8 resultaten

Utenbroeck | 1621-04-02

Ms Opstraeten III fol 12
Achternamenindex

notaris Niclaes Verduyn te Utrecht instrumenteert het testament van jonker Johan Utenbroeck, ziekelijk van lichaam. Volgens octrooi tot testeren aan hem en zijn huisvrouw op 1617-02-18 verleend. Hij bevestigt de lijftocht door hen wederzijds gemaakt uit alle goederen hem bij maaggescheid tussen hem en zuster gemaakt. Tot zijn universele erfgenaam benoemt hij Cristina weduwe van Carel Pelt. Tot executeur benoemt hij zijn neef mr Johan van Mynden, advocaet bij den Hove van Utrecht. Actum te Utrecht ter woonstede van de comparant in den huijze van de weduwe van wijlen Carel van Pelt

getuigen: Adriaen Lambertsz van Doorn, cleermaker, Jacob Jansz, sackdrager, borgers van Utrecht

1598-07-19 |

Ms Opstraeten III fol 1 t/m 11
Jaartallenindex

testament van Emerentiana van Woerden van Vliet, weduwe van mr Thomas Utenbroeck, advocaet in den Hove van Utrecht, volgens octrooi tot testeren hun door het Hof verleend dd 1586-12-05. Aan haar zoon Johan van Utenbroeck maakt zij diverse goederen, bij gebreke van kinderen te komen op haar dochter Josina: o.a. leengoed te Ginckel, 6 morgen land in Jaersvelt met een hennipwerff aen gelegen in t goet ten Vliet (uitgebreide akte, veel familieleden genoemd)

in presentie van Claes Petersz van de Vogelaer en Aert Corsz

1439-09-04 |

R.A.H. Coll Aanw 100 fol 145v
Jaartallenindex

op dien dag kwam voor de heer van Santen en voor leenmannen Henric Scatter en gaf over tbv Martyn Jansz zes morgen lants gelegen in der Sticht van Utrecht, in der prochie van Cameer [Camerik ?], die Willem Utenbroeck te leen hield. Vervolgens wordt Martyn beleend ten rechten leen

1450<, 14..-09-01 |

Inv Arch H. Geest te 's Hage dl I no 970 dl II regest 331
Jaartallenindex

schepenen in den Haghe oorkonden dat … …... verklaarde verkocht te hebben aan heer Pieter Utenbroeck, priester, 1 morgen ….. Leijwech, gemeen met de parochiepaap in den Haag, oost: Jan van Veen, west: de H. Geest in den Haag, …..: van Hollant. Oorspr. Inv no 970, in dorso: Jan van Clinghen, habet mr Pieter Dircsz in Eykenduynen, .... hout des briefs ... heren Pieter den priesteren dit lant

1438-08-05 |

Bijdr Bisdom Haarlem dl 16 no 48/Arch Zijlklooster Haarlem
Jaartallenindex

Harper uten Broeck, schout in het ambacht van Ryswijc, en buyerluyde aldair, oorkonden dat Beatrijs Willemsdochter van Polsbroeck overgegeven heeft aan Geerlant Hugenzone tbv het Zylklooster te Haarlem 7 morgen lants geheten die Pedecamp gelegen in het ambacht van Rijswijc ende hebben belegen oost: Jan van Duvenvoirde, zuid: Boechurst lant, west: Jan Pielsz ende Symons weduwe uten Lier ende noord: de Vlietwech. Ende noch 2 morgen lants gelegen in hetzelfde ambacht en belegen hebben oost: Jan van Hodenpijl en Dirc Pijl, zuid: Jan en Dirc voorscr, west: die Kerclaen, noord: Pieter Grijp ende Griete Costers elx mit sinen lande. Daar Dammaes en Aernt Spruijt zelf geen zegels hebben zegelt Harper Utenbroeck, scout, voor hen, met diens zegel

Dammaes Bertelmeesz en Aernt Spruijt Wormboutsz, buurlieden

1623-04-26 |

Ms Opstraeten III fol 14, 15, 16, 20
Jaartallenindex

Geertruyt van Rheede, weduwe joncker Johan Utenbroeck, attesteert op verzoek van de broers Gerrit en Johan Pelt, dat zij door wijlen Cristina de Swart, der requiranten moeder in april 1621 toen haar man overleden was [stierf april 1621] en boven aerde was staende, hebbe doen halen verscheyden partijen van laeckenen, baije en anderzins tot een rouw en sterfhuis noodig, ten huize van Thonis Jansz van Andijck, die haar zowel bij het leven van Catharina als na haar dood herhaaldelijk maande om te betalen 230 gld onder dreiging van gijzeling. Zij vroeg uitstel tot het proces tussen haar en jhr Henrick Jolijns de Karmans here tot Manegem beslist was. Het Hof van Utrecht gaf echter een sententie in haar nadeel. Mr Jan van Mynden zeide toen dat Thonis Jansz wel een zeker hennepwerfjen in betaling wilde aannemen; 1623-07-24: nog meer getuigenissen hieromtrent waarin genoemd "ten huyse van Adriaentgen weduwe Gerrit Sael aen de Ruimebaen te Utrecht", zij was een dochter van Dirc de Swart; 1624: Adriana Salen out in de 50 jaren. Christina was weduwe van Carel Pelt, deurwaarder der stad Utrecht, ontvangt op 1622-03-22 vergunning van prins Maurits om de erfenis van jonker Johan uten Broeck (belast met vruchtgebruik voor zijn weduwe) onder beneficie van inventaris te aanvaarden. In 1622 ook genoemd Caerl Cornelisz Speelman, Jacop Gerritsz van Westrenen, Jan Sael van Vianen, de weduwe van Gerrit Sael

1424-01-20 (1423) |

R.A.H. Coll Aanw 56 fol 375/Reg in Beyeren IX fol 178
Jaartallenindex

hertog Johan oorkondt dat onse dyenres Louwerens en Pontyaen Utenbroeck, syn soen, hem hebben overgegeven en kwijtgescholden sulcke dijenste als wij hem beijde gegeven hadde te gebruken hoir leven lang, ende die na der anders doot alleen te behouden voirt sijn leven langh, gelijk de brieven inhouden die ook geconfirmeert waren door wijlen hertog Willem, 's hertogen Johans broeder. Die welcke dienste hierna geschreven ende genoemt staen. Dats te weten die roede ofte boedambacht binnen der stede van Woerden dat Johan Veal onsen diener in tijden voirleden te hebben plach. Item die roede ofte boedeambacht binnen der stede van den Briele dat dieselve Jan oic te hebben plach. Item dat boedeambacht ende schutterijen van onse stede van Naerden ende van onsen landen van Goylant dat Arnoldus van Harwarde onsen dienaer in voirtijden te hebben plach. Soe hebben wij om oetmoedichs vervolchs ende beden wille Louwerens ende Ponssen sijns soens onser dieneren voirs. ende om dienste wille etc Ponssen voirn. verlyt die diensten te bewaren en te houden tot een recht leen. Krijgt hij twee zoons bij zijn wettige vrouw die hij heeft of hierna nemen sal, zal de oudste dit leen ontvangen, sterft deze kinderloos dan zal zijn oudste broeder opvolgen. Te verheergewaden met een rode sperwer of 10 schell Holl. Ponsse uyten Broeck onse diener en roedrager maakt het bodeambacht van den Briel tot lijftocht aan zijn getruweden wijve Lijsbeth Bertoutsdochter van Assendelff

1431-05-25 | Castricum

R.A.H. Coll Aanw 55 fol 306v, 310/Reg in Beyeren X fol 115v, 116v
Jaartallenindex

Bertoldus Nicolaiss, clericus, keizerlijk notaris, instrumenteert dat dominus Theodericus filius Gerardi Liss, presbyter, voor de zaligheid van zijn ziel, een kapel sticht in de kerk van St Pancras in Castrichem, op het altaar van de Maagd Maria waarvoor hij een stuk land geeft aldaar gelegen, geheeten Symon Klitblootsweer. Nog een stuk land geheeten Lysenblock, ook aldaar gelegen en al hetgeen een zekere Symon f. Wilhelmi voor de stichting van genoemde kapel heeft opgedragen bij een brief dd 1430-05-22. Met verschillende bepalingen. Op 1431-05-26 vergunt gravin Jacoba aan heer Dirck Lis, priester, om 15 g.g. Eng nobelen jaarlijksche renten uit zijn eigen goed te bestemmen voor de oprichting van deze capelrie

getuigen: Dominus Franco Wilhelmi, vicarius in Collegiata Capella beatae Mariae Hagenus, Dominus Petrus Utenbroeck, d. Nycholaus Beer, praesbyteri, vicarii parochiale ecclesiae Hagensis