3 resultaten
1428 | Bergen o.a.
R.A.H. Coll Aanw 99 fol 45 Caput Kennemerland/Novum Registrum
Jaartallenindex
heer Jan van Haemsteden Heer van Montegijs, Florys van Haemsteden, Heer Florys van Haemsteden Heer van Montegijs ende van Hantes: dat ambocht van Bergen mit allen sinen toebehoeren alsoe t sijn ouders gehouden hebben, et sunt litterae ut habetur in libro III folio ses. Nota dat Florys van Haemsteden hout nu 't voirs. ambocht ut patet in registro anno 1409. Item 25 oude schilden sjaers uter rentemeesterschip van Kermerlandt. Item half die ambochten mit hoeren toebehoeren van den Lier ende den Soutenveen, ende Heer Otte van Nyeurode dat wederdeel van ons hout, binnen aftersusterkint niet te versterven, et sunt litterae. Item dese 25 oude schilden sjaers, ende die helfte van den ambochten voirs. sijn Heeren Florys van Haemsteden Heer van Montengijs etc verlyet, want Heer Jan sijn broeder voirs. tot Zoelen (Zelm ?) in 't Sartroysencloster gevaren, ende professor geworden is, ut patet in registro anno 1410
1519-06-08 |
R.A.H. Coll Aanw 116 Caput Amstelland fol 10, 12
Jaartallenindex
leenmannen van de grafelijkheid en van de graaf van Egmond oorkonden dat "overmits seeckere merckelicke saycke en redenen" voor hen gecompareerd is heere Dirrick van Swieten, ridder, en transporteerde zijn recht op zekere gerechte en kwade lenen, die hij nu ter tyt liggende heeft in de ban van Weesperkerspel geheten "die Billemerbrouck" in Reygerbrouck, te weten: 1) 34 morgen lants, 2) 7 morgen lants, 3) 20 morgen lands, noch ter tyt gemeen in 200 morgen lants met die van Nyeurode ende hoer erven, ende dat tbv Jan van Alckemade Vranckenz, capellan [te lezen: casteleyn] van Muyden nu ter tyt. En dat volgens seecker octrooi aan heer Dirrick verleent dd 1519-05-21 door de Kon. Majesteit. Joost van Swieten, zoon en leenvolger van heer Dirk, bewilligt in deze overdracht. Daar wy selver noch geen van ons segel en gebruyckt zoe heb ic Jeroen voors. gebeden Joost van Wyngaerden dit over mij als leenman te bezegelen. Jacob verzoekt aan Ysbrant Gerritsz, nu ter tyt schout van Rynsburg, voor hem te zegelen. Mede bezegeld door heer Dirck van Swieten. In margine staat; Dese mannenbrief es vermaect en staet hier op d'ander syde van desen blade. Dezelfde akte, het leen is hier omschreven als: in den ban van Weesperkerspel, geheten die Billemerbrouck in den Reijgersbrouck, te weten die twee gesaten lants die plach te gebruycken jonge Vranck ende nu gebruikt Gerrit Koekoeck. Item noch een gesate lants ende plach te gebruycken Claes Visscher die tselve noch bruijct. Item noch een stuk lants die noch ter tyt bruyct Pieter Vrouwelijn, welcke partijen lants gecomen sijn uijt 200 morgen lants van die van Nyeuwenroede (vgl 1519-05-21)
Jeroen van der Bouchorst, leenman van Holland, Jacob Cruesinck, leenman van de grave van Egmond, bij gebreecke van de leenmannen van derselver grafelijkheid
1414-01-08 (1413) |
R.A.H. Coll Aanw 72 fol 180v, 188, 189, 191v, 194v, 195v, 196v, 199, 201v, 202, 202v/Memoriale B.A. 126, 130v, 131, 132v, 134, 134v, 135, 137, 138v, 139
Jaartallenindex
geleide voor den heer van Egmonde mit sinen brodigen knechten en huijsgesinde, tot 24 Juni toe; 1414-01-09: geleide voor Willem Jansz, durende een jaar lang, om sijn gebreke en sculden te vervolgen van sulker scult als men hem in Hollant sculdich is (fol 180v); 1414-02-04: geleide voor Jan van Alcmade, tot Midvasten toe; 1414-02-05: geleide voor Heynric die bastert van Nyeurode, durende totten Paeschdage e.k. toe (fol 188); 1414-02-13: geleide voor Aelbrecht Aelbrechtsz tot 1 Mei toe (fol 189); 1414-02-22~: Jan die Hase, een maent lang (fol 191v); 1414-03-04: geleide voor Kerstant van den Berghe, tot Pinxteren e.k. toe (fol 194v); 1414-03-08: geleide voor Pieter Ottenz en Willem Heycop, tot Martinii e.k. toe (fol 195v); 1414-03-11: geleide voor Dirc Beerntsz, burger tot Tyele, tot Kersavond e.k. toe (fol 196v); 1414-03-25: geleide voor Herman Vyncke van Brandenburch tot 1 Nov. toe (fol 199); 1414-04-02: geleide voor Gheryt Splintersz tot Vastenavond; 1414-04-04: geleide voor Jacob Engel, een jaer lang (fol 201v); 1414-04-01: geleide voor heer Jan van Wulven, abt van Oostbroec, met 10 personen, tot 1 Nov. toe; 1414-04-09: geleide voor Adriaen Pieter Boudynsz durende 3 weken lang (fol 202); 1414-04-12: geleide voor Jacob van Dorsschen tot 1 Oct. toe, en voor Willem van Eyck mit sulken levenden water als hi in myns heren lande brengen sal ende dat aldair te vercopen, en mit sulken gereetschap als hi daer toe behoeven sal weder an danen te trecken. Tol betalen. Tot 1 Nov (fol 202v)