13 resultaten

1453-01-26 |

Memorien Stift Xanten p 273 no 76
Jaartallenindex

Derick Angenend (de Fine), priester en rektor des Bonifaciusaltar im Dom zu Xanten, schenkt dem Kapitel daselbst für eine Memorie van wijlen Heinrich von Heimersom, burger te Xanten, die durch die inserierte Urkunde von 1447-04-30 näher beschriebene Rente vom Hause der Mechteld Schoemakers in der Scharnstrasse zu Xanten (vgl 1447-04-30)

present: Gotfrido Clivis, Johanne Aeswijn, clericis dicte Col. et Monasterium

1496-06

folio 36v XXXIII 1495-1498
Transportregister Haarlem

Jacob Gerijtsz aan Pieter Jansz ½ van het huis en erf onderdeelt op Bakenessergraft. After streckende an jonge Jan Schoemakers erve, an d'een zide: Pieter voirscreven, an d'ander: Dirck Gerytsz van Paenderen

1458-06-21 |

Inv Arch H. Geest te 's Hage dl I no 781 dl II regest 402
Jaartallenindex

schepenen in den Hage oorkonden dat Coen Boudynsz erkent schuldig te zijn aan Jan van Esselen een rente van 2 £ Holl sjaars op zijn huis en erf waarin hij nu woont, in het Westeynde, belend oost: Jan die Cuper, zuid: het klooster in den Hage, west: de weg [de Lorsteeg], noord: de heerstraat. Oorspr. Inv no 781, in dorso: Up Cornelis die schoemakers huys in t Westeynde op de hoeck van de Lorrestraet 2£. Copie, in margine: habet anno 1557 Adriaen Florisz Couck, habet anno 1586: Neeltgen Joestendochter, weduwe, anno 1613: Jacob den Deijl, op 1622-02-22 afgelost (vgl 1560-02-05)

1450-02-21 (1449) |

Arch Kerkvoogdij Haarlem Inv no 186 fol 44v regest 115/Cartul Zeven Getijden Haarlem
Haarlem Algemeen

schepenen in Haarlem oorkonden dat Adriaen mr Dircsz erkende verkocht te hebben aan Jan van Berkenrode Jansz 9 schell goets gelts sjaars op Pieter Jansz die schoemakers huijs en erve dat hij nu ter tijt woenlic beseten heeft, staande in Kocxstege, an die een side: Vrederic Jansz, an die ander side: Rembrant Allertsz (vgl 1453-03-16)

Garbrant Claes Pelgrimsz.z en Allyn Claesz, schepenen

1456-03-12 (1455) |

Arch Kerkvoogdij Haarlem Inv no 186 fol 39 regest 148/Cartul Zeven Getijden Haarlem
Haarlem Algemeen

schepenen in Haerlem oorkonden dat jvr Aerlant Florens weduwe van Adrichem met Pieter Jordensz als voogd overgaf ten vrijen eigen aan de Zeven Getijden 11 schell Holl sjaars op Jacob Jansz die schoemakers huys en erve op die Volresgraft, belend an die een side: Jacob Jansz die cuper, an die ander side: Lourens die schoemaker, afterwaerts streckende an Gerijt Maech

Jan van Huessen en Geryt van Hillegom, schepenen

1438-07-14 |

Inv Arch H. Geest te 's Hage dl I no 610 dl II regest 258
Jaartallenindex

schepenen in den den Hage oorkonden dat Ysbrant Jacobsz verklaarde schuldig te zijn aan Michiel Jansz een jaarlijkse rente van 10 £ Holl op zijn huis en erf in die Hoechstraet "doergaende tot an die ander straet achter", belend noord: Pieter Engelsz, zuid: Coman Enghebrecht en "om die ander straet after", belend oost: Dirc Aerntsz, west: Jan van Stien, oost: vooraan en zuid: achteraan: de heerstraten. Oorspr. Inv no 610, in dorso: in de Hoochstraat up "de Regenbooch"; upt Zwyntgen; habet Dirck Gysbrecht Pellenz. Up Govert die schoemakers huys in die Renboech 2£. Copie in margine: anno 1557 Govert Willemsz scoemaker; anno 1586: Ploentgen, weduwe Pouwels Jacobsz cramer; anno 1613 Jacob Pouwels schoemaker, daarna Dirck Lamaire; anno 1643: Rietraet, burgemeester ende ontfanger tot Maestricht

1566-03-16 (1565)

folio 161
Transportregister Haarlem

mr Wigger barbier verkoopt Dirick Jacobsz een huis en erf in de Batte Jorisstraat, aen d'een zide: Pieter Maertsz, schoemaker, aen d'ander zide: Henrick Claesz schoemakers weduwe, achter streckende aen de schure van deselve weduwe. Dirk Jacobsz moet dragen d'oncosten voor ⅔ deel, en Pieter Maertsz voor ⅓ deel, volgens schepenvonnis dd 1563-12-09. Belast met 15sc sjaars. Koopsom 400 Kar gld. Frans Jansz Coman borg voor de 1e termijn

1440-06-21 |

Arch Kerkvoogdij Haarlem Inv no 186 regest 97/Cartul Zeven Getijden Haarlem fol 28v
Haarlem Algemeen

scepenen in Haerlem oorkonden dat Pieter Claesz die stillegancmaker transporteert aan Ysbrant Pietersz van Bairn: 1) 4 schell Holl sjaars op Florys Jansz die schoemakers huijs en erve, 2) 3 schell Holl sjaers op Lysbet Gheryt Jansz huijs en erve. Welke 2 huizen mitten erven an malcanderen liggende en staende sijn in die Coninckstraet, an die een zijde: Dirc Martynsz, an die ander zyde: Arnt van der Horst, afterwaerts streckende an Dirck Martijnsz voers. Bij 1) staat in margine: nu toebehoert Geryt Willemsz den Abt, bij 2): nu toebehoert Adriaen Symonsz metselaer

Jan van Bekensteyne en Gheryt van Noortich, schepenen

Lienlaer, van | 1467-04-25

Leenregister Abdij St Paulus Utrecht 505 fol 195
Achternamenindex

leen van de abdij St Paulus te Utrecht: Agniese Godert Jacobszdochter van Lijenlaer met haar man Ludeman Reijersz als voogd, wordt na dode van haar vader beleend met een stuk land in de oude weeer op Zeldert van 1 ½ vierendeel, belend oost: Huge Semmen [?] en Aelbert schoemakers nakomelingen, west: Elias van Wede en Jan Vluggen nakomelingen; "item modo Thomas filius ejus"; volgt nog eens dezelfde leenbrief, onder staat hier: "Thomas ejus filius habet ½ bij overgifte synre moeder"

mannen: Dirc van Oestrum, Gysbert Henricsz, Evert van Heese

Rijsoord, van | 1352-04-19

A.R.A. Leenkamer 32 Copie fol 17v/Reg EL 25 fol 12
Achternamenindex

hertog Willem geeft zijn klerk Gherard Aelwinsz, "dat alle die ambachtslude die woonen in sinen gerechte van Rysoerde in Swyndrecht, jof daer naemaels in comen sullen metter woon sijn si wevers, syn si volres, schoemakers jof wat ambocht dat si syn, dat si haer ambocht binnen den gherecht voirs hantieren sullen mogen tot allen tiden als si willen en sijs ghestaet syn sonder yemants wederseggen, en daer metter woenen bliven, geliken anderen buren die daer woenen"