10 resultaten

Leyenburg, van | 1401-07-31

R.A.H. Coll Aanw 67 fol 166v, 168v
Achternamenindex

vrijgeleide voor heer Arent van Leijenbergh, 14 dagen lang; op OVr avond Assumptio weer 8 dagen

Leyenburg, van | 1436-01-07 (1435)

R.A.H. Coll Aanw 100/Reg Philippus fol 38
Achternamenindex

Jan van Leyenberch draagt zijn lenen, behalve Leijenbergh met de heerlijkheid en het land, over aan zijn zuster Janne van Leyenberch, gehuwd met Dirck van Swieten

Leyenburg, van | 1353-05-07

Dr RR Post: Supplieken aan de Pausen II p 248
Achternamenindex

concedere dignemini domino Stephano de Byninen militi, Johanni Bierwisch, armigero familiari suo, Elysabeth de Broekhuijsen ac Aleidi de Leijenbergh, domicellabus suis, quod semel in mortis articulo ab omnibus peccatis possint absolvi ut in forma et quod eadem gratia conceditur fratri Hermanno ordinis Minorum suo confessori

Leyenburg, van | 1393-05-13

R.A.H. Coll Aanw 46 fol 132v
Achternamenindex

hertog Albrecht oorkondt dat Aernt heer van Leijenbergh hem tijdig binnen het jaar nadat hij graaf geworden was, de lenen verzocht heeft, die hij van hem als Ruward gehouden had, en dat hij hem, zij het zonder brieven, hem daarmee beleend had; hij bevestigt nu deze belening

Leyenburg, van | 1402-12-26

R.A.H. Coll Aanw 68 fol 34v, 36v, 50v, 58, 1219/Mem Holland B.J. fol 23v
Achternamenindex

vrijgeleide voor heer Arent van Leijenbergh, met 3 knechten, een maand lang; 1403-01-18: herhaald; 1403-05-28: voor heer Aernt van Scoenouwen en heer Aernt van Leyenburch, 14 dagen, daarna verlengd met 14 dagen en vervolgens voor een maand; 1404-12-11: met 8 personen

Leyenburg, van | 1423-02-02 (1422)

R.A.H. Coll Aanw 77 fol 117v, 121v/Memoriale Ducis Johannis fol 76, 78v
Achternamenindex

van de gezellen van Gorinchem die ter Goes gevangen waren; zij beloven aan heer Aernd van Leyenbergh, die hierin optreedt namens de hertog, op 1 mei in Den Hage te komen in het huis van Willem Pietersz; 1423-03-02: vrijgeleide voor heer Arnt van Leijenbergh met zijn have en goed en 7 knechten, een jaar lang

Leyenburg, van | 1448-02-07 (1447)

R.A.H. Coll Aanw 102 Caput Arkel fol 1v/Reg Principum fol 1v
Achternamenindex

jvr Janne Aerntsdochter van Leijenberch, vrouw van Dirc van Swieten, wordt beleend met het goed van Leijenbergh, metter heerlijkheid, hoge ende laghe, zoals gelegen mit graven ende mit singelen binnen der uterste graften, haar aanbestorven van haar broer Jan van Leijenburch. Vervolgens draagt zij en haar man dit goed over aan hun zoon Arent van Swieten, die ermee beleend wordt

Leyenburg, van | 1421-03-05

Inv Arch Nassau Domeinraad regest 1117, 1126, 1136, 1144, 1149, 1155, 1156, 1158
Achternamenindex

heer Florens, heer Phijlips en heer Vranck van Beerssel en heer Aernvelt van Leyenbergh vanwege de hertog van Beyeren, en de jonkers van Nassauwe, van Wesemale en van Munjauwe en Johan van Glimes, vanwege de vrouwe van Brabant, de heer van Saintpoll (?) en het land van Breda, sluiten een bestand in houdende dat 6 zegslieden van weerszijden een compromis zullen maken; 1421-03-13: wijst Johan hertog in Beyeren o.a. heer Arnt van Leijenbergh aan als zegsman; en verdere regesten over deze zaak

Leyenburg, van | 1357-12-14

Inv Oud Arch Nymeegse Broederschappen regest 7
Achternamenindex

Gerardus de Leijenbergh, burggraaf van Nijmegen, Albertus Rijke en Ricoldus Reymboldsz, schepenen aldaar, oorkonden dat Otto zoon van Johannes de Wusic, ridder, verkoopt een stuk land aan t Cattenpat, aan Heynricus Jordansz de Woerde; Geraruds komt ook voor: 1359-08-18 (regest 9), 1368-05-14 (r 19), 1369-04-15 (r 20), 1357-12-16 (p 412 no 10), 1359-10-19 (p 413 no 13), 1366-11-07 (p 414 no 18), 1367-12-13 (p 415 no 20), 1369-03-12 (p 415 no 22), 1356-06-05: was Henrick van Myerlaer burggraaf

1434-1435~ (2) |

R.A.H. Coll Aanw no 43 fol 134v, 144-148/Reg EL 4 fol 35-36, 37-38, ingestoken papier
Jaartallenindex

(vervolg) dit geschiet was heren Aernt van Leijenbergh die doe sijn drossaet tot Gornichem was enen brief scriven dede, dair hij hem in deed bevelen van sijnre wegen aen te tasten alle die goede die der heerlicheijd van Arkel toe te behooren plagen, want hij dair niemant niet aen en bekenden soe hij die van nijes ende anderwerven gecoft hadde, ende Jan voirs. ende sijn medeplegers die stadt ende landt versuemt ende verloren hadden gelijck voirs. is, en gelijck die voirs. brief des coeps dat inhout ende claerliken bewijst, ende hier na een tijt geleden doe onse genadige Heer Hertoge Jan van Beyeren sal. ged, in der suoene tot Woudrichem bededingt wert, dat hij Gornichem mitten lande van Arkel in kreech ende hebben soude, doe taste men alle goede aen ende bruijct die in alre maten gelyck se die heeren van Arkel tevoeren te bruken plagen, overmits dat Jan van Heerler en anderen sijn medegesellen dat aen hertoge Willem voirs. gebrocht hadden als voirs. is, ende hierom heeft hertoge Jan die goeden voirs. sinen tijt beseten ende gebruijct, ende heeft onser genadiger Vrouwen van Beyeren voirs. dairaen verlijftucht, welcke lijftucht mijns heeren genade van Bourgoignen ende oec mijns heren genaden van Brabant sal. ged. haer geconfirmeert ende gevesticht hebben ende geloeft daerin te houden ende te stercken tegen enen yegelycken die haerne Genaden daerin hijnderen of deeren wilde. Ende overmits dies soe heeft mijn genadige Vrouwe van Beyeren die goeden tot deser tijt toe beseten ende gebruyct van enen yegelyken, ende hopen ende meynen dat myns Heren ged. v. Bourgoignen ende syn hoge wijse Rade ummer billic ende redeliken sal duncken dat sij die goede voers. rustelic ende vredelic ende ongehijndert van enen ygelic hebben ende gebruken sal na utwisinge haere lyftucht brieve ende confirmatien voirs, hare genade dairin niet hijnderende enige zuoenen of ander saken die men dair op ordineren mochte aengesien, want alle voirs. saken voer dieser veeden geschiet syn en in genen veden mogelyc geruert sullen wesen