10 resultaten
Egmond, van | 1391-06-25, 1397, 1399, 1402, 1404
Codex Dipl Neerl serie 2 dl 4 afd 2 p 120
Achternamenindex
Arnoud van Egmond en Ysselsteyn geeft privileges aan Ysselsteyn, Benschop en Polsbroeck; 1391, 1397, 1399, 1402, 1404: Arnoud beleent Wendelmoet Gysbertsdochter van Stoutenberch met het goed te Honthorst
getuigen: Claes die Weldighe, schout, Evert Ryckoutsz, Henrick die Roide, Gerrit van Strijment, schepenen
1531-04-26 |
R.A. Arnhem Inv Arch Doornenburg no 115
Jaartallenindex
Florys van Egmondt, graaf tot Bueren en Leerdam, heer t Ysselsteyn, geeft commissie aan Jacob van Mijnen als zijn rentmeester principaal en generaal van Ysselsteyn, Benschop en Polsbroeck. Actum Gendt
1459-07-12 | Schoterwoerd
V.R.O.A. 1925 dl I p 225 regest 121/Inv Klooster in de Hem bij Schoonhoven no 103
Jaartallenindex
broeder Henric, prior, en Regulierenconvent van OVr Visitatie bij Hairlem op de Woirdt, verkopen aan de Regulieren in den Hem 4 morgen land, hun aangekomen met broeder Willem van Butendijc, hun geprofeste mede broeder. In dorso: van t land in Polsbroeck
1430-05-27 |
R.A.H. Coll Aanw 57 fol 356v/Reg in Beyeren IX fol 167
Jaartallenindex
gravin Jacoba oorkondt dat heer Jan heer tot Egmonde haar heeft opgedragen tbv sijnen broeder heer Willem van Egmond die heerlicheden hoge en lage van der stede ende lande van Yselsteyn, van Benschop ende van Polsbroeck, mit allen renten, opcomingen etc. En dat zij heer Willem hiermede vervolgens heeft beleend
1481-07-29 |
Bijdr Bisdom Haarlem dl 16 no 170/Arch Zijlklooster Haarlem
Jaartallenindex
leenmannen der grafelijkheid van Holland oorkonden dat Kathrijn Heynricsdochter, die joncste suster van twee Katherinen ende ghesusteren, met Airnt Willemsz van Polsbroeck, haar gecoren voogd, geliede dat zij ter eere Gods en om zaligheid van haar ziel en die van haar ouders, gegeven heeft aan het Zijlklooster te Haarlem tot een jaarlijkse maaltijd 1½ gairde lants, legghende in den ban van Akersloot, ende heeft belent oost: coman Aecht, west: die Lijdwech, zuid: Adam Gherijtsz ende t convent van Zijl voirn, noord: Reijntgen Allairtsz
Willem van Adrichem en Willem Florijsz, leenmannen (met hun zegels)
Ysselsteyn, van | 1309-01-07
Van Mieris II bl 71/De Raadt II p 144
Achternamenindex
Ghysbrecht van Ysselsteyne, ridder, houdt in leen van de graaf: het huis te Ysselsteyn met 32 morgen land, het land dat Jan van Houten had, gelegen op de gracht te Ysselsteyn aan de noordzijde, 7 ½ hoeven land te Ghyne, 60 morgen land in Ripckerwaert, 44 morgen in Benscoep, 75 morgen in Polsbroeck, 18 morgen in Hoencoep, 12 morgen in Bloclant
1540-03-03 |
Bissch Arch Haarlem/Cartul Klooster in den Hem Inv 119 fol 23/ Origineel A.R.A.
Jaartallenindex
erfpacht an die Vlist: schout en gezworenen in den ambocht an de Vlist ende Boenrepas oorkonden dat Anthonis Cornelisz van heer Henrick Jansz, prior, van het convent in den Hem buiten Schoonhoven, en van here Aernt Jansz Pijn, pater des convents van St Elisabeth staende binnen Scoenhoven op die Oude Haven, in eeuwige erfpacht genomen heeft 8 morgen lands aen beide conventen tesamen toebehorende, belend boven: die heren van St Katherine te Utrecht, beneden: Gheryt Heij Daemsz, streckende van de Vlistdyck en Herenweg tot Polsbroeck ka toe, om 10 Beyers gld sjaars. Op 1553-04-16 is deze erfpacht overgedragen aan Willem Corsz
Willem Willemsz, schout, Gheryt Jansz ende Jan Ariaensz, gezworenen
1438-08-05 |
Bijdr Bisdom Haarlem dl 16 no 48/Arch Zijlklooster Haarlem
Jaartallenindex
Harper uten Broeck, schout in het ambacht van Ryswijc, en buyerluyde aldair, oorkonden dat Beatrijs Willemsdochter van Polsbroeck overgegeven heeft aan Geerlant Hugenzone tbv het Zylklooster te Haarlem 7 morgen lants geheten die Pedecamp gelegen in het ambacht van Rijswijc ende hebben belegen oost: Jan van Duvenvoirde, zuid: Boechurst lant, west: Jan Pielsz ende Symons weduwe uten Lier ende noord: de Vlietwech. Ende noch 2 morgen lants gelegen in hetzelfde ambacht en belegen hebben oost: Jan van Hodenpijl en Dirc Pijl, zuid: Jan en Dirc voorscr, west: die Kerclaen, noord: Pieter Grijp ende Griete Costers elx mit sinen lande. Daar Dammaes en Aernt Spruijt zelf geen zegels hebben zegelt Harper Utenbroeck, scout, voor hen, met diens zegel
Dammaes Bertelmeesz en Aernt Spruijt Wormboutsz, buurlieden
1481-07-29 | Akersloot
Bijdr Bisdom Haarlem dl 16 no 171/Arch Zijlklooster Haarlem
Jaartallenindex
leenmannen der grafelijkheid van Holland oorkonden dat Kathrijn Heynricsdochter, die joncste suster van twe (?) Katherinen ende ghesusteren, met Airnt Willemsz van Polsbroeck, haar gecoren voogd, geliede dat zij ter eere Gods en om zaligheid van haar ziel en die van haar ouders, gegeven heeft aan het Zijlklooster te Haarlem: 1) een gaerde saetlants gheheten Arckenburch, gelegen in de ban van Akersloot, ende leyt in Aeff Claes Nyesens ende hoir kinder lant, ende bruijct nu ter tijt Dirc Claesz, wonende op Stertingen, wesende een zoen van Aeff Clas Nyesen, sjaers om 1 R gld. Belent oost: Pieter Geryt Bouwensz, west: Martyn Symonsz t'Alcmair, noord: Lucie Nankesweduwe, ghemeen leggende mit Aef voirs. ende hoir kinderen, 2) een gaerde lants een voet min, in denselven ban ende leyt neffen Dirc Hallinx delf, welc bruyct nu ter tijt Gheryt Baert, sjaars om 19st. belent oost: die Lijdwech, west: die Schouwech, zuid: Jan die cuper te Hairlem, noord: Claes Pieter Wibrantsz, 3) een stucke lants gelegen te Bokelairssluijs in den ban van Heyloe, groot 4 gaerden, mit die sloot ende dat dair buyten leyt. Welc bruijct nu ter tijt Aecht Pieter Claeszoons weduwe, sjaars om 3½ R gld. Ende hebben belent oost: die Scermer, west: die heerwech, zuid: Reymburch Claesdochter, noord: Aecht Pieter Claeszoonswedue (vgl 1481-02-13)
Willem van Adrichem en Willem Florijsz, leenmannen
1437-12-06 | Haarlem
Bijdr Bisdom Haarlem dl 16 no 45/Cartul Zijlklooster Haarlem fol 42
Jaartallenindex
schepenen in Hairlem oorkonden dat de nonnen van het Zylklooster te Haarlem, met hun voogd Allart Pietersz, eener-, en Bartelmeeus van Poedersom en Ghijsbert Martijnsz anderzijds, gelieden dat sij eens seggens ende eenre sceijdinge clacloes gebleven sijn an Ocker van der Crimpe ende Boudyn Koc Roelofsz, roerende de erfenis van wijlen Willam van Polsbroeck. De uitspraak luidt dat het Zylklooster met Beatrys dochter van Willaem van Polsbroek voors, non in het voors. klooster, diens geheele erfenis zullen aanvaarden. Ghijsbrecht Martynsz zal hebben en behouden al zulc gelt als hij ontfangen heeft van Claes Pietersz, wonende tot Uytgeest in Lymmercoech, van sulken lande als hij gebruyct. Verder zal Ghysbrecht voors. hebben alsulc gelt als Huge van der Made uytreijken ende betalen sal van den jare voors (1437) van der huysinge dair Harman Poll nu ter tijt in woent ende dat gelt van den renten van den boimgairt buten der Cruuspoirte. Verder zal Gysbrecht betalen al hetgeen Willem van Polsbroec den Jacobynen te Haarlem en de kerk te Polsbroec besproken heeft. Ende Bartelmeeus van Poedersom sal betalen sulke sculd als men der kerken tot Scoonhoven sculdich is, alsoe dat die nonnen regularissen dairoff quyt wesen sullen, ende voirt ongemoeijt dairoff bliven. Voirt so ist die seggers hoir seggen dat die nonnen regularissen ende Beatris voirs, Aernt Willem van Polsbroecs bastaardzoon, uitreiken en betalen zullen, zulke 200 Arnh gulden als hem zijn vader Willam gemaect ende besproken heeft ende dat sullen sij in der Weeskynderboec tot Hairlem doen setten. Sterft Aernt kinderloos dan zal dit geld aan het Zylklooster tergukomen. Voorts zullen zij aan Gheertrude Willem van Polsbroecszuster dochter 8 Beyerse gld (uitreiken)
Jan die Grebber en Jan van Noortich, schepenen