13 resultaten
Swieten, van | 1351-11-22
Van Mieris II p 804
Achternamenindex
hertog Willem oorkondt dat de poorters van Leiden alle zaken die gedaan zijn sedert Claes van Swieten "geslegen wort, an ons trecken, ende hem vergen, wat zij daer an jegens yemende misdaen mochten hebben"
schepenen van Leiden: Huge van Swieten, schout, Jan Vranckenz, Willem Bort, Jan Pietersz, Jan Philipsz, Willem Willemsz, Jan Hugensz, Jan Gerritsz, Dirc van den Hoeck
Arkel, van | 1417-06-03
Kroniek Hist Gen dl VIII p 214 en 217
Achternamenindex
Tresoriersrekening van Holland: 1417-06/07: "ende men den heere van Arckel ut den stock geslegen hadde; …. sedert den 3 juni dat heer Jan van Arckel uiten Hage aldair gebracht worde" [nl op kasteel ter Goude]
Nachtegael | 1406-02-14
Rechtspraak Graaf van Holland I p 212
Achternamenindex
zoengelden voor de gedoden en gekwetsten binnen Haarlem: Elyas en Adriaen Nachtegale, Philips knechte van Cralingen "sullen hebben voir hoir smarte ende quetsinge die sij cregen, doe Dirc zoon van Philips voornoemd geslegen werd", Elyaes 25 £ en Adriaen 15 £
1393~ |
R.A.H. Coll Aanw 65 fol 130v/Mem B.D. ingestoken papier tussen fol 83 en 84
Jaartallenindex
Munt: - Engelse nobel 76 groten; Vlaemse nobel 75 groten; Vrancrixe cronen 39 groten; Vrancrixe scilden 43 ½ groten; Rynsgulden 32 groten geslegen van den Coervorsten; Wilhelmus scilde 40 groten. En dit voers. gelt mach men nijt myns heren lande voeren. Een Holl gld 25½ groten; Peters van Brabant en helmkens van Vlaenderen 38 groten; Vrancrixe motoen 43 groten; Keijsersche en Ghense scilde 42 groten; Lijoen 50 groten; Dubbelde Henegousche cronen 49 groten; Engel van Vlaenderen ende van Brabant 47 groten; Oude Franxe 34 groten; Nuwe Fanken, nuwe Berchse scilde ende Oijsche croonen 32 groten; Ducaten Ungerse ende Beemsche gulden 34 groten. En dit voers gelt en mach men niet uijt myns heren landen voeren (zonder datum)
1417-12-13 |
R.A.H. Coll Aanw 73 fol 20/Memoriale B.B. fol 14v
Jaartallenindex
hertogin Jacoba oorkondt "want Jan Pieter Heermansz, Gheryt Symon vredericsz, Heinrich Hermansz de jonge, Jan Witte Bertelmeusz, Symon Vrederic Bertelmeusz, heer Aernt syn broeder, Jan Meeusz, Bertout van Assendelft de jonge, Willem Rondeel, Dirc Barbier en Wermbout Jansz mit sommige anderen onsen ballingen en vijanden, ons onse stad van Gornichem hebben helpen afwinnen en tegens ons gehouden, dair hoirre een deel of geslegen en een deel gevangen en een deel of ontgangen sij, also dat si kenlic ende mit alle recht hoir live ende goede dairom tegens ons verbuert hebben", so hebben wij bevolen ende bevelen Gheryt Jansz, onse scout van Leyden, al het goed van genoemde personen aan te tasten en in beslag te nemen binnen Leyden of daaromtrent
1496-01-30 (1495) |
R.A.H. Coll Aanw 110 Caput Vriesland fol 25-27 (fol 15)
Jaartallenindex
Pieter van Teylingen, auditeur van de Camer van de Reeckening in Holland, en ontfanger van der espargue ende extra ordinarisse partijen in Hollandt ende Vryeslandt, oorkondt dat hij als zodanig namens den hertog verkocht heeft aan Pieter Hanneman 3 morgen lands gelegen in die Koich van Groote Oosthuijsen, ende belend hebben oost: Brecht Bouwenszoon, west: dat gasthuys te Hoorne, daer aff die 3½ deymden leengoed is, als wijlen een genoemt Mertin Jansz Velaer, lange overleden, te besitten plach, welk land Mertin zoo hij zeide in zijn leven gemaakt en geresigneert zou hebben aan Jan Mertynsz, zyn natuurlyke zoon, waarvan in de leenregisters echter niets te vinden was, zodat het leen na de dood van Mertin Velaer, die geslegen werde omtrent Hoirne, in der oorloge van Utrecht (1482, 1483), den hertog door wanverzoek aangekomen was, of na den dood van Jan Mertynsz die het gebruikt had zonder verlij, en zonder wettige kinderen gestorven is, meest hoijland, niet meer opbrengende 40 stuvers. Hij belooft namens de hertog vrijwaring; 1495-01-31: de hertog confirmeert en approbeert deze verkoop
1406-02-14 (1405) |
R.A.H. Coll Aanw 69 fol 99/Memoriale B.H. fol 61v e.v.
Haarlem Algemeen
(vervolg) hertog Willem doet uitspraak over II) 6) van Tactgens doot zal die zoen costen 300 £, waarvan voor de magen 200 £ en voor de hertog 100 £. Dat gelden zullen Gerytkijn mitter eenre hant mit sinen magen; 7) van Jan Braeuwen doot sal die soene costen 1000£, voor de magen 800 en voor de hertog 200. Die zullen gelden Jacob Verdeboutsz, Hughe Verdeboutsz en Clais Willem Grebbersz elk ⅓ deel mit horen magen; 8) van Dirc Philipsz doot van Cralingen zal die zoen costen 600£m waarvan voor de magen 500 en voor de hertog 100£. Item van Clais Pietersz doot, die bi him geslegen wordt, sal die soen oic costen 600£, 500 voor de magen en 100 voor de hertog. Ende deze twee doodslagen zullen gelden mit horen magen: Aelbrecht Willemsknecht v.d. Woude, Oem Dirc [v. Assendelft], Gheryt Wouter Heertgensz, Jan Bledze, Bouive (Bouwe ?) Floorkijn van Adrichem, mr Jan Jans Dirxz, een muelnaer van Delf geheten Jan die Hoge, Dirc van Noirtich, Symon Aerntsz, Ghysbertgen Floris Scoddyen neve, Claes Hazaert, Jan Hagen, elx sijn aendeel
1406-02-14 (1405) |
R.A.H. Coll Aanw 69 fol 99/Memoriale B.H. fol 61v e.v.
Haarlem Algemeen
(vervolg) voert willen wij en seggen, overmits dat Bertout Buijse in den vechtelic doen Jan van Zaenden en Willem van den Woude geslegen worden, al so vele onstandeliker woirde zeide en riep "slaet al doet" ende troiste die lude te vechten ende brochte hem wapen toe, daarom wordt Bertout voor ewig verbannen. Want Clais Symonsz Willems Grebbersneve, moet omdat hij aanwezig was bij de doodslag op Jan Brau een pelgrimage doen tot St Pieter te Rome. Idem Heyn mitten vercken, die bovendien nog voor 2 jaar uit Haerlem verbannen wordt. Voirt want Clais Symonsz van Zaenden die bastaert buten merken ende up desen tijt slants is, so doen wij hem also veel gracie, dat sijn mage binnen deser naester maent comen mogen voir ons of voir onsen raden ende bewisen in der wairheit ende mit goeden bescheiden, dat Clais in Oest Vrieslant niet gelegen en heeft noch onsen luden mitten Vriezen nie beschadicht en heeft. Ende ist dat sij dat doen ende claerlic aenbrengen binnen deser maent als voirs is, so setten wij Clais voirs. sinen tijt uijt ende verlangen hem die toe Meyedage toe e.k, ende dan so mach hij binnen eenre maent daerna comen verborgen dat him overgeseit is in sulker maten als voirscr. is, sonder argelist. Gegeven en geseit tot Haerlem
Egmond, van | 1361-1362
Rek Rentmeester Kennemerland 809-823
Achternamenindex
de heer van Egmond: (809 fol 24) van sinen wedden van 1362: 40 £; 1362-1363: (810 fol 10) van ¼ deel van de sluis in Roxvliet 40 sc; 1366-1367: (812 fol 14) ¼ deel van de sluis in Roxvliet 40 sc; 1373-1374: (816 fol 22) van der sluse in Roxvliet 40 sc; 1374-1375 (818 fol 11) en 1375-1376 (819 fol 11): idem 40 sc; (819 fol 15): den here van Egmonde gegeven van soetgelde die geslegen worden in sinen lande bi Nuwendoren van twee jaren 15 £; 1379 (821 fol 13), 1380 (822 fol 11): van der sluus in Roxvliet 40 sc; 1379 (821 fol 23v): uitgegeven bi mijns heren brieven gegeven in den Haghe op St Adriesdach van cost die die vrouwe van der Lecke dede doe sij ghesent wort tot Engmonde ende die joncvrouw van Engmonde soude heffen 20 £; 1382: (823 fol 12) van der sluse in Roxvliet 40 sc
1398-06-24 (3) |
A.R.A. Leenkamer 323/Reg F.H. fol 1-6, 12v, 19
Jaartallenindex
(vervolg) dit sijn die heren die mijn leve here van Oestervant van mijns heren weghen bidden sal: die coninc van Vrancrike 200 glaijen, die hertoghe van Bourgongen 100 glaijen, die hertoghe van Orlijens 100 glaijen, die grave van Namen en here Jan van Namen, syn broeder, tesamen 200 glaijen, Jan van Rodemars 50 glaijen, die Henewiers 400 glaijen, Jan van Bartangen 100 glaijen, die heer van Ghistel ende anders die Vlamingen 100 glaijen. Dit sijn die ambochtslude die geordineert sijn ter Vriescher reijsen. Eerst 2 ammirale die die scepe winnen sullen ende den goeden luden leveren, alse: here Jan van Heenvliet en here Gherijt van Egmond, onder hem Willaem v.d. Berghe. Bosmeisters en graefmeisters: here Florys van Alcmade, Gherijt van Eemskerc. Tymmermmeijsters: here Jan van Renisse van Wyninghen, Jan van Heemsteden, Clais Jans Vosz te Leijden. Tentmeisters: here Dirc van Poelgheest, Hughe Florysz mit 6 tymmerluden ende 12 knechten, ende dese sullen besorghen die turken ende vierpannen [?] en die lenten ende bi hem nemen die missagiers. Tarwe en Biercopers: Hughe Starke in den Hage, Symon van Zaenden Gherijtsz. Ossencopers: Jan Claesz, van Hurne, ende Symon Van der Scuer. Wyncopers: Pieter Heerman, Ghijsken Tolnaer, Pieter Bierenbroet, mr Colte van Leiden. Item die stede van Haerlem sullen scepinge ende bier leveren voirt gelt dat si minen here lienen sullen, des sullen zi die scepe leveren bi den ammiralen ende dat bier doen brouwen bi Hughe Starken en Symon van Zanen Gherijtsz. Die van Delf sullen bier leveren voir hoir ghelt bi Hughe en Symon voirs. Die van der Goude en die van Sciedam: scepeninge en bier. Scapecopers: Bertelmeus Willemsz en Kerstant Roelenz. Vischcopers: Clais die Muijs, Vranc Poesz, Willem uten Broeck, dese sullen bewaren dat die harinc tot Amsterdam vergadert ende in kelnaren geslegen werden. Botter en caescopers: Jan Gherytsz, scout van Hoern, Dirc van der Spec. Item so beveel men den meisterknapen te copen scottelen, azijn, eijer, mostart, turf ende zout etc. Meester Ridderen: heer Jan van Heenvliet, here Jan van Renesse, here Coen van Oesterwijc. Meester knapen: Malapiert, Henric Jansz, Herman Willemsz, Jacob Vlistman ende roedragher, dese sullen hulpers tot him nemen die him ghenogen. Penterije: Florys van Tol. Item die pentiers sullen onder hem nemen him te holpen die him ghenughe ende sullen dat broot doen backen. Item die bottelgiers desghelycs. Item die coocs desghelijcs. Item die wairderobbe etc. Dit sullen besorghen Otte van Malsen, Jan Heynricsz, Dirc mitter Gheijs en Coensel, mijns heren pentiers etc