oesterwic | oesterwijc | oesterwyck | oisterwyc | oisterwyck | oosterwyc | oosterwyck
13 resultaten
1424-10-01 |
Arch Leeuwenhorst Inv no 680 regest 362
Jaartallenindex
Heylwich van Oesterwyc, abdis van Leeuwenhorst, en convent, erkennen ontvangen te hebben van de non Sophia van Beest 48 Wilh gouden schilden, waarvoor zij een lijfrente van 3 schilden ontvangt
Arkel, van | 1330
Rek Hen Huis I p 146
Achternamenindex
uitgaven van Jan heer Gillisz, rentmeester van Zuidholland: - heer Coenraede van Oesterwyc van zijn leen, bij de brief van Witten Heinric Yenz, dag: St Martynsmisa 1330, 10 £
Ydo | 1330
Rek Hen Huis I bl 146, 126
Achternamenindex
uitgaven: van Jan heer Gillisz, rentmeester van Zuidholland: - heer Coenraede van Oesterwyc, bi Witten brieve Heinric Yenzone, van zijn leen, 10 £ [van Schoonhout ?]; ontvangen (zonder bedrag): van Witte Scildemansz, van de visserij in Scildemansambacht
1398-09-06 | Westzaan
R.A.H. Coll Aanw 47 fol 528v/Reg Albrecht V fol 293v
Jaartallenindex
hertog Albrecht oorkondt dat Reijner Gheryt Baertoutszoon hem heeft opgedragen van sinen eygen goede, eerst 3 maden lants gelegen in den ambacht van Westsanen butendycx. Item een mat gelegen mit gemeynde vuer in 14 gemaden lants daer Heeren Coenen van Oesterwyc die helfte of toebehoert ende hi van ons hout. Item een mat gelegen in den 12 maden daer oic Heeren Coenen voirs. die helfte of toebehoert buten den dijc voirs, ende een mat gelegen in Symon Ymmenoert. Tot een erfleen, na zijn dood te komen op Dirc sinen jongeren zoon
1434-1435~ (3) |
R.A.H. Coll Aanw no 43 fol 134v, 144-148/Reg EL 4 fol 35-36, 37-38, ingestoken papier
Jaartallenindex
(vervolg) Dit is antwoerde der geenre dair myne genadige Vrouwen vrienden van Hollandt hoir beclagen van gebreken: 1) Geryt van Heerler van een hoeve land gelegen tot Arkel ende Mathys God beraet bezit, den leenbrief die hij en zijn vorders hebben van heer Jan van Arkel en van hertog Willem; 2) Jacob van Oesterwyck becroent hem van 10 morgen land geheten die Strijpen gelegen tot Oesterwijc, die Geryt God beraets erven bezitten; 3) Florys van Kyfhoec van 5½ morgen in Nylandt gelegen. Item van 4 morgen in den Beemt en 2 morgen toe Oesterwyc. Item van 2 morgen in Oesterwyc, 4½ morgen op Kedichem die Thyman van den Gheijn bruyct. Item 6 morgen op Kedichem die Boudewyn die Leege bruyct, die hij bezeten heeft mit schepenbrieven van Gorinchem die ouder zyn dan 20 jaar. Item noch dieselve 12 morgen in den Beemt ende heer Arnts erfnamen van Schonauwen bruken, daarvan zijn schepenbrieven. Item van den huse after die kerck tot Gorinchem dat Arnts Florys knecht is, daarvan zijn schepenbrieven; 4) Jan van Heerler van 15 morgen geheten den Noel gelegen tot Oesterwijck die Splinter van den Gheyn bruyct; 5) Broenys Wouterszoonskinderen 32 morgen land in Spyck ende heer Willem van Yzendoern bruyct. Item van hun lande bij Gorinchem ende in den lande van Arkel 35 à 40 morgen, behoudens dat Dirc Bruenysz die tot Gorinchem gevangen werd zijn cost zal betalen; 6) Jan van Ingen van 6 morgen die hij in leen houdt op Wolferen
Arkel, van | 1339-11-19
Van Mieris II p 624
Achternamenindex
graaf Willem oorkondt dat Willem de Cuser, zijn neef, hem heeft opgedragen zijn huis te Schoten, en dat hij hem er weer mee heeft beleend, te versterven op de kinderen die hij al heeft bij zijn vrouw Machteld Reyniersdochter van Heemstede; mocht deze zonder kinderen sterven dan zal het huis komen op zijn zoon Coenraad Cuser, die hij gewonnen heeft bij jvr Yden heren Coenendochter van Oesterwyc
Sculp | 1398-06-09
R.A.H. Coll Aanw 47 fol 519v/Reg Albrecht V fol 288 no 1224
Achternamenindex
hertog Albrecht beleent Alyt Willem Scolpendochter met een hofstede en huising gelegen binnen Woudrichem met allen toebehoren, belend west: Heinrick van Brabant mit sinen huse ende hofstadt, oost: die Kercstraet geheten die Verweijde, zoals haar aanbestorven was van haar vader Willem Scolpen, die hij hield van de hofstede van Altena; haar man Aernt van Weyburch Robbynszoon doet hulde en manscap
mannen: Heer Claes Kervinc van Reymerswale, Heer Coen van Oesterwyc, Sadelboger
Boschuysen, van | 1478-09-14
Arch Kloosters Leiden regest 1606/Engelendaal Leiderdorp Inv 665
Achternamenindex
Coen van Oesterwijc erkent dat Harman van Oesterwijc van Zwieten Coenenz van Oesterwijc vroeger aan het klooster en convent te Leiderdorp vergund heeft de Myewetering te gebruiken, dat dit daarna 16 hond land met de halve wetering gekocht heeft en dat hij nu met het klooster overeengekomen is, om gezamenlijk wetering en brug te gebruiken
twee zegels: Coen van Oesterwyc en Willem van Bosschuysen Florysz, zijn schoonzoon
1470 (14) |
R.A.H. Coll Aanw 147 fol 41v, 42, 42v
Jaartallenindex
(vervolg) Rynland: (fol 41v) - Jacques Heynenz 35sc; - Dirk Jansz 6sc; - Dirck Jansz 12sc; - Aelwin Heynenz 54sc; - Gerard Gerytsz 34sc; - Alardt Jansz 8sc; - Gerard Jansz 16sc; - Herman Jansz 4£; - heer Dirc van Oesterwyc: Bruninc de Boschuysen pour lui 11£; - Adriaen van der Bouchorst: sert 76£ 10sc; - Gysbrecht de Matenesse: Nassouwe 100sc; - Jacques de Griecken, leenman van Jacob v.d. Woude 34sc; (fol 42) -Arnoud Vranckenz, leenman van Naeldwyk 15sc; - Jan van Naeldwyc: sert 345£; - Philips van Noorden, leenman van Nassau 100sc; - Jacob Jacobsz, te Sluijpwijk 40sc; - Jan van Steenvoorde, te Ryswyk, sert en personne 62£ 5sc; - Dirk Jansz te Bodegraven: Jan van Nes voor hem 27sc; - Dirk Aelbrechtsz, leenman van Naeldwyk 50sc; - Jan Dircsz: Jan van Nes voor hem 105sc; - Dirck van Duvoirde: sert 63£; - Luijdolf Hughenz, leenman van Naeldwyc 48sc; - Gerard Jansz: Duvoirde 48sc; - Nicolaes Jacobsz 6£ 10sc; - Machtelt Jan Sijtsen weduwe: Naeldwyck 3£ 15sc; - Jan Andriesz: Jan van Nes voor hem 12£; - Dirck Govertsz: Roelof de Man voor hem 6£; - Feijs Gerritsz, leenman van Naeldwyck 7£; - Jan Martynsz 4£ 10sc; - Jacob van Griecken, leenman van Jacob van den Woude 12£ 10sc; - Adriaen van der Mye: Roelof de Man voor hem 3£ 10sc; (fol 42v) - Symon Mathysz: ut supra 48sc; - Gerardt Mathijsz: ut supra 9sc; - Machteld dochter van Willem van Naeldwijc 23sc; - Alijt Coppertsdochter: ut supra 40sc; - Willem Pyn, leenman van Nassau 27£ 10sc; - Jan Jansz ter Wateringe: Naeldwyck 10£; - mr Huge van Egmond: George de Hekeren pour lui 17£; - Floris Hughenz: Naeldwyk 45sc; - Adriaen van Naeldwijc: fait servir 62 sc; - Floris van Kyfhoec 200£
1407~ |
R.A.H. Coll Aanw 43 fol 118-129, 134v/Reg E.L. 4 fol 33, 34 (los papier)
Jaartallenindex
Handvest van Gorinchem: o.a. dit syn sulke punten als Jan van Harlaer hebben soude: 1) voor zijn schade ontvangt hij 4000 Vrancr schilde; 2) hij zal hebben die hoge ende lege heerlichede van sinen huyse ende hofstadt tot Oosterwijk, wantet hem die heer van Arkel gegeven hadde; 3) hij zal hebben die dagelixe heerlichede van den dorpe tot Oesterwyc mitter giften van der kercke en mitter tienden; 4) zal die hertoge syn huyse in Lopick op doen maken alst was van dien van Utrecht of daervoir doen geven binnen sjaers also veel als redelic is. Gerrit van Herlaer: ontvangt 1000 Vrancr schilden voor zijn verlies, en voor zijn renten in Gelre die belopen 200 gld sjaers, 2000 gulden of 200 gld sjaers. Coen van Haerlaer: 1) t gelt van sinen diensten 8000 schilden, waarvan 5000 op het baljuwschap van Medemblik, 2) voor zijn schape 4000 Vrancr schilden, 3) Jan Claesz en Willem Alijsz vry van al hun breuken. Arent van Haerlaer: 1) 500 Vrancr schilden, en andere goederen in Holland voor die hij nu verliest in Gelre. Dit is dat Coen van Oesterwijck hebben sal, als dat men hem wedergeven sal alsulc goet als hem die Heer van Arkel genomen heeft. Item soe sal Jacob van Oesterwijck heer Floriszoon hebben 't schoutambacht van Leyderdamme, zooals hij de brieven heeft van den Joncker van Arckel, ende voir syn verlies sal hi hebben 100 cronen. Item myn heer en sal Jan van Werdenberch, Otto van Vueren en Otto van Gellinchem met hem niet laten soenen buten de stad Gorinchem