5 resultaten
1485-04
folio 6 V 1484-1486
Transportregister Haarlem
Pieter Jansz heeft gelooft te vrijen en te quijten Willem Symonsz de som van 103 R gld, daar de voors. Willem voern. staet en geloeft heeft als borge int weesbouck deser stede
1486-02
folio 66v LXVII 1484-1486
Transportregister Haarlem
Dirck Claesz Baldach, van Amsterdam, lijt alsoe hy op zynen lijve alleen een boomgaard [te Haarlem] vercoft heeft, waaromme hij in recompensacie van dien ende om hemselven te quijten, gegeven heeft zinen wive Aecht Jan Tanckendochter om tselve na zijn dood aen te tasten, een camer miten erve ende een boomgaert daer after an, op t Groot Heilig Land, [doorgehaald] tussen coman Aernt Willemsz, an d'ander side: Alyt Aerntsdochter
1553-02-04 |
P.N. van Doorninck: Inv Charters van der Does regest 65/Mathenesse
Jaartallenindex
schepenen in Leiden oorkonden dat Willem en Foeije van Zijl, priesters, elk met Pieter Colijn Eliasz, hun gecoren voogd in deze, Pieter van Buijten Cornelisz en Jan van Rijswijck als man en voogd van jouffr. Machteld van Buijten Cornelisdochter, voor hun zelven en vervangende hunne consorten, allen als erfgenamen van het sterfhuis van de kinderen van Zijl binnen Rotterdam, van vaderszijde, verklaren dat Jacob van der Does, Jan van Endegeest, schout tot Oestgeest, Jacob Jansz van der Graft en Gerijt Roelofsz zich als borgen gesteld hebben om de voorsz boedel van Zijl te integreren, repareren en te doen stellen in zulken staat als deze was voor dato van het arrest bij de testamentoors daarop gedaan, terwijl zij verder verklaren de borgen te allen tijde te zullen vrijen en quijten
Claes Cornelisz de Wilde en Jan Huijch Andriesz, schepenen
1408-06-01 |
R.A.H. Coll Aanw 70 fol 131v/Memoriale B.F. fol 101
Jaartallenindex
hertog Willem oorkondt: "want onse lieve en geminde heer Aernt van Duvenvoirde, heer Herberen van Yselsteyn, heer Jan van den Woude, heer Philips van der Spangen, heer Jacob van Rysoirde, Symon van Bruelis, Wouter van Gent, Jan van Hodenpijl, Dirc van Assendelft, Adriaen van Matenesse, Jacob van der Duijn, en Costyn Gillysz v.d. Goude, bij onsen bevelen ende begeerten voir ons geloift hebben te betalen Otte van Bueren heren Ottenz, Jan van Brakel en horen medegesellen, tot St Jacobsdage e.k. een somme gelts van 40114 Vrancr Cronen of dairvoir in te rijden leisten t'Utrecht, geliken die brief die sij daerof gegeven en besegelt hebben inhouden. So hebben wij voir onst etc hun allen weder gelooft etc op te richten volcomentlick wael te quijten en te betalen so wes cost, last, scade of teringe sij of hoire enich of horen erven hierom lyden mochten in enigerwys, sonder arch en list". In oirconde etc
1415-1427 |
Kroniek Hist Gen jg 1851 p 160-163/Arch Buren
Jaartallenindex
lijst der overgeleverde brieven in het bezit der heren van Wisch. Item eynen brief van hertog Reynalt gegeven anno XV, ipso die Katherine, haldende 3000 R gld Wisch daervoor drossaet in den lan.. van Zutphen te maken, gelyk Gerit die Boese dat hedde. Item die principael brieve van hertog Reynald, gegeven anno XVI op Petri ad Cathedram, ende helt 300 alde scilden. Item noch enen brieff van hertog Reynald gegeven anno XIX op ten Jairsdach Willem van Baick opten tolle ter Hoenp. Item noch een brief van hertog Arnold gegeven anno XXII op St Pauwelsavond Conversio, geloist 9 malder rogge jaerlix van Bernt onkruijt, die uter den thienden tot Roderlo gengen, ende staan voor 74 R gld. Item eenenen brief: anno ut supra mynen jonchere van Bronchorst etc, en van hertog Arnold anno XXVII do/ca Misericordia domine Andries Lerinck verschreven den thyns ende hoeftgelt te Zutphen etc. Item noch enen brief gegeven van hertog Arnold anno XXV dominica post Jacobi te quijten van Arnt van Wely van 1000 R gld ende van den jaerrenten dairoff uter den have tot Baeck mitten voirs. thienden na inhalt Arntz brieven, ende nyet van den ambt t ontsetten hij en weer gequyt. Item desen brief ende renthen solde Ghemen hebben, ut dicunt enz, ende dairomme en is die niet avergelevert. Item anno XX die guede Tubich ende Jolinck mitten Tubinckschencamp in den kerspel van Lochem die jairlix golden 40 malder roggen, die him laten loissen ende voirt erflich gegeven