10 resultaten

1424-02-01 |

Inv Arch H. Geest te 's Hage dl II regest 189
Jaartallenindex

schepenen in den Haghe oorkonden dat Aelmaer Claes die Muuszoen verklaarde schuldig te zijn aan Steynelt Jansdochter een rente van 20 schell Holl sjaars, verzekerd op zijn huis en erf in de Vlaminckstraat, belend oost: Steynelt Jansdochter, west: Hildegont Wolfaerts, noord: Pieter Willem Obrechtsz, zuid: de Heerstraat. In margine: Habet Neeltgen Geryt Pietersz weduwe anno 1557. Habet anno 1586 de voors. Seger Pietersz (vgl 1438-03-12)

Engel Ellekynsz | 1349-1350

Rek Rentmeester Kennemerland
Voornamenindex

Enghel Ellekijnsz: "van den suderen vijfland 6sc 10d"(798 fol 1), (fol 2, 10v) "van Wolfaerts opslaghe"; 1358-1359: (806 fol 33) afterstal van 1358 van Vronen 3sc 5d, zijn broer Dirc: idem 3sc 5d

Blokland, van | 1409

A.R.A. Leenkamer Holland no 240 fol 83, Rep Altena; patet libro 3 fol 60; R.A.H. Coll Aanw 53 fol 81v
Achternamenindex

hertog Willem oorkondt dat Jan van Blocklandt Arentsz hem heeft opgedragen 1 morgen land in het land van Altena in de ban van Giessen in de hoeve van Herpt, die hij in leen houdt. De hertog beleent vervolgens Mathijs Pietersz ermee, belend overste zijde: Jacob Jansz, nederste zijde: mr Wolfaerts erfgenamen

1380-12-10 |

R.A.H. Coll Roeperpapieren Haarlem Inv 60 regest 16
Haarlem Algemeen

scepenen in Haerlem oorkonden dat Wouter van der Dune verkocht heeft aan Gherijt Heijkenz 12 penn. goets gels sjaars in rechten poortrechte op Jacob Alsinxzoens helfte van dien halven huis en erf dat Ermegaert Wouter Pelgrimssoensdochter ende Jacob voers. gemeen hebben, leggende en staende jeghens der Veerstrate, an d'een zide: Jacop Alstinxz en Ermegaert voorn, an d'ander zide: Lisebet Wolfaerts met de andere ½ van de voorn. huis en erve

Hobbe Hone en Everaert van Dyemen, schepenen

1493-03

folio 39 XXVII, XXVIII 1492-1495
Transportregister Haarlem

Pieter Jacobsz Verdel als erfnaem van Bertolmeus Gysbrechtsz, zijns wijfs broeder, verkoopt Dirc Jan Scoutsz en Claes Jan Schoutsz, gebroeders, een stuck lands in de ban van Sparenwoude, geheten Wolfaerts noert, groot 2 morgen, oost: Havick Jansz, west en zuid: Sparenwouder veert, noord: t cappelrye lant toebehorende de cure van St Baef te Haerlem. Schout: Jan Reijersz. Schepenen: Geryt Symonsz en Geryt Claesz

Back | 1448-05-20

Taxandria 1923 p 178
Achternamenindex

1436: het goed ten Kerchove, te Oisterwijck en placht toe te behoren Godschalk Roesmont. Berthout Back tbv zijn zoon Jan, bij dode van zijn moeder Marien Wolfaerts; 1461: Jan Back bij overgeven door zijn vader Berthout. Idem het goed ten Bigaerde of Bogaerde binnen de parochie te Oisterwijck; 1461: Jan Back, bij overgeven door zijn vader Berthout; 1535-11-28 op Reyner van Brederode bij dode van zijn moeder Adriaen Bacx

1410-02-14 (1409) |

R.A.H. Coll Aanw 53 fol 82v/Reg Nov. Vass. F fol 61/Rek Rentmeester Kennemerland 894 fol 7 (afschrift)
Jaartallenindex

hertog Willem oorkondt dat onse getruwe here Jan van Heemstede here van Benthuysen hem opdroeg tbv here Floris van Haemstede, ridder, alle leenwaer, recht ende toeseggen dat hij hadde an dat ambacht van Bergen mit allen synen toebehoren, alsoe dat in onsen lande van Kenemerlant gelegen is ende hij van ons te leen te houden placht. Dat hij vervolgens onsen geminden heren Floris voors. hiermede beleend heeft tot sulken rechts ende leen alst here Jan van Haemsteden here van Montagijs ende sijn voirvaders van ons ende van onsen voirvaders zeliger gedachten voir ende onse getruwe here Jan van Heemstede voirn. nae gehouden hebben (vgl 1404-06-01). Op 1428-08-17 beleent gravin Jacoba heer Floris voors. met de hoge heerlijkheid van Bergen, waarvan hem de ambachtsheerlijkheid reeds toekomt. "Nae die doot van here Floris van Haemstede soe is dier vrouwe van Bergen Wolfaerts wyf van der Maelstede ende was heren Floris zuster van Haemsteden. Op 1438-10-14 beleent de hertog Wolfairt v.d. Maelstede

Blokland, van | 1410-02-18 (1409)

R.A.H. Coll Aanw 53 fol 81v, 82/Reg Nov. Vass. fol 60v
Achternamenindex

(fol 81v) hertog Willem oorkondt dat Jan van Bloclant Arentsz hem heeft opgedragen 1 morgen land in het land Althena in den banne van Ghiessen in die hoeve van Herpt, belend Jacob Jansz an die overste zide, end mr Wolfaerts erfname aen die nederste side, die hij in leen hield. De hertog beleent Mathys Pietersz er vervolgens mede; (fol 82) hertog Willem oorkondt dat Jan van Blockland Vastraetsz hem heeft opgedragen tbv Dirck Gysbrechtsz één morgen land in het land van Althena in de ban van Giessen in die hoeve van Herpt, belend oost: Jacob Jansz, west: Dirck Gysbrechtsz

1469-03-14 |

Cartul St Jan Haarlem no 848
Jaartallenindex

int jaer 69 den 14e dach in Marcio was gheraemt een dachvaert in den Briele, van den testamente mr Jan Brants zine erfname Jan Mathysz, ende hadden ghescreven dair te comen allen denghenen die in ghebreke mochten wesen, welke clachten die testamentoren als mr Aernt van den Woude van mijns joncheren wege van Wassenare, Claes Grijp, mr Dirc Hey ende Jan Michielsz, ende hebbense ghehoert ende een utsprake bij consent van beyden pertyen voorn. ghedaen van allen achterwesen van leengoen ende anders te hulike ghegheven etcetera als nair volcht, dat Gheertruyt voorn. houden sal ten eeuwighen daghe voer haer ende haer erve die silveren scale, cop en sess silveren lepelen, die welke Jan Mathijsz voorn. na Geertruyts doot van wegen Claes Mathijsz sinen broeder half gedeelt soude hebben. Hier mede guede vrienden ende alle saeken vereffent tusschen hem beyden tot huden toe. Hier bij ende over hebben gheweest als tughen Heer Jacop Symonsz, Jacop Dircsz ende Claes Wolfaerts. Ende die pertien voirn. hebben ghelooft dese utsprake der testamentoren in ende van waerde te houden Ita est Wilhelmus Wouteri quod premissa notarius publicus (vgl 1477-06-18, 1447-07-11, 1448-06-14)

1430-08-24~ | Hardinxveld

Cartul Carth Raamsdonk anno 1518 fol 50 (of 30)/Carthuizers St Geerdenberg
Jaartallenindex

item die sceydinge tussen heer Jan Kamerlinc en Dichtgens. Dit is die scheyding die wij Jan Wolfaerts, Jan Foeyt en Gysbrecht Woutersz eendrachtelic gheseyt en gesceyden hebben op een peyn van 50 scilden: in den eersten alle dinck doet gherekent soe bleef Dichtken ende hoer kinder aan heer Jan Camerlinc schuldich is van dat Willem van der Stekel sal. ged. meer opgeboert had van heer Jans wegen dan utgegeven ende nochtans dat here Jan zijn silveren scael vry in zijn hant quam 40 Beyers gld. Item dese 40 Beyers gld bleven staen tegen 31 Wilh scilden tot Oude Munster ende daer soude men here Jan seer behulpich in wesen om te dadingen als men minst conde ende wat dit cost dat soude men utleggen van desen 40 gld voorn, ende dat dan hierof overliep dat soude men dan here Jan in syn hant geven an gelde binnen die eerste maent sonder arglist. Item doe dit gesciede ghebrac Dirc Scut 33 Beyers gld ende die sou Jan van Hoeij [aan] Dirc Scut betalen van heren Jans wegen ende des hadde Jan van Hoy van heren Jan onder hem een brief van 24 nobel die men heren Jan schuldig was of worden soude ter Goude. Des verschenen hierof 12 nobels des eersten keermis na deser scheyding voirs, en van desen 12 nobel so soude Jan van Hoij zijn 33 Beyers gld weder of nemen en want daer dan meer waer dat soude men dan here Jan geven, met die brief daer die ander 12 nobels in verschynen soude jaers hier na volgende. Item hierop so soude Dirc Scut van heren Jans wegen Willems kinder van der Stekel den eygen geven van den 4 nobels sjaers die heer Jan ghecoft heeft van Dirc Scut. Ende hier soude men heer Jan an verlyftochten zyn leven lanc, ende wanneer dat here Jan gaef 31 nobels so soud men here Jan dan desen eyghen weder overgeven op synen cost en men soude dan heer Jan aen 4 nobel elwaer verlyftochten, daer hij mede beswaert soude wesen sonder argelist. Item hiermede so was alle dinck d..t gerekent ende het soude een .... (?) vrientscap was ende hier was Jan van Hoy selve tegenwoordich daer dit geschiede aen syn trasoer in zyn sael (zie volgende brief)