17 resultaten
Jannetje Jans | 1579-11-14
Bortet: Delft p 334
Voornamenindex
Jannetje Jans, weduwe van mr Lambert Sweersz, wordt moeder van het oude gasthuis te Delft
Blokland, van | 1584
Ned Leeuw jg 1928 p 362
Achternamenindex
Jan Sweersz van Blocklandt, burgemeester van Montfoort in 1584; gehuwd met Catharyn Aertsdochter, hieruit: Marichgen van Blocklant x Cornelis Franksz van de Poll, 1569-1585 vermeld, leenman, burger en schepen van Montfoort
1582-04-27
folio 180v
Transportregister Haarlem
Frans Fransz van der Horst en Cornelis Huygez schoemaker als geordonneerde voogden over de nagelaten kinderen van wijlen Namman Claesz, verkopen aan Cornelis Sweersz snijder een stuck erve daer eertyts een somerkoecken op placht te staan ende nu (God beter t) verbrant is, gelegen ter zyde onder Cornelis Sweersz erve. In de Aneganck achter t erve van de voors. kinderen verbrande huysinge in de Lange Veerstraat. Aen d'een zyde: Arys Outgersz, aen d'ander zyde: Cornelis Sweersz zelve, achter streckende met een mure aen t erve van de voors. kinderen. Koopsom 36 Kar gld
1567-01-02 (1566)
folio 201v
Transportregister Haarlem
Jacob Claesz mandemaker verkoopt Cornelis Sweersz, cleermaker, een huis en erf in de Angeganck, aen d'een zide: Volckert de backer, aen d'ander zide: Symon Pietersz Kuijlaen, achter streckende aen Namman Claesz, kistemaker. Belast met 27 sc sjaars. Koopsom 625 Kar gld
1569-06-28 |
R.A.H. Coll Aanw 138 Caput Sticht, Gelre etc fol 58v
Jaartallenindex
koning Philips beleent Jan Cornelis Damasz, wonende tot Montfoirt, na dode van zijn vader Cornelis Dammasz met een stuck lands uytterdycs, in den gerechte van Willescop in den lande van Montfoirt, streckende uijten Groenswaert van den Yssele totten halven hoogen dyck toe. Ende is groot één morgen, belend oost: mr Dirck Sas, west: Anthonis Hermansz van der Pol, gelegen in Corte Heeswijk in sheren gerechte van Montfoirt, ende dat uijt alsulcke 7½ morgen lands als Geryt Gerytsz van Montfoirt van ons te leen houdende is. Als gemachtigde bij procuratie dd 1569-06-28 voor schepenen van Montfoort gepasseerd, doet Cornelis Sweersz van der Poll de eed voor hem
Wijnberge, van | 1612
Wapenheraut jg I p 59, 60
Achternamenindex
lid van het St Jorisgilde te Harderwijk: Wolter van Wijnberge; 1616: Johan van Wynberge Sweersz; 1617: Johan van Wynberge Sijbers; 1622: Jan van Wynberge Jans; 1623: Coen van Wynberge; 1630: Jan van Wynberge Wyghmans; 1631: Henrick van Wynberge en Seino van Wynberge; 1636, 1642: Seino van Wynberge, gildemeester; 1633: Jan van Wynberge, gildemeester; 1646: Jan van Wijnberge; 1651: Siwert van Wijnberge
1513-08-31 |
G.A. Amsterdam Reg St Jan Amsterdam/Reg Vicariën fol 56/Regulieren Heylo
Jaartallenindex
schout en schepenen van Abcoude in der proestie der Heren van St Peter, oorkonden dat mr Dirck Willemsz met zijn gekoren voogd Gherijt Sweersz heeft opgedragen aan heer Tanck (?) procurator van de Regulieren bij Amsterdam, tbv St Jacobsoutaer tot Abcou, den eigendom van het huis en erf daar heer Claes Jacobsz nu in woont, daer boven oestwert naest gheleghen sijn die husinge ende erve daer die pastoor nu ter tijt in woent, welck Jacob Ysbrantsz ghecoft heeft, ende beneden westwert die husinge ende erve toebehoerende St Anthonisgilde. Behoudens dat de 1½ Beyerse gulden die daerop staen naar uitwijzen van het memorieboek, daarop zullen blijven staan (vgl 1506-04-20, 1502-04-11)
Claes Claesz, schout, Heynrick Jansz (voor hem zegelt Jan Egbertsz Coster) en Screvell Ghijsbertsz, schepenen
1567-12-31
folio 233
Transportregister Haarlem
Cornelis Lambrechtsz verkoopt Jacob Claesz mandemaker een huis en erf in de Cleyne Houtstrate, an d'een side: de erfgenamen van Lambrecht de cuyper, an d'ander side: die Oude Grafte, achter streckende aen de voors. erfgenamen. Belast met 2 £ 10 sc sjaars. Koopsom 560 Kar gld, deels betaald met een custingbrief van 340 Kar gld 10 st die Cornelis Sweersz, cleermaker, hem nog schuldig was te betalen
1560-03-31 |
Ms Opstraeten v.d. Molen dl III fol 307-309
Jaartallenindex
getuigen hebben gehoord van oude luijden van het geslacht van der Horst, als van een Joost Woutersz, Simon Woutersz en Herman Woutersz, daervan die eene gebruyckt die goederen van die van Suijlen, dat die voorn. Joffr Marie, de producents oude moeije gecomen is van een dochter van der Horst, ook de oude Dirc kvan Suijlen te Harmelen heeft dit volgens getuige gezegd, dat Alphert ende Dirck van der Horst heerlijcke goeden hebben soude, so sij storven sonder kinderen, Herman van Suijlen Sweersz, haer neve, die producents vader, altijts als men sprack van die erfenis van Dirck van der Horst wie die hebben soude. Getuijge heeft gehoort ten tijde dat Hermans van Suijlen vader overleden is geweest ende synen soon die producent alhier 36 weken geboren wert naer sijns vaders doot, dat Dirc van Suijlen van Harmelen de oude wesende seer verblijdt dattet een soon was, geseijt heeft tegens die craamvrouwe, die producents moeder, ende die coster van Harmelen, laet ons gaen seijnde met een brieff Alphert van der Horst die noch leeffde het sweert van Herman van Suijlen ten eijnde dat hij wil bedencken den onmondige die sijn leenvolger moet wesen evenverre hij beleeven kan de doot van Alphert en Dirc van der Horst, ende dienvolgende hebben hem het sweert gesonden met die schout van Harmelen, ende heeft Alphert tselfde in danck ontgangen als die schout seijde als hij wederquam, verclaerde hierenboven dat sij getuige Alphert van der Horst, broeder van Dirc van der Horst van wiens goederen hier questie valt als sij getuijge verstaet, geleden omtrent 34 jaren in de Sleutel te Utrecht wesende aldaer gecomen ter uitvaert van Sweer van Suijlen, geseijt heeft gehad jegens Herman van Suijlen Sweersz, des producents vader: "Siet neeff wij en sijn den anderen so vreempt niet, want evenverre ick en myn broeder storven sonder kinderen, soo soude Marie van Herweerden ons rechte leenvolchster wesen, ende alsoo die te oud is om kinderen te crijgen, soo sult ghij of u kinderen mijns ende mijns broeders leenvolger sijn, ick hebbe u die wapens getoond in den Dom". Dit zelfde heeft Herman van Suijlen ook aan zijn pachter Joost Hermansz verteld, de goederen zouden erven op dese drie huijsen: t huijs ter Haer, te Vleuten ende op t huys ten Ham (bekort)
Rijswijk, van | 1543
Leenkamer Holland no 237 fol 140 Rep Altena; no 237 fol 139 Rep Altena
Achternamenindex
de ambachtsheerlijkheid van Ryswyk met dagelijks gerecht tot 10 sch, ⅓ deel van de breuken, met het huis te Ryswyck en 6 morgen land geheten de Gerstcamp, 2 morgen geheten de Almdijck, 5 morgen 1 hont gelegen achter het huis, beleend Sweer van Ryswijck Gerytsz bij dode van zijn vader; 1543: Cornelis van Ryswyck Sweersz na dode van zijn vader Sweer; 1560: Cornelis van Clootwyck bij dode van zijn moeder Floren Sweer van Ryswyckdochter ....: 5 morgen in Rijswijk in het land van Altena, waarvan 4 morgen liggen op te Linge over Spyck, belend oost: Jan van Ryswyk Florisz en west: de abt van Bern