5 resultaten
1432-05-27 |
R.A.H. Coll Aanw 203 fol 289v/Memoriale Rosa I fol 116
Jaartallenindex
hertog Philips laten u weten onsen rentmeester van Zuythollant Jan van der Lijnde, also wi wail vernomen hebben dat Dirck van den Poel onse goede en renten gelegen binnen uwen bedrive, voir onsen bailius ende mannen van Zuythollant te hoger vierschaer angesproken heeft, om gebreke wille van renten, die men hem jairlix uytreiken en betalen soude uten gruytgelden ende tollen tot St Gheerdenberge naer inhout synre brieve. Dair him van onsen mannen aldaer wi verstaen, af toegewijst is verhael an onsen renten ende goeden voirs te hebben. Daar onse neve Engebrecht grave van Nassau deze rente aan Dirc moet betalen, daar hij de goeden van St Gheerdenberge in handen heeft, hetgeen hem ook door de hertog geschreven was, beveelt deze laatste nu aan de baljuw de goederen van de graaf aan te tasten en daarop alle verschuldigde renten en geleden schade te verhalen
1417-11-06 |
G.A. Alkmaar Klooster Oude Hof Alkmaar no 31
Jaartallenindex
ic mr Costyn Pietersz make cond dat ic vercoft hebben den susteren van penitentie tot Alcmer wonende after die Toorne, een huys en erve in huurwaer jaerlix om ½ gouden Eng. Eduardus of Ritsardus nobel, durende tot ewige pacht sonder voorhuer, stende ende leggende binnen de vryhede van Alcmaer after die kerke, streckende westwaarts an der stede Veste ende is after alsoe breet als dat huys begrepen heeft dat daer nu ter tyt op staet, ende voert van die huys horne tot an dat kerchof also breet als dat nu is, noord: Gheryt Rembrantsz capelrie, zuid: dat beghinenhof. Daar mr Costyn zelf geen zegel heeft, zegelen mr Jan Claesz en heer Gheryt die Bloet voor hem. "Dit is een copie van die pacht die wij Jan van Noirt mr Gherytsz jaerlics betalen en weder plegen te ontfangen van die kerkmeesters waar wij nu voirtan ontfangen sullen alsoe langhe als sij niet weder een toern maken, maer dan sellen si ons die pacht jaerlics wedergheven of uytreiken anno 1401". Ook het origineel van de brief van mr Costyn Pietersz is aanwezig
zegel van mr Gerrit die Bloet: klimmende leeuw met dwarsbalk er over heen, mr Jan Claesz: 3 kepers
1488-01
folio 120 CIX 1486-1489
Transportregister Haarlem
Ysbrant Dircsz met Geryt Berwoutsz als door de Raad der stede over hem gezette voogd, ter eenre, zyn zoon Dirck Ysbrantsz voor zich zelf, en Reijer Jansz in de naam van zyn vrouw Alyt Ysbrantsdochter te samen an d'ander zyde, lijen dat zij van malcanderen gesceiden zyn van de erfenis van Dieuwer Hermansdochter, doe zy leefde des voirs Ysbrants wyf ende der kinderen wijlen moeder. Ysbrand zal blyven an t huys en erve dar hij en Dieuwer tesamen bewoonden in de Batte Jorysstraet. Dirc zal hebben t huys en erve op ten hoeck van Crauwelsstege. Reyer zal hebben de boemgaert liggende op Matte Colen laen. Des syllen zy twee him uytreiken ½ van 7 R gld sjaers daer de voirs Ysbrants huys mede is belast, af te lossen door hen met 100 R gld
1458-10-31 |
R.A.H. Coll Aanw 336a
Jaartallenindex
richter en heemraders in den ambacht van Bezoyen oorkonden dat Claes die Wolf als kerkmeester, Symon Jansz als H. Geestmeester, en Beatrys Wouter Melisz weduwe met haar gecoren, overgegeven hebben een stucke lants oestwaert gelegen nevens Cornelis Matheysz erve ende Lambert Melisz erve, ende westwaert an Anzem die smits ende Gerrit Stappers wijf en sijne kinderen erve plach te wesen. Wessel Willemsz tbv Gerrit van Assendelf voor 2 mad goets rogs jaarlijks te betalen op OLVr dach te lichtmisse, die hem Wessel of yemant anders van Gerrits wegen uytreiken zal die hem Yeven Roelofsz daer jaerlicx ut sculdich is, in aldus daniger manieren dat Yeven Roeloffsz Geryt's voirs twee molens bemalen sal drie jaar lang. Ende hierenboven heeft Yeven voirs. noch een wilcoer gedaen voir 100 Bourg. schilden op zyn huis en erf daer hij thans in woont, ende oic syn t voir werden teynden deze 3 voirs. jaren, als Yven voirs. Gerrit al voldaen heeft van den molen voirs, soe hebben Dirc van Eck die richter en Pieter Jacobsz geloeft dat Gerrit voirs. Yeve voirs. dat voirs. land tenden desen voirs. jaren alzo vrij weder overgeven sal alst an hem gecomen is. Want wij heemraders genen gemenen zegel en hebben, zo hebben wij gebeden Dirck van Eck voor ons te zegelen [verdwenen]
Dirck van Eck, richter, Claes die Wolf, Willem Jan Arntsz, Pieter Jacobsz, Symon Jansz, Willem Heynricsz, Dirc Jansz van Amerzoyen en Pieter Wouter Melisz.z, heemraders
1434-01-23 (1433) (2) |
R.A.H. Coll Aanw 204 fol 370-376/Memoriale Rosa II fol 141
Jaartallenindex
(vervolg) 9) Aernt zal aan de kerk van Heusden betalen 36 cronen die noch gebraken an 60 cronen die buemen [?] aan Aernt geleend hadden, also Buemen voirs en zyn wijf dit geld aan de kerk van Heusden gegeven hadden; 10) van den gebreken die Heynric Polslauwer van Aernt eyscht zal Aernt hem 27 Wilh scilden betalen die Heynric eyschet van twee beersen. Vooraf zal men echter bezien de rekening die Aernt ten Hove gedaan heeft: Bevindt men dairin dat hij dat ghelt gerekent heeft, ontfangen van afterstallige beden van hertoge Willem, van Henrix vader, dan zal men Aernt ongemoeyt laten. Bevindt men dat Aernt niet gerekend heeft of Pieter van Drongelen in zyn naam, so sal Aernt aan Heynric weer dat geld uytreiken. Ende van de 82 cronen die Heynric van Aernt afgescat zijn, daeraf zal Heynric Aernt ongemoeyt laten; 11) van den lande dat Aernt die Coster en Jacob Rutgersz in hure hadden ende sy hebben laten liggen van den pacht, dat up deze tyt een deel besaijt is, dat sullen diegenen mogen gebruken die dat op dese tyt angevaert hebben, tegen betaling van de pacht aan Aernt's rentmeester; 12) van sulken gebreken als die here van Buren heeft an Aernt van Zevenbergen, dat zal Aernt moeten voldoen voorzover die here van Bueren bewijs kan leveren. Gegeven tot Leiden, des Vrydages na St Agnietendach anno 1433 na den lope v.d. Hove