12 resultaten
1537-04-26 |
Part Leenkamer Asperen 1 fol 55v
Jaartallenindex
Rutger van den Boetzelaer beleent Fflorys Claesz en zijn broer Willem Claesz, die Claes Fflorysz gecregen heeft bij Jutken sal. Willem Hollendochter, een halff hoffstadt op Romde, boven belent die pastorie, beneden rondtomme een ghemeyn straet. Claes Fflorysz doet hulde (vgl 1536-06-12, 1538-10-25)
1392-12-17 |
Cartul St Jan Haarlem no 660
Haarlem Algemeen
schepenen in Harlem oorkonden dat Claes Jacop Jan Wonnenz.z erkende gehuurd te hebben 5 jaar lang 10 maden lantds gelegen in den ban van der Nuwerkerc met Jan Hewensoenskinder en met Claes Jacopsz voersz. ghemeyn, om 3 ½ Dordr gld ende om 10 entvogel sjaers of voor elken vogel 12 penn comans payment
Symon van Zaenden Gerytsz en Dirc Fyensoen, schepenen
1429-10-19 | land van Heusden
A.R.A. Leenkamer 39 Copie fol 162, 163 (katern tussenin, fol 17v)/Reg Charolais fol 14v (katern)
Jaartallenindex
Johan heere van Asperen, van Voirst ende van Keppell beleent Dirck van Wyck Aerndts van Wyck Boyden Kuijstszoenszoen met 5 morgen land gelegen in den ban van Wyck in die Zuythueven, west: Jan Hermansz erfnaemen, oost: die ghemeyn straet, streckende van der Aelborgse steghe tot Jan Aertsz land toe. Leen van Asperen, tot een onversterfelijk erfleen. Te verheergewaden met 1 gulden
mannen: Gheryt Folpertsz, Ott Godertsz, Gheryt Gherytsz
1430-08-21 |
A.R.A. Leenkamer no 39 Copie fol 162, 163 (katern tussen in, fol 12)/Reg Charolais fol 9v (katern)
Jaartallenindex
Johan heere van Asperen beleent prior en ghemeyn heeren van de Sartroysen van St Geerdenberge met 8 hont land gelegen in de heerlijkheid van Asperen in een hueve geheyten Grieten Lauwen hueve in t vorste gheweynt van den achtersten camp, an die overste zyde: Scolpen hueve, an d'ander zyde: Jan, onse bastaert oem van Pollanen. Hier heeft nu ter tyt voor gehult Gorys Folpaertz
mannen: Ot Godertsz, Enbert (!) Jansz, Gheryt Gherytsz
1502-12-21 |
R.A.H. Coll Aanw 113 Caput Z.H. fol 36
Jaartallenindex
leenmannen van Holland oorkonden dat Robbrecht van Drongelen heeft opgedragen een geseet metter timmeringhe daerop staende, gelegen in den ban van Ethen, oost: die ghemeyn strate, west: die erffenisse die Robbrechts voors. plagen toe te behoren, streckende van der straten tot die erffenisse van Joost van Ryswyck ende Jan de Wolfs erve toe. Deze opdracht geschiedde tbv Willem Pylyser voor wie belening verzocht wordt (vgl 1492-03-29, 1512-03-06)
Adriaen Duls Gerritsz en Ywyn Melisz, leenmannen
1455-03-26 | Akersloot
Bijdr Bisdom Haarlem dl 16 no 91/Cartul Zijlklooster Haarlem
Jaartallenindex
Jan Reijnersz, scout tot Akersloet, (met zijn zegel) oorkondt dat Jacob Dircsz geliede verkocht te hebben aan het Zijlklooster te Haarlem, een stucke lants gheheten Hobbenweijd, 6 maden groet, ¼ deel, gheleghen in den ban van Akersloet, ghemeyn mit Kathrijn comen Vrerics weduwe, belend oost: Heynric Honen wedue, west: Hughe Albout, noord: Pieter Willemsz, zuid: Lou Heynricsz. Daer bi, an ende over gheweest hebben Jacop Rembrantsz, Vreric Doevenzoen ende Claes Bouwensz als tuijchsluyden
1453-02-01 |
Bijdr Bisdom Haarlem dl 16 no 88/Arch Zijlklooster Haarlem
Jaartallenindex
Jan Reyniersz, scout van Akersloet, oorkondt dat Bartholomeeus Pietersz Berentant, geliede dat hij verkocht heeft aan het Zylklooster te Haarlem, een stuck lants gheleghen in den ban van Akersloet after Hundegeest, groot 6 gheerse min 7 ½ scaft, ghemeyn mit Bouwen Wilbrantsz ende mit Agnies Jan Paeuwenweduwe van Aemstelredam ende heeft belendet zuid: Lourys Jansz als een voecht van sijnre moeder, noord: Jan Pietersz. Hier waren bij ende over als wyncoepsluden Jacob Rembrantsz ende Willem van Tetroeden. Bezegeld door de schout anno 1453 op O.Vr. avond Purificatie. Met het zegel van Jan Reynersz, schout
1429-10-19~ | land van Heusden
A.R.A. Leenkamer 39 Copie fol 162, 163 (katern tussenin, fol 15)/Reg Charolais fol 15 (katern)
Jaartallenindex
Johan here van Asperen oorkondt dat Dirck van Wyck hem heeft opgedragen 7 hont land in die ban van Wyck in die Zuythoeven, streckende van der Veltsteghe tot des voirs. Dircs van Wyck lande toe, oost: die ghemeyn straet, west: Jan Hermansz erfgenamen. Mit dycksloot, Mase en weteringe, die daartoe behoren. Hij beleent er vervolgens mede Jan, bastertbroeder van Dirck van Wyck voors. Leen van Asperen, tot een onversterfelijk leen. Te verheergewaden met 1 gulden. Gegeven in t jair ons Heren duysent CCCC° op den XXIX dach in Octobri [te lezen: 1429 op den 19e October]
1493-04-21 |
G.A. Monnikendam Inv 154 fol 24v/Diversorium Galileaconvent Monnikendam
Jaartallenindex
scepenen in Monikendam oorkonden dat Jan Heynenz, Claes Claesz of Claes Adamsz mit ghemeyn ghenoet(en) ende Dirc Adamsz als van sijns moeders weghen, ende hebben eendrachteliken ghekent voer die waerheyt als sevenen van een stucke lants gheleghen in Monikenbroeck bijwesten Mollers dyckamp ghenoemt Pouwels Jacopsz lant, dat in teghenwoerdicheyt van hem int jaer van 93 omtrint mitvasten die pater van Galileen mit Jacop Reijersz sijn mede broeder betaelt tot Jacop Evertszoens die leste custen van dit voers. lant Gheert Ysbrants wedue ende Symon haer soen van Purmer, die welke Gheert ende Symon voers. gheliden voldaen te wesen. Opschrift: Pouwels lant ghecoft van Gheert Ysbrants weduwe
Jacop Claesz ende Reijn Florisz, schepenen
1429-10-19 | land van Heusden
A.R.A. Leenkamer 39 Copie fol 162, 163 (katern tussenin, fol 18)/Reg Charolais fol 14v (katern)
Jaartallenindex
Johan here van Asperen oorkondt dat Dirck van Wyck Aert van Wyck Bouden Kuystsz.z hem opdroeg 8 morgen land gelegen in den ban van Wyck, in die Hueven, streckende van der oirden steghe ter Veltstraten toe, oost: die ghemeyn straet, west: Dirck van Wel. Met dycksloot, Mase ende wateringe die daertoe behoren en dat hij vervolgens Boyden Kuyst bastertzoen [van] Dirc van Wyck voirs hiermede beleend heeft, als leen van Asperen. Tot een oversterfelijk erfleen. Te verheergewaden met 1 gld. Wanneer Bouden Kuijst overlijdt, zonder wittachtige geboort van hem te blijven, dan keert het leen terug op Dirck van Wyc of zyn rechte erven. Behoudelyk Dirck van Wyck voirs ende jvr Gheertruiden, zyn wettachtige wijve, hun lyftocht an het voors. goet
mannen: Gheryt Folpertsz, Ott Godertsz, Gheryt Gherytsz