15 resultaten

1485-05

folio 21 XX 1484-1486
Transportregister Haarlem

Symon Bouwensz verkoopt aan Bertolmeus Bertolmeusz ⅝ van een groot huijs mitten erve, dat midden duer geschoten is, staende in de Valckstege, an d'een zide: Mathys Gerytsz, an d'ander zide: Ysbrant Jansz, achterwaerts streckende an Arijs Pietersz erve

Zevenbergen, van | 1406-02-14

Rechtspraak Graaf van Holland II p 209
Achternamenindex

hertog Willem bepaalt de zoengelden voor de gedoden en gekwetsten binnen Haarlem: Jan van Zevenbergen is dood geschoten, "ende wij clarlic niet bevinden en konnen wiet hem gedaan hebben", zoen kost 1200 £, de helft te betalen door jonge heer Jan van Heemstede en de andere helft door: Heynric Huge Rodenz, Jan van Huessen, Gysbrecht van Ryetvelt en Dirc Symonsz van Aemsterdamme

1496 |

Kroniek Hist Gen jg 1853 p 223
Jaartallenindex

rekening van de schutmeesters der stad Utrecht. Item ontfangen van Willem van Amerongen van 10 £ haecbuscruijt ende an een half hondert pyll, alsoe die geseijnt worden in die cruysdage opten Leckendyck ut bevel van den oversten, 29sc 9 wit. Eelgis, den Boer geheten, dat hij 2 haecbussen haelde tot Egbert Jansz bij die Witte Vrouwenpoert etc, mr Henrick, die busmaker, Geryt die smit, Dirck die hantscoenmaker, Claes Victorsz. Des anderen dages na Mauritii hebben Dirck Willemsz ende Claes Victorsz al die haecbussen los geschoten, soe die gevult waren, die men van die Putkuijp weder quam, hem elck gegeven 2st, an een haecbus 25 st, had Gysbert Zas, van Dirck Willemsz met Claes Victorsz zyn bus bus aen cleyn stucken scoten, doe men an die Putkuijp geweest had

Does, van der | 1592-04-23

P.N. van Doorninck: Inv Charters van der Does regest 115
Achternamenindex

schout en schepenen in Leiderdorp oorkonden dat jhr Peter van der Does, bailiu en dykgraaf van Rynland, en schout van Leiden, erkent vekrocht te hebben aan Aert Jansz , wonende te Leiderdorp, een ledich erf gelegen bij de Doesbrugge, noord: jhr Peter van der Does, oost: Aert Jansz, met de laen behorende tot het huis ter Does, zuid: de Lage Rijndijk, west: Cornelis Rippertsz, timmerman. Met het servituut dat de koper de sloot die van de Does tot aan de laan bij het huis ter Does zal worden geschoten, op de breedte van een roede zal moeten laten (vgl 1603-04-18)

Geryt Jansz van Harmelen, schout, Jan Ysbrandsz, Geryt Cornelisz, schepenen in Leiderdorp

1551-1552 |

Grote Raad Mechelen Beroepen Holland dl I dossier 67, sub d II, sub g
Jaartallenindex

Thieman Aertsz, schutterskoning en de overige schutters van de "jonge schutterij" van de stad Naarden, contra Wouter van Mathenes, slotvoogd van Muiden en baljuw van Gooiland. Op 1551-08-09 hielden de leden van de jonge schutterij van Naarden, na eerst op de papegaij geschoten te hebben, met hun koning de traditonele schuttersmaaltijd. Overmatig drankgebruik deed hen s avonds om 7 uur, "met pypen, trommelen en een vliegend vaenken" en "met groot geweer, zoals hellebaarden, slagzwaarden, degens, voorhamers en weyschbylen" naar het klooster in Oud Naarden [domus S. Viti] trekken, waar zij verschrikkelijk huishielden en de nacht overbleven, om de volgende ochtend op dezelfde wijze te vertrekken. De baljuw van Gooiland daagde hen voor het Hof van Holland, daar hij de magistraat van Naarden niet onpartijdig achtte, het gerecht had namelijk de leden van de "oude schutterij", die dezelfde excessen bedreven hadde, vrijgesproken. Met een aantal stukken over deze zaak (1551-09-26, 1551-12-28)

1556-03-27 (1555) |

R.A.H. Coll Aanw 259 fol 353/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex

alzoo Louris Jansz, scepen, ende Gerit Jeuisz voor hem zelven ende uijt naam van de andere wethouders van Haringkarspel den Hove van Holland bij request te kennen gegeven hebben, dat in voerleden tijden omtrent 14 of 15 jaar geleden, de supplianten hun geschoten zo van beden als van andere oncosten plachten te collecteren over de eigenaars binnen de voors. banne wonende, ende daarmede een schotvanger belasten tegen een gage van 4 gld, "alzo dezelfde ingelanden inwonend den aldaer boven 350 mergen land onder de voors. banne niet en hadden". Waarna 12 of 14 jaar geleden op last van Zyne Kon. Majesteit de banne was hermeten en groot bevonden 1100 morgen. De lasten moesten voortaan over deze 1100 morgen omgeslagen worden. Het is echter uiterst moeilijk om alle namen van eigenaars die in meer dan 20 verschillende parochies wonen, te achterhalen. Zij konden ook geen schotgaarder vinden om dit voor 4 gld te doen. Zij verzoeken om de invordering in het openbaar te mogen verpachten [ontbreekt een deel van de akte ?]

1440-12-08 (4) | Beverwijk

Memoriale Rosa dl VI no 392 p 551-556
Jaartallenindex

(vervolg) Daar Willem van Zaenden Uwen, de broeder van Jacob Baertsz gequetst heeft in zyn aensicht, zo zal hij hem voor smarte- en meestergeld betalen 10 sc. Daer dezelve Willem van Zaenden gequetst heeft Bairt Bairtsz in zijn borst en aan zijn arm, moet Willem hem voor smarte- en meestergeld betalen 5 scilden. Daar Pieter van Zaenden Gerrit Willem Engelsz gequetst heeft in zijn arm, zo moet Pieter hem voor smarte- en meestergeld 8 scilden betalen. Voort also jonge Symon en Willem van Adrinchem met 2 wagens volcs in die Wyk gecomen zyn, waarop Uwen Jacob Baertsz broeder Symon met een schot gequetst heeft, hiervoor moet Baert Baertsz voor zijn broer Uwen, die dood is, aan Symon 15 scilden betalen. Voorts daar Baert Baertsz geschoten heeft op Jan Hart doch hem niet quetste, zo zal Baert voor die vreze die Symon van Adrichem, Jan Hart, Willem van Adrichem en Jan van Herlaer c.s. een bedevaart doen met degenen die op die tijd bij Baert en Uwen in den huyze waren, naar O.Vr te 's Gravenzande, binnen een maand na de zoen. Het zoengeld zal door partijen betaald moeten worden in twee termijnen, aan Gysbrecht van Vyanen tot Heemskerk in der kerke. Hiermee is de zoen vastgesteld, op een boete van 300 Eng nobel

1568-10-17 |

G.A. Haarlem Inv I 184 fol 81 Lade N (?)/Cartul Leprooshuis
Jaartallenindex

Reyer Willemsz van Rijck, ambochtsheer van Rijck ende Nyeuwerkerck, oorkondt dat voor hem en zijn schepenen in den ban van Nyeuwerkerck, gecompareert zijn Cornelis Willemsz, Dirck van Heussen, mr Symon Pietersz van Crabbenmorsch en Bartholomeus Jacobsz, als leproosmeester der stede van Haerlem ter eener, ende Jan Pietersz, buyerman tot Scalcwyck gelegen in den banne van Nyeuwerkerck ter andere zijde, ende bekenden ingevolge zeker vonnis condempnatoir van schepenen voirs, van dato 26 maert l.l, rechtelijk met malcanderen gescheyden ende gegrondeelt te hebben een zate lands gelegen in den ban van Nyeuwerkerck, geheten Geryt Romekensaet, ende heeft nu ter tijt belend zuid: Aernt Jansz van Assendelft c.s, noord: Symon Jacobsz Ruijckhaver ende Jacob Willemsz, streckende voir van die Scalckwijckerwech tot achter aen die Somerwech toe. Waerinne dye voors. Jan Pietersz alleenlycken competeert 7½ hont lands, die hem toegedeeld zijn binnen de voors. limieten voor van de Scalcwyckerwech aff streckende oostwaert tot an de Nyeuwe Heynsloot toe, mitten huyse daerop staende, welcke Heynsloot wijt es 7 voeten. Dye vrij eygentlick toecompt het Leprooshuys alsoo dye geheel sloote vuyte des Leprosen lant volgende t voors. vonnis van schepenen geschoten es. Het Leprooshuis zal ten eeuwigen dage een vrije noodweg over de voorn. 7½ hont behouden, mitsgaders doer dye sluyse ende wateringe gelegen onder dye z.z. van het voors. lant

1598-01-29 | Koedijk

R.A.H. O.R.A. 6218 fol 107
Jaartallenindex

schout en schepenen in Koedijk oorkonden dat Willem Thoenisz en Koen Jansz als enige swagers en erfgenamen van wijlen Pieter Dirck Yfsz quytschelden tbv Pieter Yfsz, haren buerman, een acker saetlant wesende het naest noorderste acker van de vier ackeren geschoten ut een stucke vroonlants genaempt ....., groot omtrent 4 snesen, noord: Jan Symonsz, zuid: Willem Thoenisz, onderpand: de Cleymeersweijt, zuid: de Heilige Geest, noord en noordwest: de Cleymeer; - (zonder datum) Louwers Cornelis Louwers draagt op Maerten Symonsz een acker saetland, gelegen by oosten de suyder Grote Cleijmeer, oost: de Somersloot, west: de Cleymeer, zuid: Pieter Claes Neelis, groot 12 sneesen 1 roede. Hypotheek: "Gybeven", belend oost: Coeten tuijn, west; de gemeene veert; - (zonder datum) Pieter Cornelis Pieters, Garbrant Pouwelsz en Jan Cornelisz Croon, kerkmeesters tot Coedyck, hebben bij consent van de gemeente tot Coedyck en tbv de heeren Staten van Noorthollant, vercoft een acker saetlant an Maerten Symonsz, groot omtrent 10 snesen, gelegen ten zuidoosten van de Daelmeer, belend vroonlanden an wedersijde; - van gelycke vercoft Jan van Schagen, waert in de Witte Valck tot Coedyck, mede een acker saetlant, mede gelegen ten oosten van de coornmolen, groot omtrent 5 sneesen, belend: vercoft vroonland an wedersijde. Hypotheek: alle de kerke goederen

Reyer Claesz (Cornelisz ?), schout, Pieter Jansz Coninck, Cornelis Jansz Appetijt, schepenen

1553-03-17 |

R.A.H. Coll Aanw 256 fol 171-176/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex

keizer Karel ontvangt de supplicatie van Thyman Aertsz, burger der stad Naerden, inhoudende hoe de jonge schutters deser stede in den jare 1551 l.l. nae die papegay geschoten hebben, aldaer die suppliant Coninck geworden is. Na afloop daarvan wilden zij zoals naar ouder gewoonte gaen in den convente van Oudenaerden. Toen zij bij de stadspoort kwamen, daerdeur men gaet tot oude Naerden, weigerde hij suppliant consent om naar Oud Naarden te gaan. Daarna trokken zijn naar het gasthuis om feest te vieren. Na afloop trokken zij met trommels en pijpen naar de stadspoort om een rondgang om de stad te maken. De ghemeen schutters dwongen hen echter in de richting van het convent van oud Naerden. Toen zij bij de molen van het convent aangekomen waren, wilde suppliant geen consent geven om het convent binnen te gaan. De gemeen schutters hadden hem toen naar binnen gedragen, hetgeen de prior gezien had. Er was toen enige onstuijer in den convent bedreven. Door de Raad van Holland waren enigen deswege veroordeeld (1552-10-13). Alzo suppliant een zeer scamel visscher is, beladen met vrouw en kinderen, die niets anders kan dan visschen, verzoekt hij pardon. Het Hof herroept nu zijn bannissement van 2 jaren op voorwaarde dat hij de door hem aangerichte schade zal vergoeden, dat hij belooft 5 jaar lang het convent niet binnen te treden, dat hij een boete betaalt van 12 Kar gld en de costen van justitie