Bedoelde u soms?
heelicke | hielicke | hilick | hilike | hilleke | hincke

10 resultaten

1412-11-11 |

Arch Marquette 1106 no 64/Cartul Assumburg; Cartul St Jan Haarlem no 468
Jaartallenindex

Dirck van Assendelft doe condt allen luden dat ick volge ende consenteere alle hilicke voirwairden die Heere Bartout van Assendelft, ridder, mijn Broeder, gemaakt ende gelooft heeft met Vrouwe Oedelen van der Horst, sine getrouweden wive, ende voirt alle testament die hij gemaickt heeft, of nog maicken zal, ende verlije alle aenspraik, aentael ende recht, dat op mij van Heere Bartout mijnen broeder voirs. besterven, erven of aencomen mach, van dyen hilicke voirwairden en testament voirsz

1496-02

folio 20v XX 1495-1498
Transportregister Haarlem

Adriaen Jan Claesz.z. erkent ontvangen te hebben van Claes Pietersz Hals 200 R gld die hij him te hilicke ende medegave geloeft heeft te geven mit Katrijn synre dochter na uijtwijsen der hilixe voorwaarden

1488-06

folio 148 CXXXIV 1486-1489
Transportregister Haarlem

Pieter Henricsz lyt dat zyn moeder Nelle Pietersdochter Henric Willemsz weduwe hem voldaan heeft de 500 R gld als zyn vader Henric Willemsz, him in hylicke geloeft hadde dien hij in wittachtigen hilicke vergaderde met Lysbeth Claesdochter nu zijn huisvrouw

1496-06

folio 37 XXXIV 1495-1498
Transportregister Haarlem

Adriaen Jansz lijt dat Claes Pietersz Hals hem voldaan heeft van alsulcke 200 R gld als hij him te hilicke en medegave beloofd had te geven met zijn dochter Katryn Claesdochter, ende daartoe 200 R gld an landen en renten

1501-03

folio 102 LXXXIV 1498-1501
Transportregister Haarlem

Rembrant Outgersz als man en voogd van Katrijn Willemsdochter, lijt dat hij ontvangen heeft van Hillegond Willem Jansz weduwe, zijns wijfs moeder, voor alzulke 300 R gld als zij hem metter voors. Katrijn Willemsdochter, hoer dochter, in hilicke ende te medegave geloeft heeft te geven. Eerst een stuck lants van 4 R gld sjaars, gelegen in de ban van Egmont, getaxeerd voor 80 R gld, ende daertoe noch an gelde 220 R gld

1493-03

folio 42v XXX 1492-1495
Transportregister Haarlem

Matheeus Mertsz kent dat zijn vader Martyn Jansz heeft geloeft en overgegeven, dat hij van stonde an ruymen zal zijn vaders huys niettegenstaende dat hem zijn vader in hilicke ende te medegaef geloeft heeft binnen zijnen huijse te houden zijn leven lanck,ende dat voor de somme van 25 R gld, die zijn vader daervoeren betaalt heeft. Op voorwaarde dat deze 25 R gld hem niet afgetrokken zal worden van zijn erfdeel of dat zyn vader hem niet onterven zal. Dit sal besegelen Jan Reyersz, schout van Sparenwoude. Schepenen: Dirick Reijersz en Jacob backer

1497-02

folio 56v L, LI 1495-1498
Transportregister Haarlem

Geertruid Symonsdochter Dirick Potters geechte wijf met haar man als voogd, lijt dat in de 300 R gld tot 40 gr t stuck an payment 1 gouden Andreas gld gerekent voor 4 s 8 d gr Vls als de voirs Dirck Potter nu in hilicke ende medegave gegeven heeft Dirick Potter bastaert met Hillegondt Henrixz, zij van hoeren goeden van heur zijde gecomen daertoe gegeven heeft 100 R gld ten prijse voors. Sterft Dirck Potter bastaert kinderloos, dan komen deze 100 R gld weer terug op Geertruden erven

1496-07

folio 39 XXXV 1495-1498
Transportregister Haarlem

Claes Pietersz van Duijsen erkent ontvangen te hebben van zyn broeder Lottyn Pietersz 150 R gld voor de mede- en hilicxe gave die hij hem beloofde "doe hij in wittachtige hilicke vergaerde mit Cornelie Jacobsdochter zijn wijf". Hij belooft verder dat indien zijn broeder Lottyn en Pieter Dircsz, hoer beider vader, sterven vóór hem dat hij dan niet uit hun erfenis mee zal deelen vóórdat hij de voirs 150 R gld heeft ingebracht. Verder zal Lysbeth Jacobsdochter des voirs Lottijns wijf uit hun beider gemene goederen 150 R gld vóór uit nemen eer iemand ter deling zal mogen innemen

1468-03-09 (1467) |

R.A.H. Coll Aanw 238 fol 350/Mem Hof van Holland
Jaartallenindex

de baljuw van Middelburch proponeert bij monde van zijn procureur hoe dat hier voortijts heer Phillips van Borssele here van Cortgene gaf tot enen wijve Heynric Jansz, jouffr. Katrijne zijn natuyrlicke suster, bastaaerddochter van here Claes van Cortgene, dair mede hij den voors. Heynric Jansz in hilicke gaff zekere goeden, dair tegens dat heer Jan Gillisz, deken van St Pieters tot Middelburch, Heynric zyn zoon voorn. gaf die somme van 3£ gr, die hij beloofde te beleggen an erven ende goeden bij goetduncken van heren Phillips voorn, ende daertoe zo gaf hij den voorn. Heynric zyn zoon zekere huysinge staende binnen der stede van Middelburch. Des is gebuert dat Heynric Jansz ende Jouffr. Katrijn voors. vergadert wesende in hylycke vercregen hebben een wittachtige zoon genoemd Claes Heynricsz die onlancx aflyvich geworden is zonder oir achter te laten. Mits der doot van denwelcken Claes voorn. een genoemd jouffr. Belye Heynric Jansz zuster voirs, natuerlycke dochter van here Jan Gillisz voorn. is in den sterfhuize gecomen van Claes Heynricsz, en oic die erfg. van here Jan Gillisz voorn. ter andere zyde, na inhoude van die huwelijkse voorwaarde. Doch ook de weduwe van Claes Heynricsz maakt aanspraak op diens erfenis. Schepenen van Middelburch oordeelden dat de erfenis gedeeld moest worden tussen de weduwe en de erfgenamen van Claes Heynricsz. Jouffr Belye en de erfg. van here Jan Gillisz kwamen hiertegen in verzet bij het Hof van Holland. De huw. voorw. hielden volgens hen in dat na de dood van Heynric Jansz zijn weduwe jouffr. Katrijne niets zou ontvangen, maar alleen het kind zou erven. Stierf dit kind zonder oir dan zou het huis komen op de andere kinderen van Heynric Jansz. Waren deze alle sonder oir gestorven dan zou de helft van het huis komen op jouffr. Kathrijn indien zij dat beliefde. Beliefde zij dat niet dan zou het huis komen op heren Jan Gillisz oudste kind dat hij hebben zou bij Margriete Heynric Janszoons moeder. Volgens hun eisch behoort het huis dus nu te komen op jouffr. Belije ende erfg. van here Jan Gillisz

1483-07-24 |

R.A.H. 108 Caput Kennemerland fol 1-4/Reg Max. Philipp. fol 1
Haarlem Algemeen

schepenen in Haerlem en leenmannen van de grafelijkheid oorkonden dat voor hen kwamen Jan van Schoten aen d'een sijde, Willem van Adrichem als oom ende Jan Jacobsz Casteleyn tot Schoten als .. ende oom van mr Willem ende Geryt Jacob van Schotens twee kinderen, anderzijds, dat zij de uitspraak verbleven zijn aan Claes Pietersz als Burgemeester en Adriaen van der Voorde, schepene binnen Haerlem als zegslieden van Jan van Schoten en Dirck Potter en Wouter Vechtersz als zegslieden van Willem van Adrichem en Jan Jacobsz uit naam van mr Willem en zijn broeder Geryt voorn, betreffende de erfenis aan beide laatstgenoemden toekomende bij brieven vanmakinge en overgifte tusschen den voirs. Jan van Schoten en wijlen Jacob van Schoten, vader van mr Willem en Gerijt voorn, gemaakte, en overige geven, opgekomen en aanbestorven mogen zijn bij doode van wijlen Ysbrant van Schoten, vader van Jan van Schoten voorn. en oudevader van mr Willem en Geryt. Deze zaak is reeds behandeld voor schout en schepenen van Haerlem, en voor de universiteit van Leuven, waar mr Willem en Gerrit studenten zijn. Zij onderwerpen zich aan de uitspraak op een boete van 1000 Eng. nob. De uitspraak luidt dat Jan van Schoten uit de leengoederen hem aangekomen bij dode van zijn vader Ysbrant van Schoten, den voorn. mr Willem als oudste zoon en leenvolger van wijlen Jacob van Schoten, vestigen en zal doen beleenen in 22 Wilh schilden sjaers, en dat voor gelyke 22 Wilh sc die den voors. Jacob van Schoten in voorleden tijden by den voirs. wijlen Ysbrant van Schoten in hilike ende medegave gegeven zijn geweest an seeckere landen in leen gehouden en gelegen buiten Delft, die later denselven Jacob met recht afgewonnen zijn. Jan van Schoten zal verder voor den heer van Naeltwijc kwijtschelding moetden doen van die 6¼ nobel sjaers an sekeren landen gelegen tot Warmont, als men van den vooirs. here van Naeltwijc in leen hield, de brieven die Jan van dit leen heeft, worden dood en teniet verklaard. Jan van Schoten zal bovendien aan mr Willem alle achterstallige renten moeten betalen van de voirs. 22 Wilh sch en 6¼ nobel sjaers. Mr Willem en Geryt ontvangen tezamen de helft van de zate lants geheten Poelsant, gelegen in Monsterambacht, waarvan de wederhelft toebehoorde aan Geryt Heerman, geldende de heele sate in huur ± 100£ Holl sjaars, die door wijlen Ysbrand aan Jacob van Schoten in hilicke ende te medegave gegeven is. Ende noch daertoe die huysinge mitten erve gelegen in de Smeërstrate tusschen Pieter Ballinck, docter, en Claes van Huessens erfnamen, terzamen aen d'een zijde, ende Jan van Scotensstege an d'ander zijde, afterwaerts treckende an mr Pieter ende Claes van Huessens erfnamen. Levert Jan dit huis niet over dan zal hij 200 R gld moeten betalen. Jan zal verder behouden al de roerende en onroerende goederen die zijn vader Ysbrand nagelaten heeft. Jan zal bovendien behouden een lijfrente van 10£ sjaars staende op de stad Haerlem

mr Jacob Bodewijnsz Doctoir ende Jan van der Meer, schepenen, Jan van Schagen en Florys Gael Claeszoon, leenmannen