23 resultaten
1536-03-18 |
Ms Opstraeten v.d. Molen dl III fol 753
Jaartallenindex
Erasmus van Eck, onderrichter tot Nymegen, gesat van Joachim van Wije heer tot Hijrnen, borchgreeff ende richter tot Nymmegen, Joost van Randwyck ende Pontiaen Groenwalt, oorkonden "sooe een tijt lang herwaerts t'wyst scelin (?), ende onverstant geweest sijn tusschen etc. In oorconde hebben wij schepenen onsen segelen onder aen desen brief gehangen ende wij onderrichter gebruijck des borggreefs segel"
1506-08-01 | Heemskerk
Arch Marquette no 1106/Cartul Assumburg no 336
Jaartallenindex
Arijs Claesz, schout in den ban van Eemskerck, oorkondt dat Heynrick Jansz heeft verkocht aan Frans Claesz van Amsterdam een acker lants leggende in den ban van Heemskerck, daer naeste lenden of zijn zuid: Claes Jansz, noord: Isbrant Pietersz, streckende van die Houtwech of tot den Beyferde wech. In kennise der waerheyt zoe heb ick Andries Claesz schout voirs mijn zegel hier beneden an gehangen
Gheryt Garbrantsz en Gherit Willem Borritsz, schepenen in Heemskerck
Bakenesse, van | 1344-08-03
De Geer Arch Duitsche Orde II p 603
Achternamenindex
Jan Persiin, ridder, heer van Waterlant, beleent het Duitse huis met land tussen de Keede en de Gaweil in het ambacht van Maasland. "Vort om die meerre sekerheede hebbe ik ghebeden Jacob van Backenesse, minen neve, dat hi desen brief met mi besegele. Ende ic Jacob om beede miins heeren Jans Persiins hebbe minen seghel an deesen brief gehangen."
met zegel van van Jacob van Bakenesse
1481-06-18 |
Arch Marquette no 1106/Cartul Assumburg no 270
Jaartallenindex
Claes Gheritsz, schout tot Beverwijck, oorkondt dat hij verkocht heeft aan Jan van Assendelft, rentmeester van Noordholland, twee Beyersche guldens sjaers euwige renten staende opten huyse ende erve dat Willem Gheritszoon toe plach te behooren gelegen in den banne tot Velsen op St Engelmonsbeecke, daar nu ter tijt in woent Dirck Jansz ende gecoft heeft tegens Willem Gheritsz. In kennisse hiervan heeft Claes Gheritsz "myn naem hieronder geschreven ende mijn zegel hieran gehangen" (vgl 1477-06-10)
1431-01-23 |
R.A.H. Coll Aanw 203 fol 186v, 195/Memoriale Rosa I fol 80, 83v
Jaartallenindex
geleide voor Ghysbrecht Spruijt om door Holland en Zeeland naar Utrecht te trekken, durende een maand lang. Mit voorwaerde dat Ghysbrecht en Trudeken sijn wifj sulck geschil als staet tussen him en Sophien van der A claerlic gehangen hebben an heren Philips here van Borssele, Floris van Borssele, Boudyn van Zwieten, tresorier. Hiervoir heeft geloift Dirc van Haerlem. Op ten H. Paesavond wordt dit geleide voor Ghysbrecht Spruijt, zijn vrouw, met him huijsgesinne tot 4 personen toe, verlengd tot St Jacobsdage e.k. toe, behoudelic dat den dienste Goids in der hijliger kerken bij him niet gelet en worde
1522-03-22 |
R.A.H. Coll Aanw 116 Caput Vriesland fol 28
Jaartallenindex
Johan grave van Egmont, heer tot Purmerende, ridder van der ordene, oorkondt dat hij volgens van den keizer verkregen octrooi dd 13 februari jl om te belasten mijn dorpe en heerlijkheden van Warmenhuysen, Harinckerspel en Oudtkerspel, die ick van de grafelijkheid van Holland in leen houd, en daarop tbv Jan Casselaire een losrente te vestigen van 400£ gr Vls, losbaar den penn. 16, en dat hij de lasten van genoemde heerlijkheden op zich neemt alsof deze belasting niet heeft plaatsgevonden. Des t oirconden heb ick mijn gewoenlic hantteycken hier onder gestelt en mynen grooten zegel hier an gehangen, op 22 maart 1521 na den loop s Hofs van Holland (vgl 1522-02-13)
Asperen, van | 1533-01-10
Rek Drossaard Land van Arkel 3849 inliggend charter
Achternamenindex
Folpert Matyssz, secretaris der stede van Gorinchem "tuge ende certificeer voor die gerichte wairheid dat ick mit … Gysbertsz dair bij an ende over geweest heb, dair die drossaet Jan Geritz bij tussenspreken van mr Gysbert Zas ende mij heeft laten componeren ende lantwinninge gegeven heeft ter cause van den nederslach van Jenneken Goessensdochter omme 8 pond. In kennisse der waarheyt soe heb ick Folper voorn, mijnen zegel hieronder aen gehangen den 10den january anno 1533". Zegel: twee beurtelings gekanteelde dwarsbalken
Laen, van der | 1459-01-26
Arch Kerkvoogdij St Bavo Haarlem regest 178/Cartul Zeven Getijden Haarlem fol 54v
Achternamenindex
Symon van der Laen verklaart dat hij aan de Zeven Getijden tot Haerlem in die Grote Kerk, de Heilige Geest- en die Gasthuijs tesamen 3 Reynaldus gulden des jaers gegeven heeft, die gelegen sijn tot Santvoert op Aernt Bor[c]hertsz huys, na uijtwijsinge die schoutenbrief die daeroff is ende nu ter tijt onder heeft die H. Geestmeesters tot haer drien behoef als voerscr es. Omdat dit waer is, soe heb ick Symon voers, myn zegel hier beneden an gehangen
1508-05-24 |
R.A.H. Coll Aanw 113 Caput N.H. fol 66
Jaartallenindex
ick Janne van Saers, weduwe van Louris Woutersz in zijn leven klerck van der registeren in Holland, oorkondt zij "om den seeckeren regemente van Jan Lourisz myn zoon" met haar neve Jan Pietersz als haar gecoren voogd aan deze Jan Lourisz "met nieuwer ghifte" transporteert al haar lenen onder voorwaarde dat hij daarvan niets verkopen of bezwaren mag zonder consent van zijn rechte leenvolger. Zij verzoekt Karel aartshertog etc als heer van Voorne dit te confirmeren. Zij verzoekt leenmannen in absentie van leenmannen van Voorne "over mij te willen teyckenen", waaraan elcx onse gewoonlycke handtschrift hieronder gestelt. Ende soo wij noch ter tydt geen segel en gebruiken sooheb ick Jan voors. myn zegel hieronder gehangen (vgl 1509-05-26, 1481-12-10)
Adriaen van Dorp, mr Bertolt van Assendelft, secr. ord. v.h. Hof v. Holland, Jan de Edele van Rysoert, leenmannen
1455-01-07 |
G.A. Alkmaar Klooster Oude Hof Alkmaar no 70 (nieuw no 74)/Vangassen no 402 p 228
Jaartallenindex
ick Jan Tedinck lije ende kenne mit desen tegenwoirdigen brieve dat ick vercoft hebbe Gheertruut Amelghersdochter, ministra der susteren van St Katrinenconvent tot Alcmaer, after die prochikerk, totten gemenen convent behoef, een stucke lants geheten "Stekelswerf" ende "Loperslant" half, onderdeelt, gelegen in de ban van Graft voir die Rijp, om een somme ghelts van 38 Wilh scilden. Dair lenden of sijn oost: heer Jacob van Graft, west: Claes Gherijt Nyesenz. Ende ick Jan Tedinck voirn. waere den ministra voirs. hierof al voldaen ende wel betaelt den lesten penninck mitten eersten. Ende ick geloeve den ministra voirn. dit voirscr lant te vrijen ende te waren als men vrij lant sculdich iste vrijen ende te waren in den banne voirs. In kennisse hierof der wairheit so hebbe ick Jan Tedinck voirs. desen brief besegelt mit myns selfs zegel, hier beneden an gehangen