Bedoelde u soms?
onrechten | opdrachten | oprechten | opzichte

10 resultaten

1464-09-11 | Brederode

V.R.O.A. 1909 p 118 no 40/Arch Detmold-Brederode
Jaartallenindex

beschikking van hertog Philips waarbij op verzoek van heere Reinold here van Brederode het kwade leen van Brederode, Voshol en Schoorl, veranderd werd in een goed erfelijk en onversterfelijk erfleen, op voorwaarde dat de Heeren van Brederode het huis van Brederode weer in goede staat zouden oprichten

1398-10-09 |

R.A.H. Coll Aanw 47 fol 536v/Reg Albrecht V fol 299 no 1264
Jaartallenindex

hertog Albrecht vergunt aan Heer Florys van Alcmade, in het bezit van onse Casteleinscap van Heemskerc, de wintmolen aldaer, die van winde ende onweder ter neder gevallen is, weer op te bouwen, waar hem dat het best uitkomt. De hertog belooft hem hiervoor 200 Wilh scilden bij beeindiging van zijn casteleinschap te betalen. Tevens belooft hij aan niemand anders vergunning tot het oprichten van een windmolen te zullen geven (1398-11-05, 1398-11-13)

Assendelft, van | 1641

Inv Arch Assumburg p 86 no 943
Achternamenindex

Jacob Jacobsz Laan verklaart schuldig te zijn aan de heer van Assendelft een erfpacht van 3 £ per jaar wegens het hem toegestane verlof tot het oprichten van een oliemolen binnen de heerlijkheid van Assendelft op de Laysloot [deze molen is genaamd het Roode Hert, 17e eeuwse aantekening]

Gellicum, van | 1415-06-10

Cartul Marienweerd no 553
Achternamenindex

Willem van Gellichem en Rolof van Gellichem, schepenen van Deyl, oorkonden dat de abt en proost van Marienweerd hebben beloofd aan Geraert van Ackoy, bastaard, dat zij na de dood van Dederick Splinter drie missen elke week zullen opdragen op een altaar dat Dederick Splinter heeft doen oprichten in de kerk van Beesde

1641-01-24~ |

V.R.O.A. 1909 p 271 no 15, p 272 no 16/Arch Tilburg, Goirle
Jaartallenindex

de Raad en Leenhof van Brabant en lande van Overmaze beleent vrouwe Maria van Malsen, gravinne douagiere van Grobbendoncq "ter tochte" met de heerlijkheden van Tilburg en Goirle (vgl 1621-12-30); 1651-01-10: de Staten Generaal der Ver Ned verlenen aan Lanceloth graaf van Grobbendonck octrooi voor het oprichten in de heerlijkheid Tilborgh van twee windmolens, te weten 1 volmolen en 1 korenmolen, mits jaarlijks op Bamis aan de Domeinen voor iedere molen betaald wordt een recognitiecijns van 8£ 18 scell Artois, en dit octrooi ter griffie van de leen- en tolkamer der stad 's- Hertogenbosch doende registreren (vgl 1691-12-19)

Buren, van | 1315

Cat Inv Arch Kapittel St Pieter no 362
Achternamenindex

Allard van Buren en zijn zoon Otto verklaren dat het dorp Tricht in hun heerlijkheid tot de aan het kapittel van St Pieter te Utrecht behorende parochiale kerk van Malsen behoort en dat gemeld kapittel het recht van collatie zal hebben, als zij of anderen een kapel of kerk te Tricht mochten oprichten, terwijl de bedienaars van die kapel nimmer enige aanspraak op de tienden van Tricht zullen kunnen maken

Verhouff | 1563-1567

Grote Raad Mechelen Beroepen Holland dl VI dossier 594
Achternamenindex

Claes Dircsz Verhouff (ook van der Goude) ging in 1562 een maatschap aan met Steven van Baesrode tot het oprichten van een mouterij buiten Jan Rodenpoort bij Amsterdam: ruzie, financiële moeilijkheden; hij wilde zijn goederen cederen, maar crediteuren verzetten zich hiertegen; 1564-1567: Claes had van enige kooplieden te Amsterdam duizenden gld geleend om in oktober 1563 graan te kopen, terug te betalen 1564-02-02, hetgeen niet gebeurde

1530-03-26 |

Grote Raad Mechelen E.A. Dossiers dl III dossier 2742
Jaartallenindex

sententie van de Grote Raad van Mechelen in het proces tussen Procureur-Generaal contra Jan van Silly, heer van Schoudee en Assemansbroeke [of Broeke, voormalig dorp op Zuid Beveland], Jan Cornelisz klerk en kerkmeester en Hubrecht Cornelis Symonsz e.a. Er was tussen verweerders en Guydo van Bloys een proces voor het Hof van Holland ontstaan over de verwijdering door verweerders van een graftombe die Guydo in de kerk van Assemansbroeke (verdronken land van Reimerswaal) voor zich en zijn vrouw had laten oprichten. Jan van Silly had zich als patroon van de kerk gevoegd bij verweerders. Hij beriep zich op de door de deken van Zuid-Beveland verleende toestemming tot het weghalen van het grafmonument dat door zijn plaatsing een obstakel voor de godsdienstplechtigheden zou betekenen. Het Hof veroordeelde verweerders tot terugplaatsing van de zerk en schadevergoeding. Hiervan gingen zij in appel. Tijdens het proces voor de Grote Raad diende de Proc. Gen. een eis in tegen verweerders tot verbanning en confiscatie van hun goederen. De Grote Raad velde in 1530 vonnis in beide kwesties, de sententie van het Hof van Holland werd bekrachtigt en tevens werd een boete opgelegd

1512-10-25 |

Kroniek Hist Gen jg 1846 p 360/Arch 5 Kapittels Utrecht
Jaartallenindex

de regeringen van Deventer, Kampen en Zwolle herinneren de Staten van Utrecht aan hun mededeling van 9 Juli, inhoudende het oprichten eener veste te Meppel door den ambtman van Coeverden, Roelof van Munster, t welck door Overyssel was ter neder geworpen. Voorts aan de belofte hun gedaan bij schrijven dd 20 Juli, dat indien Roelof ingevolg het besprokene te Gramsbergen bleef weigeren om het huis Coeverden voor den bisschop te openen, zij daarin het nodige zouden doen. Zij berichten dat alle pogingen van de bisschop daartoe krachteloos gebleven zijnde, eindelijk die teruggave voor de som van 700 à 800 gld moest worden gekocht, en dat Roelof vernemende dat hij [de bisschop ?] hem van zijn ambt ontzetten wilde, in de grachten onder het water heimelijk de staketsels heeft ontvest en de daaraan vastgemaakte touwen onder water heeft doen zinken, zodat hij bij zijn nachtelijke overval zeer gemakkelijk de staketsels omver halend, het huis in zijn macht heeft gekregen. Zij verontschuldigen zich dat zij hun gedeputeerden niet naar Utrecht kunnen zenden. Zij delen voorts mede dat Roelof in dit huis met leef- en krygstogt door het nieuwe opgerigt blokhuis te Groningen versterkt wordende, Drenthe en een gedeelte van Salland onder dingtaal brengt. Zij verzoeken ten spoedigste gevolmachtigden over te zenden om te beraadslagen over het bedwingen van dien euvelen moed

Baesrode, van | 1563-1567

Grote Raad Mechelen Beroepen Holland dl VII dossier 613
Achternamenindex

Steven van Baesrode ging in 1562 een maatschap aan met Claes Dircsz Verhouff over het oprichten van een mouterij op een stuk grond te Amsterdam buiten de Jan Rodenpoort opt Meeterspat, van Symon Appelman. Van de koopsom van 2000 gld zou 200 gld contant worden betaald, verder elk jaar 200 gld, vanaf het jaar 1563. Van Jan ten Grootenhuis kochten ze 40 lasten en een aantal mudden gerst voor 1250 gld en 8st. Ieder zou hiervan 625 gld 4st betalen. Later kregen ze meningsverschil. Op 1563-10-01 sloten ze een accoord: Steven zou de mouterij behouden en aan Claes de 200 gld die hij aan Appelman betaald had en voor de gerst betalen. Al wat ze samen aan Appelman en ten Grotenhuis schuldig waren zou Steven voldoen. De termijn die in april 1564 verviel, groot 625 gld 4st, verschuldigd aan Grotenhuis werd door Steven echter niet voldaen. Claes Verhouff raakte in financiële moeilijkheden en werd gegijzeld. Toen hij cessie van zijn goederen voorstelde, weigerden 3 van zijn crediteuren. Schepenen van Amsterdam stelden op 1563-12-23 hun beslissing uit. Ook Steven kon zijn crediteuren niet meer betalen. Bij accoord april 1564 droeg hij hun o.a. het huis "de drie Ouwenaars" over, dat verkocht werd aan Pieter Fransz. De crediteuren legden beslag op de koopsom; 1566-10-23: schepenen verklaarden dit beslag terecht gedaan. Ook Claes Verhoef diende een vordering in tegen Steven die intussen naar Mechelen verhuisd was. Processen voor schepenen van Amsterdam, het Hof van Holland en in oktober 1567 voor de Grote Raad te Mechelen