5 resultaten
1556-06-12 |
R.A.H. Coll Aanw 259 fol 407v/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex
alzoe Jacob Bruneel (?) Jansz, schout van Alkemade, wonende in den dorpe van den Caghe, aan het Hof van Holland bij request vertoond heeft dat hij een enige broer heeft, genaamd Pieter Jansz. Dat hij getracht heeft hem een ambacht te leren. Dat hij hem goed in de cleren stak, doch dat hij zelfs die verspeelde. Om erger te voorkomen verzocht hij om zijn broeder "te castyemente in een convent van de cellebroers te mogen leggen". Dit wordt toegestaan
1516-12-22 |
A.R.A. 490 no 181/Sent. Hof van Holland
Jaartallenindex
jvr Kateryne van Bottinge appellante voor haar en haer zoon Willem van Stapel, contra Martin van der Eycke, duerwairder ende exploictier van den voors. Hove, geappellerde en gedaagde allegerende de voirs. appellante dat int jaer 1456 wijlen Willem van Stapel hoer voirman bekent ende verleden hadde een rente van 16½ gouden gulden. Deze lossing was echter niet geschied, en deze rentebrief was bij cavelinge gekomen aan Lysbeth huysvrouw van Jacob Herycxzoon. Over deze rente ontstond een proces, dat ten haren nadeele beslist werd door het Hof. Hoewel dit vonnis niet executabel was, had bovengenoemde deurwaerder getracht dit vonnis te executeeren op zekere, haar en haar zoon toebehoorende goederen in Zeeland. Het Hof verclaert bij de voirs appellante wel geappelleert ende qualyck bij den geappelleerde ende gedaichde geexecuteert
Claes Doedenz | 1467-12-18
Coll Aanw 238 fol 87, 128
Voornamenindex
Claes Doedenz en de vrienden en magen van Harcke Albrechtsz contra Evert Garbrandsz, 1e default (Mem Poes fol 23v); 1468-01-11: uitstel (fol 34); 1468-01-16: (fol 157v) beiden waren doodgeslagen toen zij in opdracht van de schout van den Nyenlande getracht hadden Jan Rentijtsz te vangen; (fol 160v) zij krijgen 1e default tegen de door hen gedaagden; 1468-02-04: deze zaak (fol 219, 225); 1468-03-10: (fol 354v) uitspraak in gevecht te Valkencoog
Hercke Aelbrechtsz | 1467-12-03
Coll Aanw 238 fol 29v, 87, 128, 157, 160v, 183v, 219, 225, 354v/Memorien Hof van Holland fol 8, 34
Voornamenindex
betrokken in het proces van de Procureur Generaal tegen Soijer Soijersz, Hercke Soyersz, Gille Walichsz, Hercke Aelbrechts en Jan Gerwertsz; 1467-12-18: de vrinden en magen van wijlen Claes Doedenz en Hercke Aelbrechtsz verkrijgen 1e default contra Evert Gerbrantsz c.s.; 1468-01-11: uitstel; 1468-01-16: de procureur en de vrienden en magen van Hercke Aelbrechtsz en van Claes Doedenz, die doodgeslagen werden toen zij in opdracht van de schout van den Nyenlande hadden getracht Jan Rentijtsz te vangen; 1468-01-27: hij was op het kerkhof gevlucht en daar doodgebloed; 1468-02-04: over deze zaak; 1468-03-10: gevecht te Valkencooch, uitspraak
1416-07-26 - 1417-07-04 (3) |
Kroniek Hist Gen jg 1852 p 209-234
Jaartallenindex
Tresoriersrekening: (p 222 ev) Op 30 Aug. bevel aan de jonkheer van Gaesbeec, here Floris van Borsele en Jan van Egmond heren Willemsz om s Zaterdags daarna te Geerdenberg te komen om de gen. here van Holland en mijn lieve here de daulphyn naar Henegouwen te rijden. Ook aan Jan van de Lecke, de jonchere van Nassauwe, heer Henrick van der Lecke en heer Jan van Cronenburch. Item te Zierikzee an heer Floris van Haemstede. Item an heer Gillis van Cralingen, heer Gerrit van Heemskerk, heer Gerrit van Poelgeest, Dirc van Assendelf en heer Harberen van Yselsteyn. Item op 2 Sept. een bode gezonden aan de bisschop van Utrecht om aan Souwe van Rijn al zijn breuken te vergeven, nochte tot Rhenen an Jan van Hardenbroic, ende hem die boeten dairof verdragen om myns liefs heren wille. Op die selve tyt bericht aan Jan van de Lecke te Rotterdam, here Jan van Cronenburch, tot Huesden, en an heer Heinric van der Lecke en de jonchere van Nassau dat de reis naar Henegouwen uitgesteld was. Later bericht dat de reis wel doorging; (p 225) Jan Bloc van Amsterdam gezonden aan de baljuw van Kennemerland. Op 3 Nov. een bode van Purmerend naar Yselsteyn met des tresoriers brieve "roerende hoe hij alrehande vreemde tydinge verhoirt hadde van de jonchere van Arkel ende dien van Egmonde, die hij niet en wiste wat sij in hebben mochten". Hij beveelt hun waakzaamheid. Door een bode worde brieven naar de graaf in Henegouwen gebracht, van de stad Utrecht dat Jan van den Spiegel en Ysbrant van der Aa, ballingen te Utrecht, getracht hadden de stad Utrecht te overmeesteren "ende hadden oec copien van brieven die die jonchere van Arckel ende heere Hugo Roden soon in alle steden van Hollant ende dairomtrent gescreven hadden, roerende van heer Jan van Egmonde ende meer andere brieven"; (p 228) Op 30 Maart een bode naar Ysselsteyn gezonden an de burgemrs schepenen en raad aldaar om te vernemen so wie den scout aldair, bij name Ghysbrecht van Ysselsteyn vermoort en doodgeslagen mocht hebben; (p 230) Op 11 Juni een brief gekomen van heer Jan van Egmonde, roerende van hoe mijn gen. heere zal. ged. in zijn utterste him weder verlyt soude hebbe zyn lande en stede van Ysselsteyn ende van Egmonde; (p 231) Brief aan Claes die Wale tot Hoirn om met 20 gewapenden te Amsterdam te komen. Item 12 Juni gesent in Henegouwen an mynre gen. Vrouwe van Holland hoe dat Ysselsteyn verloren waren. Item omtrent den 8 Juni [1417] van Amsterdamme een bode gesent mit sheren Jans brieven van Vyanen tot Lederdamme an sinen wijve, roerende dat sij mit hore vrienden ende dienren wail zage ende behoede t huijs ende slot tot Lederdamme, want heere Jan voirs immer een wijl tijts moste blyven liggen binnen der stede van Amsterdamme