12 resultaten
1430-03-26 |
A.R.A. Leenkamer no 39 Copie fol 162, 163 (katern tussen in)/Reg Charolais fol 14 (katern)
Jaartallenindex
Johan heere van Asperen, van Voirst ende van Keppell oorkondt dat wij verlydt hebben ende verlyen Aert die Juede een steenhuys ende hoffstadt, mitten duijfhuijs ende mit allen timmeringhe toebehorende denselven steenhuis, gelegen in den ghericht van Hellu, streckende van der straeten totten Coorengraeve toe, aen die overste zyde: Ghysbert die Cock, aen die nederste zyde: Alaert Schade. Te houden van de heren van Asperen ten Zutphensen leenrecht. Te verheergewaden met 1£ goets gelts
onse getrouwe mannen: Willem die Roe van Heker, Jan die bastert van Pollanen, Hubert Pouwelsz
Poelgeest, van | 1391-05-07
Fam Arch De Graef regest no 3/G.A. Amsterdam (Origineel)
Achternamenindex
jvr Aleid van Poelgeest, gehuwd met Wouter Coevoet van Bonendael, neef van Otto heer van Arkel, die Wouter beleent met tienden, korentienden en smaeltienden in Polsbroec, in het ghericht van Gherijt van den Vliet
Arkel, van | 1391-05-07
G.A. Amsterdam origineel/Familiearchde Graaf, regest no 3
Achternamenindex
Otto heer van Arkel en zijn zoon Jan heer van Hagestein belenen hun neef Wouter Coevoet van Bonendael gehuwd met jvr Aleid van Poelgeest met de tienden, korentienden en smaeltienden in Polsbroec in Gherijts ghericht van den Vliet
mannen: zijn zoon Johan van Arkel, Otte heer van Hokelem, Jan van Kervenem
Arkel, van | 1357-04-20
Scholten: Grafenthal no 199 p 156
Achternamenindex
Randolf van Hokelem, jager van de hertog van Gelre, oorkondt dat hij van Grafenthal ontvangen heeft 325 pond cleynre penninghe "daer si mijn erfenisse in den ghericht van Aesperden geleghen om gekocht hebben". Opschrift "Koepbrief van den Hoff to Schaer in Kessel"
heer Arnde van Erkel zegelt voor hem daar hij zelf geen zegel heeft
1410 | Purmerend
R.A.H. Coll Aanw 96 fol 111v/Reg Tricushandt Caput Amstelland en Waterland no 20
Jaartallenindex
Jan Eggert ontfaen die heerlichede van Purmerende mit hoghen ende laghen, water, winde, waghe, thijnze ende tiende ende mit anders allen toebehoeren etc. Item dat ambochtheerscip ende daghelicks ghericht van Purmer ende Purmerlant etc ten erffleen, et sunt literae anno X. Item dat sloth tot Purende [Purmerende] mit sijnen toebehoeren, geheten Purmersteijn etc ten erfleen, et sunt literae anno XIII. Item die visscheryen in den Hoenresloit [Horensloot], die Koetstal ende die Pol, ten erffleen,et sunt literae, in registro de Oestrevanto anno XCIX. Item die ambochtsheerschip van Spaerendam ende Spaerenlant mit hoeren toebehoeren etc, ten erffleen, ende sunt literae anno XIV, secundum cursum Curiae
Lienlaer, van | 1445-03-15
Leenregister Abdij St Paulus Utrecht 505 fol 143, 143v
Achternamenindex
leen van de abdij St Paulus te Utrecht: Lambert van Lijenlair Claesz wordt binnen jaar en dag na dode van zijn vader Claes beleend met een hoeve land gelegen in der maelscappen in onsen ghericht van Emmiclaer, geheten Lijenclair, te houden tot een goed onversterfelijk erfleen, behalve de lijftocht van Henric Mar van 10 gouden Rijnse gld per jaar, en de lijftocht die Lamberts moeder Alijt eruit heeft; op dezelfde dag maakt Lambert aan Henric Marre 10 gouden R gld uit dit goed tot lijftocht en Alijt consenteert hierin
mannen: Egbert de Beer, Dirc Poeyt; Geryt Albert Diersz, Henric Jansz
Vuren, van | 1423-11-11 - 1424-11-11
A.R.A. Graf Rekenkamer/Rek Rentmeester Land van Arkel
Achternamenindex
"item die exsijnsen tot Ghorinchem hebben samentlichen verpacht die borghermeisters ende t ghericht van Ghorinchem toter stede behoef voerscr, elcx jaers mijns Heren deel om 400 Wilh Holl sc, ende daer af her Otten van Vurn, den scout van den lande van Erkel 100 st, ende Reynout Serijs, den castelein, 100 st, soe blijft dat die rentmeester ontfanghen heeft 200 sc facit 200 sc"; uitgaven: "item heeft die rentmeester noch utgegeven ende betaelt heren Otten van Vuren ende him van sijnre mantale die hij tot Gorinchem gehouden heeft, verscenen op St Mertynsdoch na utwisinge synre bevelinghe 200 Wilh Holl scilde"
1519-05-30 |
Cartul Raamsdonk anno 1518 fol 11/Carthuizers te St Geerdenberg
Jaartallenindex
schepenen in Huesden tughen onder onze zegels dat Herman Adriaensz des hy mechtich was bede hem richten mitten recht voor zijn vervolgde schuld aen alle alzulk guede erfenisse, erfchynse, erfpacht, huer en jaerschaer als die erfgenamen van Adriaen die Coster in Babilonienbroec hadde liggende in de ban van Babiloninebroek in het jaar van 1519 op 14 Februari, dat is te weten een huijs als dat gelegen is in den banne voirs, oost: Joest van Gellekom, west: Jan Lambrechtsz, streckende van der Broekscher straten totten Gheerdyk toe. Noch 4½ hont lants gelegen in denselven banne gelegen over de dyk, oost: Joest Cornelisz, west: Offraen in Babilonienbroec, streckende van den dyk totten mydgrave toe, gecoft tegen de erfgenamen van Jacob Dirricx. Noch 11 hont lants gelegen in denselve banne, belent west: die Sartroysen van St Geerdenberg, oost: Offraen Jansz, streckende van den dwerssloot totter Midgrave toe. Ende vercoft deze voirs. erfnisse metten recht Jan Pouwelsz om 9 penn. als een ghericht goed ende een volboden. Hierna quam Jan Pauwelsz ende gaf desen selven coop den voirs. Herman Adriaensz weer over en verteech daarop te zijner behoef. Boven staat: een doorstoken brief van een huis met 4½ hont lants en 11 honts lants in Babiloninebroec opgewonnen, welk Ariaen die Coster in huere plach te hebben (vgl 1519-10-13)
Heeckeren, van | 1363-04-16
Van Mieris III p 143
Achternamenindex
Vrederic van Heker, ridder, zijn vrouw Lutgard van Rechteren, Evert van Heker, knape, en zijn vrouw Baete [Bertha] jvr van Almelo, verzoenen zich met Jan van Arkel, bisschop van Utrecht, en beloven o.a. dat hun huizen en vesten als Rechteren en Almelo open huis voor de bisschop zullen blijven, terwijl Evert en Berte beloven "ons nimmermeer en gheen hoghen ghericht te ondervinden tot Almelo, noch in den dorpen die daer toe horen", verder genoemd: Mastbroek. Genoemd worden: Jacob van der Aa, Gerrit van den Typecamp, Otto van Waekelde, Evert van der Ehze, heer Dirk van Rechteren, Lambert Eerstz van Isselmuiden als voorman zo zij het oneens zijn, Egbert Tatkinx, meyer tot Ootmarsum
Almelo, van | 1363-04-16
Van Mieris III p 143
Achternamenindex
Vrederic van Heker, ridder, zijn vrouw Lutgard van Rechteren, Evert van Heker, knape, en zijn vrouw Baete [Bertha] jvr van Almelo, verzoenen zich met Jan van Arkel, bisschop van Utrecht, en beloven o.a. dat hun huizen en vesten als Rechteren en Almelo open huis voor de bisschop zullen blijven, terwijl Evert en Berte beloven "ons nimmermeer en gheen hoghen ghericht te ondervinden tot Almelo, noch in den dorpen die daer toe horen", verder genoemd: Mastbroek. Genoemd worden: Jacob van der Aa, Gerrit van den Typecamp, Otto van Waekelde, Evert van der Ehze, heer Dirk van Rechteren, Lambert Eerstz van Isselmuiden als voorman zo zij het oneens zijn, Egbert Tatkinx, meyer tot Ootmarsum. Zij beloven de bisschop tegen een ieder te helpen behalve tegen Roderik van Voerst en zijn broers