29 resultaten

1516-06-05 |

R.A.H. Coll Aanw 114 Caput Zeeland, Voorne fol 102v
Jaartallenindex

Karel oorkondt dat hij op ootmoedige bede en verzoek van onsen welbeminden Boudewyn van Abbenbroeck hem vergund heeft over al zijn goederen bij testament te disponeren

1526-02-05 |

R.A.H. Coll Aanw 116 Caput Zeeland fol 150v
Jaartallenindex

Karel oorkondt: alsoe onse lieve en getrouwe Raed en meester van onser reeckeninge in den Haghe, mr Claes van Essche, ons vertoont en te kennen gegeven heeft dat hij onlancx in t openbaer als meest biedende gekocht heeft ¼ deel van den dorpe en heerlijkheid van Abbenbroeck, mit hoge-, middele- en lage jurisdictie, met thienden, visserij, maelrie, jaerschot, gorsettinge en ander sijn toebehoren, daer van de vrouwe douagiere van Montfoort het andere ¾ deel van ons houdt. Ende daertoe heeft hij noch van ons gekocht 8 gemeten lands gelegen in t Kaetgen, en ½ gemet geheten t Spartegelt, al gelegen in de heerlijkheid van Abbenbroeck, gelyc als t selve ons bij confiscatie van Bouwen van Abbenbroeck aangekomen is. Allenlyck aen ons reserverende onse opperheijt, ressoort en bede, blijkens de brieven van coop dd 24 juni j.l. Hij zal die houden tot een onversterfelijk erfleen, met bovenstaand voorbehoud (vgl 1525-06-24)

heer Gerrit, heer van Assendelft, ridder, Raad ordinaris v.d. Camer v.d. Rade, Jacob de Jonge, heer tot Baertwyk, auditeur v.d. reeckeninge, Vincent Dammas, secretaris en clerck v.d. rekeninge

1416-08-20 |

G.A. Amsterdam Inv Arch Gasthuizen Amsterdam regest 175/Arch Oude Nonnen Amsterdam
Jaartallenindex

Jacob here van Gaesbeeck, van Abcoude, van Putten en van Strijen, verleyt Willem Eggert heer tot Purmereynde het ambacht van Westerrijck, van Abbenbroeck af tot den dijk des lands van den Hoorn (vgl 1415-09-08, 1417-08-14, 1419-11-10)

1399-04-13 |

R.A.H. Coll Aanw 47 fol 587/Reg Albrecht V fol 333 no 1365
Jaartallenindex

hertog Albrecht vergeeft Jan die bastert heren Vranckenz alle breuken en misdaden die hij tegen hem begaan heeft, gegeven tot Zeerixee. Eenzelfde brief voor: de abt van Middelburch, heer Claes van Borselen heren Aelbrechtsz, Heynric Crabel, Witman Claesz, Martyn Pietersz, Pieter Heijnricsz, Heynrick van Abbenbroeck, Claes Jansz, Jan Hugemansz

1497-10

folio 83 LXXIV 1495-1498
Transportregister Haarlem

Pieter van Leeuwerden verkoopt aan Claes van der Laen een boomgaert met huyse buiten de Cruispoorte binnen de vrijheid van Haerlem, noord: heer Gerijt van Abbenbroeck, ridder, zuid: Jan Jansz de backer, afterwerts streckende an Dirick Philipsz. Metten eygendom van enen ganck 5 voeten breet voer vuytgaende tussen de molenwerf en Danel Joostz. Ter lossing met ......

1517-09-01 |

J.A. Jaeger: A.R.A. Hs 3e afd no 687 p 151
Jaartallenindex

akte van verkoop van 4 £ gr Vls sjaars door Vrouwe Machtelt Vranck van Dyemendochter, weduwe van heer Boudewyn van Abbenbroeck, ridder, aan haar zusters man, mr Dirck van Beest Dircksz, verzekerd p 17 gemeten land gelegen in het land van Putten in het land geheten Stompert bij Simonshaven, gemeen liggende met het land van de kinderen van Dorp, gewonnen by Katheryn Boudewyn Hartsdochter, zijn eerste echtgenote, 1 Sept 1517 (vgl 1524-02-27)

1508-01-10 (1507) |

R.A.H. Coll Aanw 113 Caput Putten fol 23
Jaartallenindex

Karel beleent jvr Chaerlote van Brederode na dode van haar moeder vrouwe Marguerite van Borsselen met: 1) dat huijs tot Abbenbrouck en ¾ van de heerlijkheid van Abbenbroeck en van de tienden, visscherijen en vogelrijen; 2) half die heerschippije van Velgersdijck in hoge en lage met ½ van de tienden aldaar. Hulde doet voor haar Anthuenis, bastaert van Brederode. In margine: op 1522-09-26 soo dede Lodewyck van Beloys van Treslong, hoofmeester der vrouwe douaigiere van Montfoort, achtervolgende haer procuratie, den behoorlycken eed

present: mr Jan Bouwensz, Jan van Zevender, Willem van Ruyven, Dirck van Boneem, Jorden van Raemsdonck, cleene Jan Bruijn; 1522-09-26: mr Tielman van Dullekem, Raad des keizers en mr v.d. camer v.d. reken. in den Hage, Willem Pietersz van Duep, Symon van der Goude Jacobsz

Berkenrode, van | 1452-05-31

Archief Groote Gasthuis no 46/117; Inv. Arch Haarlem p 196
Achternamenindex

Gheryt van Berckenrode oorkondt dat hij in vrije gift voor schout en schepenen van Abbenbroek overgegeven heeft om zaligheid van zijn ziel, die van zijn vrouw en kinderen en onser ouderen, aan St Elisabethsgasthuis te Haerlem, 10 gemeten lands gelegen in Oude Abbenbroeck ende nu ter tijt in huyrwair off in bewaring heeft Claes Ariaensz. Zegel van Gheryt: een klimmende leeuw

Haarlem

1493-11-21 |

R.A.H. Coll Aanw 110 Caput N.H. fol 28
Jaartallenindex

Max. en Philips belenen onse lieve en welgeminde Johan heere van den Gruythuyse, grave van Winchester, prince van Steenhuysen, met ½ van een tiende in den ambachte van der Wateringe, geheten den Honairt, daer Aernt van Duvoirde die wederhelft of placht toe te behoren, hem aangekomen bij dode van zijn vader Lodewijk van Brugge, here van den Gruythuyse, te houden tot een onversterfelijk erfleen. Te verheergewaden met een rode sperwer of 10 schell Holl. Daar hij niet aanwezig kan zijn "overmits seeckere syne nootlycke occupatien" doet heere Geryt here tot Abbenbroeck, ridder, als zijn procureur de eed

present: Tielman Oom van Wingerden, Pieter Plumion, Dirck van Boneem, Jacob Adriaensz

1494-12-29 |

R.A.H. Coll Aanw 110 Caput Arkel, Putten fol 35
Jaartallenindex

Max. en Philips belenen Boudin Hert Boudinsz, na dode van onze lieve getrouwe Raad, heer Gerrit van Abbenbroec, ridder, syns broeders, met: 1) ⅛ deel van Abbenbroeck met alle goeden, rechten ende heerlijkheden daertoe behorende, zoals heer Gerrit voors. en jvr Catharina Gheryt Jansdochter, hun beider moeder, die te houden plagen, 2) ⅛ deel van Abbenbroeck, met allen goeden, rechten en heerlijkheid, gelyk heer Gheryt voiirs dat in zijn leven verkreeg by overgifte van Joost van der Hoeve, tot een onversterfelijk erfleen, 3) de ambachtsheerlijkheid van wylen Boudin Hert zijn vaders landekyn geheten 's Gravenambacht en van alle aenwassen, slyken, rietbroeken, die daer buyten aen t voors. landekin te eniger tyt aencomen en aenwassen sullen mogen, noordwest: die Hijde, noordoost: dat staeldiep of Claes die Mansgat, zuid: dat wingat, zuidwest: die gront van der heerlijkheid van Rooden, ende al tot in den diepe van den laechsten water toe, met al den ambachte ende ambachtsgevolge, en met alle alsulke visseryen, vogelryen ende zwaendriften die binnen der voors. bepalinge nu zijn of naemaels gebueren, off gevallen zullen mogen ende van den drogen dycken ende Careveltsche dyck, mitsgaders oock mede alle die thienden die vallen zullen mogen van t gunt binnen de voors. bepalinge noch sal mogen bedyckt werden, al tesamen in onsen lande van Portugael onder onse heerlijkheid van Putte gelegen, bij den voors. heer Gheryt bij zijn leven uyt zynen eyghenen goede ons opgedragen. Te houden, leen van Putten, tot een goed onversterfelijk erfleen. Te verheergewaden met een stoop Rynwijn. Behouden ons en onser heerlijkheid van Putten den erfpacht daaraf; 1496-07-26: zijn zoon Boudyn Hert beleend

present: Willem van der Goes, auditeur v.d. Rek, Dirck van Boneem, Jacob Adriaensz