12 resultaten
Ridder, de | 1334
Rek Hen Huis I p 175, 180, 182
Achternamenindex
renten in het Hagheambacht: - Jan die Ridder, 3 sc 9 ½ d; - Coppe Gheret Riddersz 7sc 11d ort; - Colyn die Ridder, 8sc; op het Nortveen: - Colyn die Ridder, 4sc; op de Gheest: - Cop Gheret Riddersz, 31 ½ d; - Colyn, die ridder, 3d
Ridder, de | 1321-10-14
Ons Voorgeslacht 07/08-1988 p 346, 347
Achternamenindex
grafelijk leen in Rijnland: no 225) (no 224) 2 ackers in Nieuwkoop bij de kerk, strekkende tot de wildernis, 13..: Dirc Jan Riddersz, bij overdracht door Ysbrant Brakeman en de leenman zal voor het leen schot vrij zijn, maar niet voor zijn ander goed; 1321-10-14: Gerrit Willem Claesz na overdracht door Dirc Riddersz van Nieuwkoop, belend naast: Engelbert ver Adenz
Ridder, de | 1367~
Bijdr Hist Gen 1901 bl 281/Reg EL 5 fol 108r
Achternamenindex
grafelijk leen in Rijnland: no 225) Ysbrand Brakeman 2 akkers in Nieuwkoop bij de kerk strekkende tot de wildernis, overgedragen aan Dirc Jans Riddersz
Ridder, de | 1316
Rek Rentmeester Noordholland I p 23; p 80, 85
Achternamenindex
ontvangst van landhuur in Nuencoep: van Jan den ridder, 2 £ 8d; afterstal van 1316 van Hagheambacht, op het Veen: Gherid de Ridder, 11 sc 9 ½ d; - Coppe Gherids Riddersz, 3 sc; op de Gheest: Gherid de Ridder, 3 sc 8d
Brakeman | 1367~
Bijdr Hist Gen jg 1901 p 281/Reg EL 5 fol 108r; Ons Voorgeslacht 07/08-1988 p 347 (leen no 224)
Achternamenindex
grafelijk leen in Rijnland: no 225) Ysbrand Brakeman 2 akkers in Nieuwkoop bij de kerk strekkende tot de wildernis, overgedragen aan Dirc Jans Riddersz; - 6 morgen te Calflo in het borggraven ambacht, tot aan de Nuwenvene, opgedragen door Ysebrant Kerstansz, beleend Jan Jansz veren Hadewienz
1582-06-04< | Koedijk
R.A.H. O.R.A. 6218 fol 16
Jaartallenindex
[zonder datum] Jan Cornelisz alias Jan snijder, buerman op Langedyck in Brueck, als broeder en voocht van Barber Cornelisdochter, weduwe Cornelis Theeusz, in zijn leven buerman tot Coedijck, transporteert aan Pieter Riddertsz, buerman tot Coedyk, een huis en erf toebehoorende eertyts sijn zuster Barber, gelegen op Suydtover van Coedyck, belend zuid: Aernt Evertsz, noord: Pieter Riddertsz voorn. Frans Pietersz behoudt een overgang over dit perceel van 6 voeten wijd. Met noch een hofstede liggende achter het huys en erve, toecomende de Con. Maj, mits dat Pieter Riddersz daervan geven sal alsoedanige 30st als wijlen Tonis Theusz den rentmeester van de vroonlanden jaarlijks daervan gevende waer
Ridder, de | 1334
Rek Rentmeester Noordholland p 167, 168
Achternamenindex
korentienden in Rijnland verkocht in 1333: de tiende te Nuwencoep (behalve 2 hoed rogge) kocht Meus de bode voor 50 £, borg met hem voor ⅛ deel: wouter Blankaert en Dirc Riddersz; de tiende in Oudencoep (niet geheel) kocht Wille Donker voor 8 £, borg met hem: Snelle, Copkyn, die marseman, die Ridder
1523-05-06 |
R.A.H. Coll Aanw 116 Caput Vriesland fol 34
Jaartallenindex
Karel beleent Hercke Simon Gerritsz, na dode van zijn moeder Ave Soyersdochter, met: 1) een camp lants geheten Gerrit Jansz camp, gelegen in de ban van Valckencooch, groot 1 ½ gaersen lants, oost: Ils Jansz erven, west: Cornelis Riddersz, 2) 4 geersen lants gelegen in denselven ban in een stuk lants geheten "die Zantoirt", gemengder aerde met zijn zuster met 55 of 56 geersen lants, ongecavelt, belend west: Claes Dircsz, noord: Jan Luytgensz, 3) 2 geersen lants in de ban van Eenichburch, noord: Allert Hermansz, zuid: Evert Jansz, 4) 2 geersen lants in de ban van Valckencooch, geheten "Tollenvenne", belend noord: die kerke van Valkencooch, zuid: Doede Jan Doedez, 5) 8 sneesen en 3 sneesen zaetland in de zelve ban, zuid: Jacob Pietersz, noord: Pieter Claesz, 6) 2 geersen lands gelegen in denselven ban in een stuk landt geheten "den Uyterdyck", west: Jacob Pieter Heerenz, oost: Pieter Claesz. Te houden tot een onversterfelijk erfleen
leenmannen: Vincent Dammas, clerck ordinaris v.d. camer van onser reeckening, Cornelis Barthouts, Ysbrand Thou
1415-08-29 | Wormer
Bijdr Bisdom Haarlem/Cartul Zijlklooster Haarlem fol 130
Jaartallenindex
scout en schepenen in Wermer oorkonden dat Dirc Ogghe Voekelsz erkende schuldig te zijn aan Lutghert Jansdochter van Mondic, 1 Eng. nobel sjaars tot een eeuwige pacht, jaarlijks te betalen op St Kathrinendach tot Wermer bi der kercke. Betaalt Dirc niet op tijd "dairvoir heeft Dirc voirs. opgheslaghen ende quijt ghescouden voir hem ende voir sine nacomelingen Auwel Vredericsz tot Lutgaert voirs. behoef of den houder van desen brieff tot horen vrijen eijghen, een stuc lants half onderdeel, geheten Ermgherden coeijen, zooals dat gelegen is binnen den dyck ende is gheleghen in den ban van Wermer, daer lenden of es aan die z.z. Meijne Bruinsz, ende aen die N.z Dirc Pieter Riddersz ende Amelgher Walichsz ende an die o.z. Jan Pieter Scorlesz, welc lant voirs Dirc voirs. waert betaelt Lutgherde voirs. of houder des briefs den lesten penninc mitten eersten, wanneer dat Dirc voors. dat ghelt voirs. niet en betaelt als voirs. is". Daar Gheryt Bartoud, scout, en Jan en Jacob, schepenen, geen zegels hebben, zegelen Heer Ysbrant, den cureit van Wormer, en Reijner Jansz van Adrichem voor hem. Geinsereerd in het stuk dd 1419-06-03
Gheryt Bertout Reyners, scout, Jan Tyboutszoen en Jacob Pouwelsz, schepenen