schoenrewoerde | schoonrewoerd | schoonrewoerde | scoenrewoerd | scoenrewoerde | scoenrewoerdt | scoenrewoert
4 resultaten
Diemen, van | 1467-10-01 - 1468-09-30
Rek Rentmeester Leerdam etc 2188 2e deel fol 3v
Achternamenindex
rekening rentmeester Leerdam en Schoenrewoerd: ontvangst van tienden "Up Ny Schadewijck in dat overste end nederste block ende is in den voirs jare niet meer gesaeijt geweest dan slechts 4 morgen 1 ½ hont die Geerlof van Dyemen cochte om 1 ½ Wilh sc. Facit 30 sc"
Heukelom, van | 1404
R.A.H. Coll Aanw 96 fol 198v
Achternamenindex
Gheryt van Honswijc ontvangt een hoeve land gelegen in het gerecht van Schoenrewoerd op Overheijencoep, belend boven: Ghijsbrecht Scaij en Hubrecht Doncker, beneden: Herberen van Hoeckelem heer van Ackoy; "te houden sine litteris tot eenen Boijencoipschen leen, also men dat altois van onser hofstat van Arckel gehouden heeft"
Arkel
1472, 1474 (1) |
R.A.H. Coll Aanw 148 fol 399-408v
Jaartallenindex
aangebrachte lenen: A) Lenen van der Leede en Schoenrewoerd: Jan van der Haer 4 morgen op Boeycop 4 £ (fol 408v); B) Lenen van Heukelom en Asperen: Daem van Hueclem ende zijn broeder Otte 40 morgen in den Rubroeck in Hueclem, gelden sjaers vrij 50 £ (fol 404); Marcelys van Spyck houdt van Asperen 5 morgen in Remboutshoeck tot Asperen, gelden sjaers 5£ (fol 405v); Claes Otten bastaertszoon van Hueclem houdt van Hueclem 8 hont in den Aftercamp op Hueclem, gelden sjaers 8£ (fol 406v); C) Lenen van Arkel: Sander Vredericsz te Gorinchem houdt van de heerlijkheid Arkel 3 morgen op Rietvelt geldende sjaers 4£ 4sc. Noch van Altena 3 morgen int Nyelant 4£ 4sc. Noch van Altena de ambachtsheerlijkheid van Weerthuysen int Nyenlande geldende sjaars 32 sc (fol 399); Aernt van Goirle houdt van Arkel een hofstede met 8 hont land en 4 morgen op Scaluynen, gelden sjaars 10£ (fol 400); Jan Sculpen kinderen houden van Arkel 14 morgen lants op Bloclant gelden sjaers 18£ (fol 400); Adriaen Wel hout van Arkel een huis te Gorinchem optie Haven daer hij selve in woent ende eensdeels of verhuyrt, daer niet meer of en comt dan sjaers 6£ (fol 401)
1467~ (2) |
A.R.A. Leenkamer 39 Copie fol 1-3v/Reg Charolais volgt op fol 85/Lede en Schoonrewoerd
Jaartallenindex
dit sijn alsulcke leenen als gelegen syn in der heerlicheyt van Scoenrewoirde, op Boycoop (vervolg): 19) 19e weer, 8 morgen, 4 morgen: Steven Jansz, 2 morgen: Griet Mertens voor wie Jan die Kemp de eed heeft gedaan, 2 morgen: die kerck van Schoenrewoerd, 20) 20e weer, 8 morgen, 4 morgen: Dirck die Witt, 2 morgen: Adriaen die Witt, 2 morgen: Trude Jan Corstensz wijf21) 21e weer, 16 morgen, die 3 ½ morgen metten weer: Merten Stevensz, die overste 3: Machteld Mertynsdochter, daer heeft eede voor gedaen Jan van Tiell, 4 morgen: Willem Mertensz, 3½ morgen: Steven Mertensz, 2½ morgen: hiervan ¾ Machtelt Mertensdocher, voor wie Jan van Tiell de eed deed, het ¼ Lysbeth Mertensdochter, voor wie Willem Mertensz de eed deed, 22) 22e weer, 8 morgen, 2 morgen: Franck Mertensz, 2 morgen: Merten Stevensz, 2 morgen: Willem Mertensz, behoudelyc zijn vader Merten zijn lijftocht, 2 morgen: Griet Mertensdochter, voor wie Jan Kemp de eed deed, 23) 23e weer, 8 morgen, 4 morgen: die kercke van Zydervelt, 4 morgen: Aernt Jansz, 24) 24e weer, 8 morgen, 4 morgen: Mechtelt Tops, 2 morgen: Geertruid Henricsz, 2 morgen: Gysbert Willamsz, 25) 25e weer, 8 morgen, 2 morgen: Aleit Aernts Leeuwen wyf was, 2 morgen: Jacob Aerndsz, 4 morgen Jan van Rondenborch, 26) 26e weer, 8 morgen, 4 morgen: Gheertruyt Willemsdochter voor wie Gheert Stevensz de eed deed, en zij heeft Geert 8 schell 10 jair lanc gecoren tot een momber, anno 1466, 2 morgen: Hillegont Willemsdochter, voor wie Michiel Petersz de eed deed, 27) 27e weer, 8 morgen, 4 morgen: Engbert Jansz, 4 morgen (streep ?), 28) 28e weer, 13 morgen: a) 1½ morgen: Aleit Jan Stevens wijf was, b) 1½ morgen: Ike Reynersdocher, voor wie haar vader Reiner de eed deed, c) 10 morgen: zyn verleyt Airndt van Everdingen, dair heeft zijn vader Daniel van Everdingen de eed voor gedaan tot zijn mondige dagen toe, 29) 29e weer, 8 morgen, 7 morgen: Ott Woutersz, den voorsten camp mitter hoffstat: Jacob Dircsz, den anderen camp: Haes Jan Aerntsz wyf was, ende daer heeft eede voor gedaan Aerndt Claesz