13 resultaten
1383 |
Ms Opstraeten v.d. Molen dl III fol 1181/Manuscripta van Buchell
Jaartallenindex
in het register van Henric van Rijn, abt van St Pauwels te Utrecht, brieven aan zijn neef Johan Vlaminc en zijn zwager Henrick de Ridder, "die gebeden werden op eender cleding met een heuschen roere, van immers niet te vergeten haer heuscheden te senden in gevalle sij niet en quamen"
1420-12-10~ |
R.A.H. Coll Aanw 56 fol 20v/Reg in Beyeren IX fol ..
Jaartallenindex
Aernt van der Voert. Dese Aernt heeft ene brieff van mine genadige heer van Beyeren die hier achter geregistreert staet anno 1423 XII dages in December …. dat hij hier vergeten is te registreren. Jan van der Voert. Jan van der Voert die staet hier achter op tie selve stat geregistreert mit eene brieve omdierselver sake wille [± 1420-12-10]
1418-05-26 |
R.A.H. 54 fol 149/(Privilegia) fol 46 (!)/Van Riemsdijk no 46
Jaartallenindex
verliede mijn ghenedighe Vrouwe etc heeren Bairtout van Assendelf alle alsulcke goede als hij van der graeffelyckheid van Hollandt houdende is, nae inhoudt synre brieven. In margine: omdat die mannen hier vergeten off versuymt sijn te setten die bij dese verlijinge waren, soo heeft Heere Berthout sijn leen anderwerff versocht ende het is hem noch eens verliet. Quaere in Registro in Aprille anno XXIX ....... XVIII
1337-1338 | Bennebroek
Rek Houtvester dl II Nalezing
Jaartallenindex
item van morgengelde van mijns heren lande in Bennenbroec 20d (p 118); 1342-1343: (p 124) afterstal van boeten in Bennebroec 50sc, die hij vergeten hadde int afterstal te zetten van den jare XLII; 1343-1344: (p 152) noch van campure up Bennebroec 50sc (p 165v) veenpacht vant jaar 1344 op Bennenbroeke, van 7 personen voor 9 kampen en van een persoon voor een erfhuur 4£ 17sc 10d
uit de rekeningen van de houtvesterij van heer Symon van Benthem, 2e deel Nalezing Rek Hen Huis uitgegeven door dr Smit
1538-04-04 |
R.A.H. Coll Aanw 123 Caput Zeeland fol 43, 44v
Jaartallenindex
leenmannen van Zeeland oorkonden dat Anthonis van Wissenkerke voors. opdroeg tbv de broers Jan en mr Nicolaes Rokox, als ooms en mombers van Franchois van Wissenkerke, des voirs. Anthonis'onbejaarde zoon, 1/12 deel van de geheele heerlijkheid van den lande van Vosmaer, mit ambochtsrecht, ambachtsgevolg als maalderij, vogelrij, visserij, tienden, gorssen, slyklanden, aenwas. Met het verzoek om Franchois hiermede te belenen. Bezegeld 4 april 1538 a natuntate [!]. Op 1538-04-29 beleent Karel Franchois van Wissenkerke met dit leen, tot een onversterfelijk erfleen. Daar Franchois nog onmondig is, doet zijn oom Jan Rokox de eed voor hem. No. dat vergeten is te corrigeren den orginalen brief die is in dato den 29e mei en behoort te wesen 29 aprilis
Anthonis van Wissenkerke, Pieter Blockszoon, Cornelis Vranckenz van Campen, leenmannen van Zeeland; 1538-04-29: Jan Heindricx, ontfanger v.d. exploicten in onsen Rade van Holland, Willem Pietersz Criep, procureur postulant van denzelven Rade, Anthonne Lebucq, deurwaarder v.d. camer v.d. reeckeninge in den Hage
1542-02-13 |
R.A.H. Coll Aanw 249 fol 333v/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex
request van Heynrick Wittelloe en zijn huysvrouw Haeze Heymansdochter dat zij in den Hage waren komen wonen ten einde dat Heynrick de slechte vrienden die hij in Amsterdam had, zou vergeten weswege hij op verzoek van zijn moeder en huysvrouwen vrunden onder curatele gesteld was door het Hof. Dat hij nu tot beter verstand en regiment gekomen zijnde, de stad Amsterdam hem sommeert om onmiddellijk daarheen terug te keren of het recht van exue te voldaan. Dat zij besloten hebben terug te keren, maar geen geld daarvoor hebben. zij verzoeken nu hun goederen met een rente van 24 Kar gld te mogen belasten. Na ingewonnen advies bij het gerecht van Amsterdam en bij vrunden en magen, consenteert het Hof hierin
1568-06-17 |
Kerkarch R.K. Purmerend/Klooster Purmerend/Bissch. Oud Arch Haarlem regest 493 Oorspr Inv no 812
Jaartallenindex
notaris Gerardus Symonsz a Gijsp instrumenteert dat Trijn Gheryts, onse geprofesside conventueale ende hadde van mi, haer biechtvader eertyts, begeert haer testament bij haer gepasseert ende gemaect vóór haere professie eens te horen voor haer gelesen te worden ende gelesen wesende sijde Trijn: ick hadde gemaeckt voor mijn professie dat die renten van mijn lant ende goeden souden in myn sterffjair geheel bliven int convent ende dat article ende punt en wart niet gleesen, het mocht van mr Clais versuijmt ende vergeten wesen. Zij brengt twee getuigen mee om te bewijzen dat dit inderdaad vóór haer professie geschiet was. Gedaen ten huyze van mij notaris tot Purmerend int convent van St Ursula, in presentie van mr Jan Jansz van Hobreed, capellaen int voors. convent en mr Symon Claesz van Purmerend
1398-08-11 |
R.A.H. Coll Aanw 47 fol 526/Reg Albrecht V fol 291v/Van Mieris III p 686/G.A. Haarlem Inv Enschedé no 2138a p 277
Jaartallenindex
hertog Albrecht en zijn zoon Willem van Oostervant oorkonden "want onse lieve ende getrouwe Heer Arent Heer van Egmondt ende van Isselsteijn, ons Maerschalck, ende beleder van onsen heere geweest heeft op ons lant ende luyden van Oostvrieslandt, doen sij bedwongen worden ende in handen gingen, daer hij meenigen swaeren arbeyt ende trouwen dienst ons aengedaen ende bewijst heeft, die wij aensien willen ende niet en staet te vergeten: daerom dat wij hem gegeven hebben etc Amelant met al sijnen toebehooren, dat gelegen is aen die Schellinge. dats te verstaen putte ende galge in hoogen ende in lagen, als een vrije heerlycheyt toebehoort, uytgeseydt die zeevont ende die thollen, die houden wij aen ons selven. Item soo hebben wij hem mede gegeven dat utlant, geheten Bil dat aengeworpen es buytens dycx ende gelegen es tusschen Meynersgae ende St Mariengaerde, met sijne vrije heerlicheyt in hoogen ende lagen, gelijck van Amelant voorseyt es. Te houden ten erfleen. Gegeven tot Stavoren, Sonnendaeghs na St Lauwerensdach
1543-12-01 |
R.A.H. Coll Aanw 121 Caput Z.H. fol 305v
Jaartallenindex
regering der stede van Ysselsteyn oorkondt dat Franchois van Wena heer tot Ghysenburch ter eenre, en Hector van Hoxwier, 1e Raad in den Hove van Utrecht, ter andere zijde, en heeft partij 1 volmacht gegeven aan Frans Huybrechtsz, procureur postulant voor den Hove van Holland en Willem van Muyden, wonende te Utrecht, om namens hem te compareren voor stadhouder en leenmannen van Holland, om namens hem opdracht te doen aan heer Hector van Hoxwier, van alsulke lijftocht en recht als hem competeerde aan den huyse ende heerlijkheden van Ghiessenburch en Ghyessennijkerk, vermogens zeker contract en coop tussen hem comparant en heer Hector gemaakt 1543-11-14, en daarin heer Hector te vestigen en te verzekeren. Partyen verzoeken condemnatie op de procuratie, die hun verleend wordt. In dorso staat: Also in dese procuratie vergeten is te stellen die date van den lijftochte daarvan in desen mencie gemaackt wordt, die ick mynen gemachtigden bevolen hebbe ende bevele mits desen van mynen wegen over te geven heer Hector so verclare ick en bekenne dat dieselve lyftocht is in date den 23 september 1541, ondertekend door mij Franchois van Wena here tot Ghysenburch, 9 december 1543 (vgl 1543-12-17)
1514-04-10 |
R.A.H. Coll Aanw 114 Caput Sticht fol 38
Jaartallenindex
Max. en Karel oorkonden dat voor den grave van Egmond als stadhouder-generaal gecomen is onse geminde Barthout van Assendelft, te kennen gevende, hoe dat hem wijlen de koning bij brief dd 1502-05-11 hem beleend heeft met een thiende, leggende in den gestichte van Utrecht, tussen die oude Maern ende die Maernhofstede, inhoudende diverse punten, die in denselven brieff niet begrepen en zijn, alsoo den text van de voorgaande leenbrieven niet geachtervolgt en is, ende ook mede is vergeten dat heergewade van dit leen etc, dat Barthout om een nieuwe leenbrief gevraagd heeft. Zij belenen vervolgens Barthout van Assendelft met dat dagelycx gerecht van eenre hoeve lands gelegen binnen der myle der stadt van Utrecht, tussen die oude Maern ende Maerhofstede, met tynsen en met thienden, alsoo die daer gelegen is, ende toebehoordt der prochye van de Buyrkercke te Utrecht, hem aanbestorven bij dode van zijn oom Aernt van der Maern. Te verheergewaden met een goede Eng. nobel. In margine: dit is een recht leen ut patet libro III fol 66 op Sweer van der Maren. Sij voordacht soo wanneer dit versterft dat men t selve verclaere in de brieven, sedert bevonden erfleen. Op fol 36 was een andere lezing van deze brief geboekt, die echter is doorgehaald: dit is gestelt hiernae in beter vorme fol XIII
present: Pieter Plumion, Jorden van Raemsdonck,