10 resultaten
1348-09-29 |
R.A.H. Coll Aanw 50 fol 1v/Reg B. Bloys Cas D fol 1~
Jaartallenindex
copia litterae Symonis Peter Hallincxz. Jan van Henegouwen oorkondt dat hij gegeven heeft Symon Peter Hallincsz 2 £ zwarte Tourn, jaarlijks op St Martynsdag in den winter, van onsen rentmeester in Zeeland. Te houden ten rechten leen
presentibus: domino Nycolao Kervinc, Jo. Blonde, Aloudis Johannis, signavit dominus de Senzelles
Zoet | 1410~
Leenregister Culemborg fol 86v
Achternamenindex
leenregister Culemborg: - Kerstant Roelenz een huis met hofstat in den Hage, belend west: Jan Zoet Vranckenz met zijn huis en hofstede, oost en noord: de gemeyn strate, zuid: Gielis Philipsz huis en erf; brief 1419 vrijdag na St Martynsdag
1407-08-14 |
R.A.H. Coll Aanw 70 fol 68v, 69, 76v, 84v/Memoriale B.F. fol 51, 51v, 58v, 63v
Jaartallenindex
gaf myn heer geleide Otten van Malburch Henrix Ottenz.z durende tot Paschen e.k. toe. Ende desgelycs is him uijtgeset sijn liengoede te versoecken tot Paschen toe voors (fol 68v); 1407-08-11: geleide voor Coenen wijf van Harlar durende tot Kersavond e.k. toe, geleide voor Jan Claisz tot Kersavond toe (fol 69); 1407-08-28: geleide voor heer Jan van Schonouwen mit 3 of 4 knechten tot St Martijnsdage in den Winter e.k. toe (fol 76v); 1407-10-01: geleide voor Wolf van Huekelem, durende tot St Martynsdag e.k. toe (fol 84v)
1411-05-18 |
R.A.H. Coll Aanw 100 fol 11v
Jaartallenindex
Margrieta van den Berge, gravinne van Cleve ende van der Marck, oorkondt dat zij om sonderlinge gunsten ende lieften die wij hebben tot onser liever ende geminder dochter Cateryne van Cleve ende van der Marcke mit onser vryen wille hoir vercoft, overgegeven, quytgeschouden hebben mit desen brieve, mit goetduncken ons soens Gerrit van Cleve ende van der Marcke ende ons Raets als heer Dierick van Wisch, ridder, Oet van Camphuysen, heeren Goeswyn van Wisschel, scolaster tot Cleve, alle erffenisse, besterfenisse, roerende ende onroerende alle recht ende toeseggen dat ons anbestorven ende gemaeckt mag wesen van onser liever en geminder dochter, vrouwe Margariete van Cleve, gravinne van Henegouwen en Holland die God genadich sij. Ende daervoren sal ons onse lieve ende geminde dochter Catryna alle jaren utreicken ende betalen also lange als wij van Gods genaden leven sullen 300 Vrancr cronen, te betalen alle jaar op St Martynsdag in den winter e.k. of binnen een maand daarna inbegrepen. Ende 600 cronen an gereden gelden. Bezegeld door Margriet en haar lieve en geminde zoon Gerrit van Cleve ende van der Marck
1357~ |
R.A.H. Coll Aanw 50 fol 78v [verkeerd gefolieerd]/Reg B. Bloys Cas D fol 94
Jaartallenindex
lieve heer en neve, wij laten u weten dat s woensdaeghs nae St Martynsdag in den Somer, onse lieve vrouwe en suster, uwe oudemoeder, die vrouwe van Sentenelle, bi ons was tot Eymeric. Ende op dieselve tyt quam aldaar Willekyn Ever, toenre des briefs die ons lyete syen goede brieve, ghans ende gave als ons dochte, van onser lyever vrouwen ende nichten, uwer moeder, ende van u daer hem mede bevolen was en gegeven dunewairder te wesen in der manieren dat sine brieven spreecken en gesyen mogen. Ende op dieselve tyt tugede onse lieve vrouwe en zuster openbaerlic voer ons dat si daer over en ane was tot Aet in Brabant dat in Henegouwen is, daer hem dese dienst bevolen wert, ende dattet oec bi hueren toedoen ende bede was, welke Willekyn ons toende dat hi des dyensts nyet gebruken en moet, dat ons herck (?) wonderlyck heeft, want wi ghene mangeren geproeven en connen, waerbi dat men hem sinen dienst benemen mach daer en s anders wat in dan wi geweten connen. Gegven die, loco et supra [datering ontbreekt]
1441-10-31 |
Arch Kerkvoogdij Haarlem Inv no 255/St Bavo Haarlem
Haarlem Algemeen
schepenen in Haarlem oorkonden dat Ysebrant van Spairnwoude geliede alsoe hi hem verbonden en verwilkoirt heeft dat hij geen goeden vercopen, versetten noch vervreemden en sel ten zij by wille ende consent der Rade van der stede. So ist dat wij bij vervolch van zinen magen en vrienden ende omme nootsake wille, die Ysbrant hadde, denselven Ysbrant gheoorlooft hebben dat hij tot deser tyd verkopen mach. Ende heeft voir ons scepenen voirs vercoft en getransporteerd aan Pieter Jansz ½ van 1 Eng nobel sjaars die geng ende ghave waren doe men screeff 1408 off payment na dier wairde, op die huysinge met ten erve die Floris Aelbrechtsz nu ter tijt woenlic beseten heeft, gelegen op de hoeck van de Damstraat, an die ene zide: die Kerckstrate, die ander zide: coman Heynrick van Dam (vgl 1443-01-12, 1441-11-14, 1431-09-16, 144 des Dinsdages na St Martynsdag in de Winter)
Doeve van Riedwijc (zegel: een keper) en Jan van der Lane, schepenen
Sticker | 1426
Thesauriersrekening Haarlem
Achternamenindex
Lisebeth vrouw van Philips Willem Stickers, te Leiden, rente op de stad Haarlem 6 nobels (fol 100); 1427: (fol 68) Willem Jan Willemsz tbv Lysbeth Philips Stickerszoons en Aechte vrouw van mr Claes Gheryt Woudemansz, rente op Haarlem 42 £ 12sc; 1430: (fol 94/2) de twee dochters van Willem ontvangen bij zijn handen voor lijfrente op Haarlem 38£ 8sc; 1439-1440: (fol 65) betaald aan Henric van der Does van Lysbet Willem Philips Stickerszs wegen, "ende hoir verschenen was van Mey tot St Martynsdag in den winter doe sij starf, van horen renten 2¼ nobel, facit 7£ 4sc"
1415-10-07 |
R.A.H. Coll Aanw 72 fol 275v, 277v, 285, 285v, 286/Memoriale B.A. fol 182v, 184, 189, 189v, 190
Jaartallenindex
geleide voor Willem heer tho Bueren met 30 personen tot him, durende tot St Martynsdag e.k. toe (fol 275v); 1415-10-12: geleide voor heer Melys uten Eng met 10 personen, durende tot St Martynsdage e.k. (fol 277v); 1415-11-13: geleide voor Dirc Bruedersz, Melys, Willem, Gherijt en Pieter des voors. Dirc Bruedersz kinderen, Dirc Evertsz, Willem Evertsz en Evert Mertynsz tot 2 Febr toe. Dit geleide is Dirc Evertsz, Willem Evertsz en Evert Martynsz verlengd tot Grote Vastenavond toe; 1415-12-09: geleide voor Jan Aerntsz die men Rapoijs heet, durende tot Katherina (fol 285); 1415-12-18: geleide voor Boudyn Lourijsz also verre alst aen hem comt, tot Paschen e.k. toe; 1415-12-21: geleide voor heer Hacke [van Oudheusden] durende 3 weecken lang na den H. Jaersdach e.k. (fol 285v). Eodem die geleide voor Dirc van Oestgeest tot Vastenavond toe, en voor Heynrix Reynerszoons wijf en hoir kinderen en Vrederic Heynricsz en Dirc syn broeder, durende tot 1 Mei e.k .toe; 1415-12-23: geleide voor Ludolf heer tot Steynvoirde met zyn gesinde en knechten tot 20 personen toe, tot 1 Mei toe (fol 286)
Heukelom, van | 1474-03-08
R.A.H. Coll Aanw 105 Heukelom fol 20v/Reg Karolus A II fol 6v
Achternamenindex
hertog Karel oorkondt dat Dirc van Hukelem Dircxz hem heeft opgedragen de eigendom van een weerd geheten de Coudenhovense weert of de Corenweert met de Kettersweerd met toebehoren, behoudelick ons onser heerlijkheid, tienden ende optogen an den Weerden van den visscherijen in den Einge tusschen den Hoofdijk ende de linge, met ackeren, weyden, griende, riet, steenplaatsen, gelegen tegen Vrieswyck in de heerlijkheid van Huekelem, "alsoe sijnen vader die in rechten bruederscheydinge ende in vaders erfnisse bewijst zijn van onser heerlijkheid van Hoeckelem, volgens den doorstoken brief, die hem aanbestorven zijn, en in welker rustiger possessie hij thans is". De hertog beleent hem er vervolgens mee tot een onversterfelijk erfleen, te verheergewaden met een rode sperwer of 10 schell Holl daarvoor (vgl 1424 des Donresdages na St Martynsdag in den Winter)
Arkel, van | 1359-05-29
R.A.H. Coll Aanw no 43 fol 137 t/m 140 en fol 197/Reg EL 4 fol 36/Inv Arch Dordrecht p 35 no 99/Van Mieris III p 94
Achternamenindex
Jan van Arkel heeft zich met hertog Albrecht verzoend; bepalingen: 1) Jan zal op dinsdag na Pinksteren in St Geertruidenberg komen en daar 14 dagen blijven 2) Jan zal de hertog dienen 6 weken lang op eigen kosten, wanneer hij daartoe gemaand wordt, uitgezonderd tegen zijn leenheren van Culemborch, Allard van Buren en de stad Delft; 3) Jan zal de vrije kerk aan die Ghiessen maken en wijden zoals deze tevoren was; 4) ter ere van de grafelijkheid van Holland zal er een kapel gesticht worden op de hofstede waar het eerste huis op stond, dat in deze oorlog verbrand was, en die doen provenden, de gift zal aan de hertog komen; 5) de magen van Jan Colijnsz zal hij zoenen en de kerk waarin deze dood geslagen is opnieuw doen wijden (te Blassekynsgrave); 6) Hannekijn Mieus Hoddemontsz zullen "beteringe doen voer dat him sine voete afgespannen zijn"; 7)hij zal de poorters van Dordrecht hun schepen en haver teruggeven en de gevangenen vrij laten; 8) van de markttollen te Gorinchem zullen wij niet meer nemen dan men vroeger deed; 9) hij zal de schade door Claes Oem, Gosewijn Gienz en Giebe Boem geleden, vergoeden; 10) de stad Dordrecht zal in haar recht blijven "van der mate ende roede van wine ende soute"; 11) de hertog zal Jan opnieuw belenen met de goederen door hem van de grafelijkheid gehouden; 12) het geschil over de goede van der Lecke verblijft hij aan arbiters; 13) heer Ghisebrecht van Nyenrode, Jan van Kerfvenen, Florens die Molnaer en Florens die Visser en anderen die wij binnen Delft gezonden hebben, zullen mede verzoend zijn. Arbiters zullen andere twijfelpunten beslissen. Wil de stad Delft eveneens met de hertog verzoen zijn dan moeten zij zich ook verblijven met de arbiters. Alle vijanden zijn verder verzoend. Bezegeld en gedaan ter Goude. De arbiters geven op St Martynsdag 1359 hun uitspraak en uitgewerkte afspraken
Arbiters: de heren van Barbenchon, Ysselsteyn, Brederode, Abcoude, Aerndt van Arkel, Pieter Camerouwer van Haijtstaijn, aangevuld met Gheryt van Heemstede voor de stad Delft