3 resultaten
1480-01-05 | Assendelft
Arch Marquette 1106 no 83/Cartul Assumburg
Jaartallenindex
Gerbrant Claesz, schout van Assendelft, oorkondt dat Claes Vredericszoon verklaarde dat hij op den 20e mei 1479 (1479-05-20) verkocht heeft aan Gherit heer van Assendelft zijn huys ende zijn hoyhuyse mit die geheele worff, erve ende hoffstede daertoe ende voirt mit alle zijnen toebehooren buyten den Nieuwendam ende binnen geleghen; welcke huysinge ende hoffstede Claes Vredericxz doe ter tijt zijn vrij eygen was etc ende op woenachtich was, leggende en staende binnen den ban van Assendelft op ten Nyeuwendam an die noortwestzijde van den grooten gate gelegen in den Nyeuwendam, daer bij gelendet zijn noortwest: Gherit Gherit Juttenzoen, zuytwest: dat groote gat van den Nyeuwendam. Ende want Claes Vredericsz gestorven is op ten 5e dach in Decembri zoe is Gheertruudt Claes Vredericxweduwe gecomen mit Gheryt Vredericxz, hoer voecht ende mombers hant ende mit Gherit Claesz ende Tammaes Gerbrants, haere twee dochteren mannen ende voechden, die verklaarden de koopsom ontvangen te hebben en volledig voldaan te zijn
tugen: Jan Duyvesz, Willem Claes Heynricxz, Rolof Baertsz, Betger [?] Jacobsz, Claes Pietersz, als schepenen tot Assendelft
1580-09-22 | Koedijk
R.A.H. O.R.A. 6218 fol 1, 4, 5
Jaartallenindex
schout en schepenen te Coedyck oorkonden dat Reyer Gerytsz en Jan Gerijtsz, buyrluyden tot Coedyck, erkennen verkocht te hebben aan Pieter Bicker Pietersz, nu ter tyt poorter tot Alckmaer, een jaarlijkse losrente van 30 Kar gld, losbaar met 500 gld. Onderpand: 1 morgen 110 roeden land in de ban van Coedyck, int zuytwest in den Daelmeer, genaemd Alijt Pieter Comens weydt, belend noord: Reijer en Jan Gerritsz voors, noord: de Co. Maj, west: Pieter Bartholomeusz, zuid: die Daelmeer, die comparanten van de voors. Pieter Bicker gecoft hebben. Op 1630-03-09 afgelost bij Mathys Jansz. Zonder datum: Cornelis Dircsz Gues erkent schuldig te zijn aan Aerjan Symon Heijnsz van Huysweert, 12 gld jaarlijkse losrente, houdende op Grietgen, die huysfrou van heer Jan Aeriaensz van Alckmaer, verschenen 1581-12-27, verzekerd op ½ huys en erf staande op t zuytendt van Coedyck, zuid: Cornelis Garbrantsz Croon, noord: Maerten Doevisz (fol 4). Zonder datum: Frans Pieter Hofkis en Pieter Pouwelsz van Bergen scelden quyt een huis en erf op t zuytendt van Coedyck, by haar luyden vercoften enen Jan Frerycxz sa., belent nu ter tyt zuid: Cornelis Dircsz en Bouwen Claesz, noord: Jan Cornelisz Baes. Volgt een akte van 1581-01-10: schout: Jan Gerritsz, schepen Matheus Arysz (fol 5)
Jan Gerytsz, schout, Theeus Arijsz en Symon Jansz, schepenen
1532-10-28 (2) |
Arch Marquette 1106 no 135/Cartul Assumburg
Jaartallenindex
(vervolg) 5) ⅛ deel in die Breecamp gemeen leggende mitten baghijnen in de Beverwijck ende belent hebben zuidoost: die heere van Assendelft mit landt dat Rusgen Willem Willemzoons weduwe gebruyct, zuidwest: Aelbrecht van Egmondt, noordwest: die heere van Assendelft met die vier geersen, noordoost: dezelfde met dat Laechgen dat Gerbrant Bertelmeusz bruykt, die welcke gebruyckt wordt bij Margriete Gheryt Dircxzoons weduwe opt Hoflandt, jairlixe om 11 Kar gld. Portie van W.v.d.B. 27½ stuvers. Noch diverse perceelen gelegen in de voors. ban van Heemskerk. 6) eerst ⅛ deel van den croft met een weyde zuydoost dairof gelegen ende tesamen belend noordwest: die voors. Heere van Assendelft met zijn croft, zuidoost: dieselve met t land dat wijlen de vrouwe van Assendelft gekocht heeft van Ghijsbrecht van Zwieten, jvr Lutgert van Zwieten weduwe Gheryt van Schoten, Ghysbrecht van der Bouckhorst en jvr Johanna van Schagen weduwe van Floris van der Bouckhorst ende van Heere Jacob heere van Wyngaerden, zuidoost en zuytwest: die hofstede dair Cornelis Heynrixz althans op woent mede den voirs. Heere van Assendelft toebehoerende; 7) ⅛ deel van een stuck lands geheten die Mersch, ende belend noordwest: die here van Assendelft mit Frederixvenne, zuidwest: een stuck landts dat Willem Arysz bruyckt, zuidoost: Willem Pietersz, poorter der stede van Haerlem, noordoost: die heere van Assendelft met die voorsz Mergriete Maerten Dircszoons weduwe; 8) ⅛ deel van de Riedtcamp belend noordoost: die Maedtwech, zuidwest: die twee aeckermaeden ende noordoost: Papencamp; 9) ⅛ deel van een camp gelegen bij den dyck, groot ± 5 maeden, ende belend noordoost: Thaems Gherytsz, zuidoost: Pieter Gerytsz, noordwest: Thaems Danielsz, zuidoost: de dijck; 10) ⅛ deel van de helft van een camp lands gelegen bij den Zwaensmeer, belend oost: Aelbrecht van Egmondt, zuid: Jan van Foreest, west: Trappekenlant, ende bruyct Lourens Willemsz