fol 22/Memoriale B.H. fol 17
Haarlem Algemeen
hertog Willem oorkondt "want wij wail verstaen ende vernomen hebben van groten vechtelic ende onrusten, die geshciet sijn binnen onser stede van Haerlem, van dootslagen, leemten en quetsingen, eerst op ten dach doe Symon van Zaenden, Jan van Zaenden, Willem van den Woude, Symon syn soen en Jacob Claes Tactgensz doot bleven. Ende naderhant van den vechtelic ende onrusten die geschieden op St Pietersdach ad Vincula l.l. daer oic goede luden dootgeslagen geleemt ende gequetst worden dair ons lede toe is. Ende want diegene die uijt onser stede van Hairlem geweest hebben van den laetsten vechtelic dat geschiede op St Pietersdach ad Vincula l.l. mit ons eens dadingsoverdragen sijn (?), sodat wij him onse lant en onse stede wedergegeven hebben, van des sij ons daeraen jegens ons ende onser heerlicheyt verbruect hadden". De hertog gebiedt nu aan een ieder binnen of buiten Haarlem, een ganse vrede deswege te houden 14 dagen lang nadat de hertog persoonlijk binnen Haarlem geweest is