Bedoelde u soms?
buerlieden | buerllluyden | buerlude | buerluiden

48 resultaten

Pieter Thamsz | 1595-01-21

O.R.A. Alkmaar rol 893
Voornamenindex

Jan van Houten en Pieter Thamsz, buerluyden tot St Pancras, gedaagd om getuigenis af te leggen

Volger | 1662-12-28

Recht Arch Akersloot 113 fol 659v, 660
Achternamenindex

Lourens Cornelisz met zijn 3 zoons Cornelis, Isbrant en Jan, buerluyden alhier, zijn schuldig aan Jan Willemsz Boet, houtkoper, Gaef Dirksz Botter en aan Wilhem Michielsz Volger, buerluyden alhier, de somme van 425 Kar gld, onder verband van: - een stuk land genaamd het Omloop, 703 roeden, belend noord: Jacob Lourensz, zuid: de Groote Ven; - een stuk land genaamd Jan Aemkersacker, groot 376½ roeden, belend noord: Lambert Gerretsz, zuid: de stad Haarlem; - "noch haer porsse in de Wurfkoyen" en een akker in de Mient, samen 328 roeden, belend west: Mies Cornelisz, oost: Jan Albertsz Ven, alle gelegen in de Westwouderpolder, bij de Stierp in de banne van Akersloot

1606-01-31 |

G.A. Haarlem Recht Arch Inv no 82/I fol 49
Haarlem Algemeen

Jan Reijersz van Buijeren, secretaris van Calslagen, transporteert aan de E. heere Barthout van der Nyenburch, oud burgemeester van Haarlem, een custingbrief daeraen noch resteren 5 termynen, elk van 33 gld 6st 10 penn, ten laste van Cornelis Jansz Priem en Cornelis Theunisz, buerluyden tot Calslagen, verleden voor Cornelis Andriesz, schout, Adriaen Meesz en Pieter Jacobsz, buyeren tot Calslagen den 1604-09-19. Borg stelt zich Claes Woutersz, brouwer in de Leeu binnen Haerlem

1567-06-11 | Velsen

R.A.H. O.R.A. 954 fol 6
Jaartallenindex

Neel Jan Rosen weduwe met haar zoon Gerrit Jansz Roos als voogd, buerluyden tot Velsen, erkent schuldig te zijn aan Aerian Jans, weduwe van Symon Jansz Hofflandt, een losrente van 3 R gld per jaar, losbaar met 50 R gld, volgens de obligatie dd 1545-12-23. Deze wordt nu verhypothekeert op haer huys mette croft daervoor gelegen aent Aircommerduyn, belend oost: die buerwech, zuid: de weduwe en erfgenamen van Dirck Symonsz Roos, west: de wildernis, noord: de kinderen van Cornelis Philipsz

schepenen: Engel Aelbertsz, Cornelis Pietersz

1461-07-13 |

Arch Grote Gasthuis Haarlem 38/1 no 246/St Elisabethsgasthuis Haarlem
Jaartallenindex

Baertout Hughenzoon, scout tot Akersloot, oorkondt dat Margriet Willem Heynricszoensdochter met haar gecoren voogd Thomas Heynricsz geliede dat zij opgegeven heeft aan het St Anthonisklooster te Haerlem een stuck lands gelegen in den ban van Akersloot, in gebruik bij Jan Lambertsz, sjaars om 4¼ Wilh scilde, belent oost: Gheryt Jacobsz, noord: Claes Jacopsz, west: Gheryt Willemsz. Hier waren bij heer Lubbrant Lambertsz, vicureit der kerk van Akersloet en heer Symon Michielsz van Haerlem, priesteren, Allert Claesz, Jan Claesz, Claes Boudynsz ende Claes Joest, buerluyden in Akersloet

1599-01-03 | Koedijk

R.A.H. O.R.A. 6218 fol 110v, 111
Jaartallenindex

schout en schepenen in Koedijk oorkonden dat Cornelis Zymonsz, van Suyt Scherwout op Langedyck, transporteert aan Pieter Gleynesz en Miechgiel Pietersz, onse buerluyden, een stucke lants genaempt "de Cleyne Wyberch", groot 5 geersen, gelegen bij Huysweert, belend zuid: de Grote Wyberch, oost: Jan Pietersz, smit, poorter tot Alkmaar, west: Willem Jansz Gorter. Vercoft anno 1597. Op 1599-01-19 dragen Pieter Gleynisz en Michgiel Pietersz tbv Tryn Symon Remmensdochter, weduwe Pieter Michgielsz, het voors. stucke lants of wyberch. Onderpand: Eerst Pieter Gleijnisz huys en erve, belend zuid: Calisse Noom, noord: Aris Jacob Ottis; Michgiel Pietersz huys op t zuijtent, belend zuid: Cornelis Jansz van der Sluijs, noord: Willem Luytgesz

Reyer Cornelisz, schout, Willem Aeriaensz en Cornelis Jansz Graeff, schepenen

1374-02-28 | Mathenesse, nieuw

Cartul Carth Raamsdonk anno 1518 fol 71v/Carthuizers St Geerdenberg
Jaartallenindex

heemraden en buerluyden in den ambacht van nywe Mattenesse oorkonden dat here Danel van Mattenesse, gaende en staende en machtig sijre 5 sinnen, enen vryen eigendom gaf Jan heren Dircsz en Symon Philips van Mattenesse, synen neven, gelyc te deelen, voor sulken dienst als sij hem gedaen hebben ende noch doen zullen alzulke renten als hij hadde op die vier achtendeel die gelegen zijn in den ambacht van nuwe Mattenesse van den oistende in, dats te verstaen op elken morgen van den vier achtendelen 10 schell alsulc gelt als myn heer ontfaet van zijn renten. Bezegeld door heemraden mit onse zegelen. Daar buerlieden geen zegels hebben, zegelt Jan Ysboutsz, onse scout, voor hen. Anno 1374 op den lesten dach van Zelle (vgl 1394-10-23, 1386-09-22)

Henric Berwoutsz, Gherit Eversz en Dirc Bartelmeusz, heemraden, en Gysbrecht Goedelenz, Hughe Gherytsz, Ocker Ghijbenz, Dirc Jacobsz, buerluyden

Claes Symonsz | 1588-02-01

O.R.A. Alkmaar 133 fol 98
Voornamenindex

Claes Symonsz en Aerian Baertsz, buerluyden van Ursem, voor zich zelf en voor Lysbet Baerts en Baert Jansz, alle erfgenamen van Thys Baertsz, voor ½, Huybert Cornelisz, buerman te Ursem voor zich zelf en voor Cornelis Jacobsz en Krijn Cornelisz, alle erfgenamen van Marytgen Cornelisdochter, vrouw van Thijs Baertsz, voor de andere helft, verkopen huis en erf te Alkmaar

1578-12-20 | Velsen

R.A.H. O.R.A. 955 fol 87
Jaartallenindex

schout en schepenen in Velsen oorkonden dat Garrebrant Willemsz en Pieter Arentsz, buerluyden van Velsen, zich met al hun goederen borg stellen tot een waarborg en speciale ypotheke voor alsulcken stucke lants als enen Cornelis van den Camer, buerman te Egmont, in den jare '71 of '72 van een Jan Florisz, buerman in de voors. banne van Velsen gecoft heeft. Welk lant gelegen is in de ban van Egmont ende geheten is "die beide stucken". Zij beloven het voirs. stucke lants vry te waren, zonder lasten, uitgezonderd 200 gld hoofdsom die Willem Pauwelsz van Amsterdam daarop heeft. Ende tot nog meer onderpand stelt Garrebrant Willemsz tot een speciale hypotheke een stucke lants gelegen in de ban van Velsen, groot ca 1 morgen, oost: Alydt Jansdochter, zuid: Alydt Jansdochter met Heynsoen tesamen, west en noord: die Seewech

Dirck Claesz Roijer, schout, Huych Symonsz en Claes Cornelisz, schepenen

1567-03-11 |

G.A. Alkmaar Klooster Oude Hof Alkmaar no 73
Jaartallenindex

schout en schepenen in de ban van Castricum oorkonden dat voor ons quamen drie buerluyden en inwoners van Castricum, Jan Heynricksz op Cleybroock, Pancras Symonsz en Claes Jansz Cronenburch, die verklaarden gezamenlijk schuldig te wesen aan pater en mater van het Oude Hof te Alkmaar een jaarlijkse losrente van 12 Kar gld, losbaar met 200 Kar gld; onderpand: 1) Jan Heyndricsz: een stuk land groot 3 morgen min een honderd, genaamd Gheryt Nannen Ven, dat hij zelf gecoft heeft voor 800 Kar gld, gelegen in de ban van Castricum, west: Jacob Gerritsz, noord: die gemene wateringe, oost: Jacob Jansz, zuid: die gemene wech, 2) Pancras Symonsz een acker saedlants gelegen op Gheryt Verhoockx werf, groot één geers, belend oost: Sloskert, west: die H. Geest te Castricum, zuid: Pancras Symonsz, noord: die gemene wech, 3) Claes Jansz twee ackeren zaedlant, groot 1 geers, genaemt Gheryt van Hoockx werf, ook gelegen in de ban van Castricum, belend zuid: die nauwe wech, noord: Claes Jansz voors, west: Maerten Huygen, oost: Jasper Gerytsz

Otto Jansz, schout (met zijn zegel), Jasper Gerritsz en Willem Jacobsz, schepenen