3 resultaten

1516-01-26 (1515) |

R.A.H. Coll Aanw 241 fol 105v/Mem. Hof van Holland
Jaartallenindex

compareerde voor den Hove vrouw Janne van Reymerswale, weduwe van heer Jan Noortich ter eenre, en Dirck van der Does, ter andere zijde. Ende die voors. Dirck bekende der voirs. vrouwe Janne die possessie van den scoutambacht van Nortich mitsgaders beide wintmoelen aldaer, ende beloofde haar daarin te laten en die selve vredelick ende paisivelick te gebruiken, achtervolgende zeker appoinctemente tusschen himluiden gemaict bij tussenspreken van eenige goede mannen op 1511-04-03 voor Paschen. Hij belooft ook aan vrouw Janne te betalen 11 R gld die hij van de voors. molen ontvangen heeft en nog 13 gld van het schoutambacht. Partyen submitteren hun geschil over de kosten die Dirck voirs tegen de Proc. Gen. gehad heeft in de Grote Raad te Mechelen aan heer Florys van Wyngaerden, ridder, heer van Ysselmonde en mr Jasper Lievensz, Raad

1508-12-13 |

R.A.H. Coll Aanw 113 Caput Putten etc fol 24
Jaartallenindex

leenmannen binnen den lande van Putten certificeren dat Anthonis Aertsz hun heeft opgedragen alsulck leen als hij heeft legghen binnen den ambacht van Spickenisse, [aan] een genoemt Michiel Pietersz van Bronchoerst, op deze tyt scut van Geervliet, ende dit voors. leen is een hofstede in Spikenisse, met een duyfhuijs daerop staende, ende met den wech, ende met 10 schell Holl uit den schote van Biervliet. Daar leenmannen geen zegels hebben, verzoeken zij Jan Jansz van der Woorff voor hen te willen zegelen, waaraan hij voldoet. Volgt: ick Cornelis Anthonisz, van Spyckenisse, kenne en lye, als dat ick tevrede ben dat Michiel Pietersz van Bronchorst, scut van Geervliet, dat hij alsulcken leen rustelyck ende vredelick ontfangen mach als hij gekocht heeft van Anthonis Aerntsz, minen vader, liggende in den ambacht van Spyckenisse. Hij heeft dit cedul zelf geschreven en ondertekend 1 Febr. 1509 (vgl 1509-02-03)

Jacob Anthonisz en Adriaen Ariensz, leenmannen

1407-04-06 |

R.A.H. Coll Aanw 70 fol 26/Memoriale B.F. fol 16v
Jaartallenindex

hertog Albrecht (!) belooft Jan van Herlaer van der Huel of sinen erven dat wij him dat huys ter Huel weder op sullen doen timmeren van die van Utrecht also goet als dat was eer sijt nederworpen, binnen sjaers na datum des briefs. ende wairt sake dat wi des niet en deden, noch gedoen en konden, so sullen wi Jan van Herlaer voirs. of sinen erven binnen denselven jair aldair voir doen geven also veel gelts als ons selven en Jans vrienden van Herlaer voirs. die hi daertoe setten sal, redelic en mogelic duncken sal sonder argelist. Voirt geloven wi in goeden trouwen tot wat tiden dat ons Jan van Herlaer voirs. vermaent of vermanen doet, him sijn goede verlien sullen die hi in Lopick liggende heeft sonder vertreck van ons te houden tot enen oversterfelijken rechten erfleen gelijck sijn brieven inhouden, die hi van hertoge Aelbrecht en van ons daerof heeft. Voort geloven wij Jan voirs. dat hij sijn goede die hi in Lopic liggende heeft, ende van ons te leen hout, rustelic ende vredelick gebruken sal tot syn oirbaer. Gegeven binnen onser stat van Gornichem