Bedoelde u soms?
jaarsveld | jaarsvelt | jaersveld | jaersvelt | jairsfelt

8 resultaten

1399-01-08 |

R.A.H. Coll Aanw 178 fol 279/Inv anno 1441 fol 146; R.A.H. Coll Aanw 181 fol 71/Groot Repertorium mr P. Beoostenzwene
Jaartallenindex

Henric van Slijc draecht op voir scout ende buyren van Jairsvelt tot sgraven behoef van Hollandt den eygendom van 2 mergen lants gelegen in den gerechte van Jairsvelt voirs

1428-10-18 |

R.A.H. Coll Aanw 203 fol 17v/Memoriale Rosa I fol 8
Jaartallenindex

hertog Philips: want Jan van Vyanen van Jairsvelt van ons alse van der graefscip wege van Hollant dieselve heerlicheit van Jairsvelt mit horen toebehoren houdende is te leen, zo neemt de hertog deze heerlijkheid in zijn bescherming en beveelt dat allen de inwoners vrij zullen laten van roof en brand

1514-02-21 (1513) |

A.R.A. 488 no 140/Sent. Hof van Holland
Jaartallenindex

heer Jan van Vyaenen Heere van Jairsvelt contra die heere van Brederoe. Het Hof ordonneert dat verweerder visie zal mogen nemen van de mandamenten bij den impetrant geproduceerd (zie ook no 192)

1461-06-02 |

H. Bordewijk: Arch Langerak p 167 regest 53
Jaartallenindex

Elbrich van den Boetzelaer, vrouwe tot Asperen en Langerak, beleent Aernt van Wistelrode, op verzoek van Ghysbrecht van Brederoden, domproost van Utrecht, met 5 ½ morgen land gelegen in het gerecht van Jairsvelt geheten Thont (vgl 1474-11-24, 1438-06-02)

1429-07-07 |

R.A.H. Coll Aanw 203 fol 83v, 219v/Memoriale Rosa I fol 34v, 92
Jaartallenindex

gaf mijn heer geleide Jan van Vyanen van Jairsvelt mit 4 knechten die balling noch vyande en sijn, en also verre als mijn heer van Utrecht denselven Jan niet gebannen en kent na der geestelicke jurisdictie, veijlich te varen, te merre etc durende tot Bamisse toe, of hierbinnen 8 dagen post revocationem; 1431-06-27: geleide voor Jan met 2 knechten tot Bamisse toe "indien dat die dienste Gods in der heijligen kercke bij hem niet belet en werde "

1474-03-09 |

R.A.H. Coll Aanw 104 Caput Kennemerland fol 37-39 (fol 11v)
Jaartallenindex

hertog Karel beleent Walraven heer tot Brederode, Vianen etc met al de goederen hem aangekomen bij dode van zijn vader heer Reynout wijlen heer tot Brederode, nl alsulke heerlijkheden, goederen, ambachten, tienden, wilt, wildernisse, windval, weyde van beesten etc, op die zuidzijde van de Herlemmerwech die men gemeenlyck hiet den Zylwech, recht opgaende duer dat Swartevelt tot an der Zee toe ende van der noortsyde van Santvoirt alsoe voort, met de smaltienden van Heemstede. Tot een recht leen. Hij zal moeten bewijzen dat jvr Margriete van Steijn en haar voorzaten die goed evenzoo bezeten hebben. Item noch dat ambacht van Velsen met noch die alinge heerlycheden ende goeden tot Voshole. Item noch die Burch mit hoirer hofstede, deels in deels buiten de stad Vianen, ende voorburcht. Tot een recht erfleen, te verheergewaden met een roode havik. Item nog de hoge heerlijkheid van Jairsvelt. Item dat huys tot Jairsvelt mitter hofstede dairt op staat en 14 morgen lants etc. Item noch die goeden ende gerechten van Bolgerije van 16 hoeven lants, tienden en tijnsen en verder alle andere leenen die zijn vader heeft. Daar hij nog onmondig is, doet Dirck van Hoeckelem, zijn gecoren voogd in dezen, hulde, eed en manschap voor hem

1420-09 - 1420-12 (3) |

R.A.H. Coll Aanw 55 fol 7, 10/Privilegia 1420-1433 fol 3v
Jaartallenindex

(vervolg II) Ende Jairsvelt hielden sij ghemeen. Ende elck ontfinck sijn deel van Hollandt te leen. Des starff Heer Otte Heer van Asperen, ende erffde dat heer Otten sinen soin. Heer Otte, sijn soin [voorn.], die bleef doot voor Ludick. Doe nam die dochter van Asperen te manne den heere van Borne. Dair hadde sij bij drie zoinen, die storve alle drije voir der moeder. Des soo vercoft die Heer van Born ende sijn wijff [aen] Heeren Jan van Arckell des heeren oudevader van Arckell die nu is, dat huuz tot Hagenstein, Gaspernweerde ende Jairsvelt. Dat Wael en konde die van Borne niet verkoopen, want die oude Heer van Asperen [aen] heeren Gherijt synen zoon dat ghegheven hadde. Des so starff Heer Jan heer van Arckel ende erffde die heerschappye van Haghensteyn heeren Otten syne zoon, heere van Arckell. Ende Heer Otte heere van Arckell is ghestorven ende erffde dat heer Jan zijnen zoon. Uit fol 10 blijkt dat de heer van Culenborch door hertog Albrecht beleend was anno 1397; dat op 1344-04-22 de heer van Culenborch en de heer van Asperen beleend waren; dat op des Dinsdages na Kateryne hertog Albrecht Jan van Arckell heer Ottenz beleend had anno 1387

1422-06-05 |

R.A.H. Coll Aanw 48 fol 99/Reg Albrecht II fol 72v
Jaartallenindex

ic Otte van Schonouwen heer Janssoen van Schonouwen bekenne mit desen openen brieve van den goeden van Scoenouwen, mit al den gerechte, hoge ende lage, thijns, tiende ende erfnisse, gelegen in den lande van Vyanen, die wyleneer heer Gysbrecht van Vyanen in voortyden an handt Wouters van Ingen verset heeft voor een somme geld te losen, ende had Wouter voirs. die beleent etc, ende die voort bij dode van Wouter anquamen an der Vrouwen van Schonouwen Woutersdochter, mynre liever vrouwe moeder zal. ged, die sij heer Henric heer van Vyanen mit synen brieve beleent ende verlijt hadde tot een onversterfelijk erfleen. Dit goed was na dode van zijn moeder aan Otto gekomen doch door verzuim en wanverzoek ledig blijven liggen. Nu wordt hij echter toch weer beleend doch verkoopt het weer tbv en aan de heerlijkheid van Vianen. Hij draagt het vervolgens op aan heer Jan van Vyanen heer tot Nordelose als vertegenwoordiger van Reynout heer van Brederode, Gennep, Vianen en Ameide. Jan van Vyanen heer van Noordeloos aanvaardt deze opdracht door zijn neef Otto van Schonouwen gedaan, anno 1422 Vrydags na den H. Pinxterdach

mannen van leen: Johan van Vyanen heer tot Jairsvelt, Henric van Vianen, Allairt van den Wale, Splinter van den Vliet, Willem van Ryswyk, Hubert van Laer, Dirc v.d. Oever, Dirc Henricsz, Claes van den Wilden